VerslaggeverscolumnMichel Maas in Utrecht

Nederland komt altijd maar weer met geld, en altijd te weinig

Jan Banning heeft een sterke band met zijn onderwerpen. Zelfs een oorlog van 75 jaar geleden weet hij te portretteren. In Sporen van oorlog deed hij dat door 24 overlevenden van de Birma- en Pakanbaroe-spoorweg te fotograferen, onder wie zijn eigen vader. De mannen stonden allemaal met ontbloot bovenlijf op de foto, alsof ze net van het werk aan de spoorlijn waren gekomen. Banning bracht het allemaal dichtbij, en het laat ook hemzelf niet los. Sporen van oorlog is een van de twee projecten die Banning aan de Japanse bezetting van Indonesië wijdde. Het andere is Troostmeisjes, dat hij in 2010 maakte met journaliste Hilde Janssen, over vrouwen die in hun jeugd door de Japanse bezetter in soldatenbordelen waren gestopt.

Ik spreek Banning thuis over herstelbetalingen en eerherstel, onderwerpen die telkens weer opgerakeld worden, en die de komende weken misschien voor de zoveelste keer weer bij de Nederlandse regering op tafel worden gelegd. Hij wil er graag over praten, hij heeft wel een mening, maar wel met de kanttekening dat hij helemaal geen expert is. 

Jan Banning: ‘Hoelang moet je oude mensen hiermee belasten?’

De oorlog is alweer bijna 75 jaar geleden. Misschien wordt het tijd daar eens mee te stoppen? Banning: ‘Begrijp goed: ik heb niks tegen het geven van geld. Troostmeisjes waren nu 80, 85 jaar oud en stonden nog steeds op het land te werken. Niet omdat ze dat leuk vonden, maar omdat ze moesten, uit pure armoede die voor een deel een gevolg was van wat ze hadden doorgemaakt. Omdat ze niet konden trouwen, omdat hun baarmoeder aan gort was. Ik gun het die vrouwen van harte. Maar alles wat ze kregen werd geplunderd, door de kepala desa (het dorpshoofd), door de gemeenschap, een soort gotong royong-achtige toestand.’

Hij haalt het voorbeeld van Rawagede aan: daar kregen de weduwen van mannen die door de Nederlanders waren afgeslacht ieder 20 duizend euro. Ze hebben er niet van kunnen genieten. Iedereen plunderde ze, en de weduwen bleven achter met een wrok die ze heel hun leven nog niet hadden gevoeld. De enige die zich beter voelde was de Nederlandse staat, die op dezelfde voet verder ging.

Bannings vader kreeg compensatie: ‘Mijn eigen vader, die heeft dat geld wel geaccepteerd. 7.500 gulden als ik het goed heb. Hij deed daar zelf nogal schamper over. De enorme tijd die er overheen was gegaan, en dan dat luttele bedrag...’ zegt Banning.

Sporen van oorlog.

‘Dat automatisch naar geld grijpen, dat is toch altijd een beetje op een koopje, en dus is het dan symbolisch, en eigenlijk peanuts. Ze vervangen morele afhandeling door financiële afhandeling.’

Zijn invoelingsvermogen speelt hem misschien parten. Hij ziet hoe mensen lijden onder hun eigen woede, die hun leven verzuurt. ‘Hoe lang moet je oude mannen en vrouwen hiermee belasten? Is het niet beter ze dat te besparen?’

Maar ook Banning weet wel dat er te veel onrecht is begaan door de Nederlandse staat om het zomaar te vergeten. Vooral tegen de Indische Nederlanders die na 1949 naar Nederland kwamen en hier als ongewenste kostgangers werden bejegend. Ze werden in pensions gestopt die ze zelf moesten betalen, en ze kregen een voorschot van de staat dat ze moesten terugbetalen. Maar hun salaris over de oorlogsjaren dat kregen ze niet. Tot op de dag van vandaag.

‘Dat was bar, heel vreselijk. Van die mensen kun je natuurlijk niet verwachten dat ze het erbij laten zitten. Zelfs de tweede generatie heeft er onder geleden. Je hoeft er Van Dis maar op na te lezen.’

Ellen van der Ploeg.

Dertig Nederlandse kabinetten hebben de kwestie doorgeschoven naar het volgende. Nu ligt het weer in de Tweede Kamer. De SP heeft nu een motie ingediend, waarin wordt gevraagd om instelling van een ‘commissie van wijze personen’ die een ‘finaal oordeel’ moet gaan vellen over wat Nederland verschuldigd is aan de overlevenden van de Japanse bezetting en hun nabestaanden. En dan gaat het natuurlijk over geld, tientallen miljarden in dit geval.

Banning vreest dat zelfs die miljarden de woede nooit kunnen wegnemen. Hij vertelt over de Nederlandse Ellen van der Ploeg, een van de troostmeisjes die hij fotografeerde. Haar werd geld aangeboden uit Japan. Banning: ‘Het was ingezameld geld, en het werd niet gepresenteerd als geld van de Japanse staat. Ellen vond dat de staat zich verantwoordelijk zou moeten stellen. Ze hoefde dat geld niet. Ze had, denk ik, veel liever gehad dat het verhaal van de troostmeisjes eerlijk in de Japanse schoolboeken zou zijn gekomen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden