Commentaar Haga Lyceum

Niet het onderwijs ondermijnt het Haga Lyceum, maar de directeur

Kinderen in de pauze op het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Beeld Freek van den Bergh

Het aanhoudende debat over het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam kan niet los worden gezien van het groeiende politieke ongemak over de grondwettelijke vrijheid van onderwijs. Bijna een eeuw lang stond artikel 23 te boek als een van de verworven­heden van onze samenleving. Er zijn veel goede scholen voortgekomen uit het recht van maatschappelijk ­betrokken gemeenschappen om het onderwijs aan hun kinderen op eigen wijze vorm te geven.

Dat een groeiend deel van het parlement er vraag­tekens bij plaatst, moet dan ook vooral worden verklaard uit de opkomst van het islamitisch onderwijs, een nieuwe onderwijszuil in een land dat juist zo druk was met ontzuilen. Als daar signalen bij komen dat er op de islamscholen een klimaat heerst dat is gericht op ­afzijdigheid of zelfs afkeer van de Nederlandse samen­leving, rijst vanzelf de vraag of de Grondwet hier niet averechts begint te werken.

Daarbij past een belangrijke nuancering. Het geven van onderwijs is weliswaar vrij, maar de overheid ­beslist over de deugdelijkheid. Er is geen grondwetswijziging nodig om scholen tot de orde te roepen, dat kan ook via de inspectie. En dat is precies de weg die de overheid nu met het Haga Lyceum bewandelt.

Dat heeft wel even geduurd, want aanvankelijk speelden de Amsterdamse burgemeester Halsema en minister Grapperhaus van Justitie het via de inlichtingendienst AIVD. Die meende gerede risico’s te zien dat leerlingen op het Haga geïnjecteerd zouden worden met de radicale islam. Halsema vloog er met gestrekt been in, maande het schoolbestuur tot opstappen, dreigde met het stopzetten van de financiering en waarschuwde ouders hun kinderen niet bloot te stellen aan het Haga. Dat sorteerde niet veel effect: inmiddels is de werkwijze van de AIVD zelf onderwerp van een onderzoek en stromen de nieuwe leerlingen juist toe. De islamitische gemeenschap in Amsterdam lijkt een signaal te willen geven dat ze niet zomaar gestigmatiseerd wenst te worden.

Voor dat sentiment is enige rechtvaardiging te vinden in het verslag van de inspectie dat deze week openbaar werd. De inspecteurs benadrukken dat het Haga-onderwijs niet in strijd is met de basiswaarden van de democratische rechtsstaat. De onderwijskwaliteit is in orde en er zijn geen aanwijzingen dat in de klas dingen worden gepredikt die de integratie van de leerlingen in de weg staan. De AIVD en Halsema zijn hier wel erg hard van stapel gelopen.

Toch past het de almachtige Haga-directeur Soner Atasoy niet om nu te doen of er niets aan de hand is. Vrijwel alle kritiek die de inspectie wél heeft, is immers tegen hem gericht: provocerend gedrag, slechte communicatie, belangenverstrengeling, ongerechtvaardigde verrijking met onderwijsgeld en, bovenal: contacten met dubieuze mensen, waardoor hij zijn school hoogstpersoonlijk blootstelt aan de verdenking dat er dingen gebeuren die het daglicht niet kunnen verdragen. Geen wonder dat Atasoy er maandenlang alles aan deed om publicatie van het inspectierapport te voorkomen. Niet zijn school is het probleem, maar hijzelf.

Uiteraard heeft hij het volste recht om zich tegen die aantijgingen te verweren. De rechter zal uitmaken of hij gelijk heeft. Maar daarop kunnen zijn leerlingen niet blijven wachten. Dat minister Slob de school nu onder verscherpt toezicht plaatst en de schoolleiding maant tot terugtreden is dan ook een logische stap. Ook bij andere scholen in zwaar weer is wisseling van de wacht de gebruikelijke route naar zo snel mogelijke verbetering. Als zijn school hem lief is, weet Atasoy wat hem te doen staat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden