Opinie Eurozone

Neem nu principieel besluit over het lot van de euro

Spanje en Italië laten juist nu zien dat het Europese project een principiële ­revisie moet ondergaan, betoogt Frank Ankersmit.

De eurosceptische Paolo Savona (links) wordt benoemd tot minister van Europese Zaken. Beeld AFP

Er was eens iemand die zich erop beroemde dat hij over de Rhodus kon springen (de zee-engte tussen het ­eiland Rhodos en het vasteland van Turkije). Veel emigranten zouden ook wel willen dat ze dat konden. Uiteindelijk pakte iemand de pocher bij de lurven, zette hem voor de ­Rhodus neer en voegde hem toe: ‘Hic Rhodus, hic salta’: hier sta je voor de Rhodus, dus: spring!

De eurozone is als die pocher. Onze Europese politici beroemden zich er altijd op dat zij wel over de ‘zee-engte tussen Noord- en Zuid-Europa’ zouden kunnen springen. Maar nu, met het nieuwe populistische kabinet in Italië en de val van het kabinet van ­Rajoy in Spanje, staat de eurozone daadwerkelijk voor de Rhodus. Het uur van de waarheid voor de eurozone is aangebroken.

Europese zelfmoord

Alle zwakke plekken van het Europese project openbaren zich nu. In de eerste plaats de fout dat men altijd op de economie heeft ingezet. Omdat ‘de politiek’ verantwoordelijk was ­geweest voor de Europese zelfmoord van de eerste helft van de vorige eeuw, zou de economie de enige weg zijn waarlangs de Europese integratie ­gerealiseerd kon worden. Een drog­reden. Het goede antwoord was, uiteraard, een andere, betere politiek.

De ironie is dat juist in de jaren na 1945 die betere optie zo onontkoombaar leek. Want wat lag toen meer voor de hand dan een politiek verenigd Europa als antwoord op de Russische dreiging? Dus een confederatie van West-Europese landen, verenigd door een gemeenschappelijke, tegen de Sovjet-Unie gerichte buitenlandse politiek, een gemeenschappelijk leger en een eigen kernwapen ter ondersteuning daarvan? Een dergelijk Europa had wereldwijd ontzag ingeboezemd – veel meer dan de aarzelend rondscharrelende, vette en volgegeten kalkoen van het Europa van nu, dat op het menu staat voor de rest van de wereld en wereldwijd door arm en rijk begerig wordt gadegeslagen.

Ingenieursideaal

In de tweede plaats: integratie door de economie is een typisch ingenieursideaal. Een ideaal dat werd ingegeven door de onjuiste aanname dat de mens een homo economicus zou zijn en dat zijn economisch gedrag altijd wordt ingegeven door een correcte calculatie van zijn economische belangen. Maar nee, zo is het niet. De mens is een product van de geschiedenis, van zijn cultuur, van de tijd waarin hij leeft, enzovoort.

Daar liggen de factoren die zijn ­economisch doen en laten sturen. De Italiaan is een andere economische ­actor dan een Nederlander. Men zegt weleens: de mensen in Noord-Europa leven om te werken en die in Zuid-­Europa werken om te leven. Toegegeven, een karikatuur. Maar er zit toch een kern van waarheid in. En die verschillen zijn taai en de wortels ervan gaan terug tot heel diep in de geschiedenis. Wellicht zelfs tot de tijd van na de val van het Romeinse Rijk, vijftienhonderd jaar geleden. Want ze vallen vrijwel samen met de oude Romeinse limes. Hetzelfde geldt al binnen de ­afzonderlijke natiestaten. Italië is al een eenheid sinds 1861, maar de economische verschillen tussen Noord- en Zuid-Italië zijn nog even groot als anderhalve eeuw geleden. Europa is, vanuit dat perspectief, in feite een ­Italië in het groot.

Met hun alleszins begrijpelijke wens het verleden te vergeten, vergaten de scheppers van Europa zelf ­hoezeer Europa een product is van zijn geschiedenis en hoezeer het willen vergeten van de geschiedenis alleen maar resulteert in ‘de terugkeer van het verdrongene’. Waarbij de hoogste ironie wel is dat door dat willen vergeten van de politieke verdeeldheid van Europa, en door alles te zetten op de economie, nu juist de economische verdeeldheid van Europa zijn nemesis lijkt te worden.

Invoering euro

In de derde plaats: de miskenning van de macht van de geschiedenis vond haar hoogtepunt in de invoering van de euro. Economen waarschuwden al voor de risico’s toen men daar in 1992 toe besloot. Hun waarschuwingen werden in de wind geslagen. Met als gevolg dat de euro een blok aan het been werd van heel het project van de Europese integratie.

Zoals Hans Werner Sinn, Andreas Dopp, Joseph Stiglitz, meer recentelijk Markus Krall (en nog vele anderen) aantoonden, verenigt de euro niet, maar is die juist de grootste splijtzwam in Europa door Noord en Zuid tegen elkaar op te zetten. Bondskanselier Merkel zei ooit: ‘Scheitert der Euro, dann scheitert Europa’. Maar het is juist andersom: doorgaan met de euro leidt tot het opblazen van de ­Europese integratie. Beëindiging of een principiële revisie van de euro biedt juist de beste, zelfs enige garantie voor Europa’s toekomst.

Sinds de eurocrisis heeft ECB-president Draghi met eerst nog aanvaardbare en daarna met onaanvaardbare middelen geprobeerd de kloof aan het zicht te onttrekken. Maar wat aan het zicht onttrokken werd, bleef wel bestaan – meer nog, aldus kon die kloof juist steeds zorgelijker proporties aannemen. En nu is die niet langer overbrugbaar. Want zelfs al zouden de noordelijke landen daartoe bereid zijn – quod non – om Italië en wellicht ook Spanje nog op de been te houden, dan gaat dat domweg boven hun krachten uit. De met redding ­gemoeide bedragen zijn dit keer simpelweg te groot. En zoals de Romeinse rechtsregel het zegt: ‘nemo ultra vires obligatur’. Niemand is verplicht tot het onmogelijke.

Grote meningsverschillen

In de vierde plaats: ‘voortmodderen’ is van begin af aan het devies ­geweest van de Europese besluitvorming. Principiële besluiten over principiële zaken waren in Europa niet mogelijk door de grote meningsverschillen tussen de lidstaten en de op zichzelf lovenswaardige wens anderen niet zijn wil op te leggen. Wat er aan eenheid ontstond in Europa groeide daarom eerder haast onbemerkt van boven op, dan het dan het van bovenaf werd opgelegd. Het is een mirakel dat men hier toch nog zover mee heeft weten te komen, zonder al te openlijke machtsuitoefening en zonder het nemen van principiële besluiten.

Maar de kruik gaat zo lang te water, tot zij breekt. Dat moment is nu gekomen. Een principieel besluit over de euro is onontkoombaar. Zoiets als een groei- en stabiliteitspact waartegen meer dan 150 keer gezondigd werd, zonder dat er ooit enige actie op volgde, kan niet langer. Over uittreding uit de eurozone, tijdelijk of definitief, zal nu een beslissing genomen moeten worden na wat de afgelopen week in Italië en Spanje plaatsvond. En dat kan tevens uitgangspunt zijn voor een andere principiële beslis­singen over welke financiële verplichtingen de landen van de eurozone ­tegenover elkaar hebben.

Zo heeft de geschiedenis de voorstanders van het bestaande Europa de afgelopen week naar de Rhodus gevoerd en zij daagt hen nu uit met het ‘hic Rhodus, hic salta!’ Laten we hopen dat het ogenschijnlijk onmogelijke hen toch zal lukken. En één ding staat daarbij vast: na zestig jaar van voortmodderen zal nu toch een ‘principiële sprong over de Rhodus’ gemaakt moeten worden! Zonder die verdrinken we allen in de Rhodus.

Frank Ankersmit is historicus en filosoof.

Van Leonie Wolters verscheen onlangs bij ISVW-uitgevers: Frank Ankersmit: De erfenis is op. Waarom de Europese cultuur zich opnieuw moet uitvinden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.