Opinie

Nederland moet aan de slag met internationale kritiek op racisme

De zelfgenoegzaamheid waarmee Nederland reageert op internationale kritiek op het gebied van mensenrechten en racisme in ons land is volledig misplaatst.

Jasper Krommendijk is universitair docent Europees recht aan de Radboud Universiteit en in 2014 gepromoveerd op Nederland en mensenrechtenkritiek.
Movement X Nederland demonstreert voor de rechtbank van Den Haag. De beweging protesteert tegen politiegeweld en racisme en eist de vrijlating van politieke gevangenen. Beeld anp
Movement X Nederland demonstreert voor de rechtbank van Den Haag. De beweging protesteert tegen politiegeweld en racisme en eist de vrijlating van politieke gevangenen.Beeld anp

Vandaag en morgen zal een Nederlandse regeringsdelegatie in Genève acte de présence geven bij het VN-comité dat toeziet op de naleving van het Verdrag inzake de uitbanning van rassendiscriminatie. Zij zal daar verantwoording moeten afleggen aan achttien onafhankelijke experts over de manier waarop de regering haar verplichtingen onder dit verdrag is nagekomen. Deze tweedaagse bespreking resulteert in aanbevelingen. De reacties vanuit Nederland zijn van tevoren al uit te tekenen. De Nederlandse regering reageert namelijk altijd krampachtig en defensief op internationale kritiek. Zij zal betogen dat er al lang iets met de kritiek is gedaan of dat er geen gevolg zal worden gegeven aan de aanbevelingen die juridisch niet bindend zijn.

De houding bij Nederlandse beleidsmakers die hieraan ten grondslag ligt, is dat er Nederland nog maar weinig valt te verbeteren op het gebied van mensenrechten. De website van de Rijksoverheid bevatte de volgende illustratieve quote, die er inmiddels is afgehaald: 'Omdat de bescherming van mensenrechten in Nederland goed is geregeld, concentreert de Rijksoverheid zich op het verbeteren van mensenrechten in het buitenland'.

Gezien dit idee is het niet vreemd dat er verontwaardigd wordt gereageerd. Een voorbeeld hiervan zijn de reacties uit Den Haag op een kritisch rapport van de Europese Commissie tegen Racisme en Intolerantie uit 2013. Zo reageerde Pechtold in PowNews: 'Ja, nou ja, dan heb je onafhankelijke organen die zo nu en dan even een analyse maken ... ik vind dat we altijd waakzaam moeten zijn. ... maar ik vind niet dat je hier in Nederland nou, dat we echt uit de toon springen met andere landen.' Samson onderschreef in 'hele nette woorden' de verontwaardiging van de journalist, want waar bemoeien ze zich mee!

null Beeld anp
Beeld anp

'Gezeur'

Ook de reacties op nieuwssites liegen er vaak niet om als er bericht wordt over internationale mensenrechtenkritiek, zoals de verhitte zwartepietendiscussie goed illustreert. De boodschap: heeft de VN niet iets beters te doen in Afrika? Dit soort 'gezeur' zou geheel misplaatst zijn. Deze reacties onderkennen onvoldoende dat internationale comités een waardevolle bijdrage kunnen leveren door ons een spiegel voor te houden.

Die zelfgenoegzaamheid is zeker niet op zijn plaats als het over racisme en discriminatie gaat. Racisme is nog steeds een probleem dat onvoldoende wordt onderkend. Nederland heeft de hoogste werkloosheidscijfers onder etnische minderheden in heel Europa, zelfs hoger dan Italië en Spanje met een groter werkloosheidscijfer (Volkskrant, 21 maart 2015). De zwartepietendiscussie toont dat veel Nederlanders moeite hebben om zich te verplaatsen in mensen die zich gediscrimineerd voelen. Zij zien niet in dat racisme vaak ook onbedoeld en onbewust kan zijn. In een onthullend interview in V Zomer vertelde zangeres Shirma Rouse over de verscheidene keren dat ze werd aangehouden: 'Weet je hoe vervelend dit is? Misschien moeilijk te begrijpen voor veel Nederlanders, die denken: stel je niet aan, doe eens even normaal joh. Maar ik word minstens elke twee weken een keer gediscrimineerd.' (Volkskrant, 18 juli 2015)

Etnisch profileren

Een goed voorbeeld van een terrein waar de politiek het te lang heeft laten afweten is etnisch profileren door de politie. Rapporten en kritiek van (inter)nationale organisaties werden lang genegeerd. In reacties stelden verantwoordelijke bewindspersonen en de leiding van de politie simpelweg dat het niveau van incidenten niet wordt overstegen. Daarbij werd dan verwezen naar een Leidse studie over de Haagse politie die deze stelling ondersteunde, terwijl andere rapporten een geheel ander beeld lieten zien. Pas sinds dit voorjaar lijkt er een kleine kentering te zijn. Men beseft dat het probleem structureler is dan men lang dacht.

Achteraf bezien hebben internationale comités dan toch al in een vroeg stadium de vinger op de zere plek weten te leggen. Het is dus te hopen dat de Nederlandse regering constructief de dialoog aangaat en haar voordeel probeert te doen met de expertise van de internationale experts.

Jasper Krommendijk is universitair docent Europees recht aan de Radboud Universiteit en in 2014 gepromoveerd op Nederland en mensenrechtenkritiek.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden