Column Bert Wagendorp

Nederland is niet het land van de wolkenkrabbers, maar Bert Wagendorp is er gek op. Alleen het woord al!

In Den Haag gaan ze woontorens bouwen. Volgens wethouder Boudewijn Revis moeten ze wel, in Den Haag, want er is een groot ruimtetekort voor de bouw van nieuwe woningen en de komende twintig jaar groeit de Haagse bevolking van 460 duizend inwoners nu naar 630 duizend. De woontorens herbergen straks gauw tienduizend appartementen. Revis denkt aan hoogtes van 150 meter, maar hoger mag van hem ook.

Revis tart de goden, want Nederland is niet het land van de woontorens. In Den Haag hebben ze nu de Haagse Toren aan het Rijswijkseplein (Het Strijkijzer, Ut Stgèkèzâh), een woontoren van 142 meter. In de meeste andere hoge gebouwen in de stad zetelen ambtenaren. Als iemand hier plannen presenteert voor iets bewoonbaars dat hoger is dan 100 meter, komt het in de krant. Dit is een land van keurige straten vol doorzonwoningen (9 meter).

Zelf ben ik gek op wolkenkrabbers – alleen het woord al. In Rotterdam kijk ik altijd gefascineerd naar De Rotterdam, Rem Koolhaas’ woontoren (149 meter) aan de Maas. Ik zou ook graag mijn intrek nemen in de New Orleans op de Wilhelminapier, maar dan wel op de allerhoogste verdieping (158,35 meter). In Rotterdam zijn ze niet bang om een flink eind de lucht in te bouwen, daarom is het ook de enige echte stad van Nederland.

Waar mijn voorkeur voor wolkenkrabbers vandaan komt, weet ik niet. Ik ben opgegroeid in doorzonwoningen uit de jaren vijftig en zestig – als je ergens leert snakken naar de wijdse blik van boven is het daarin wel. En ik kwam al op jeugdige leeftijd in aanraking met het fascinerende oudtestamentische verhaal van de Toren van Babel. Of het om een woontoren ging vertelt de bijbel niet, maar hoog moest hij wel worden; ‘tot hij in de hemel reikte’.

Hoogleraar materiaalkunde Linn Hobbs van het vermaarde MIT in Boston deed daar een paar jaar geleden onderzoek naar. Hij kwam tot de conclusie dat met de destijds in Mesopotamië beschikbare materialen een Toren van 2,7 kilometer kon worden geconstrueerd. Ruim drie keer zo hoog als de Burj Khalifa in Dubai (828 meter), het hoogste gebouw ter wereld. Geen wonder dat God zich genoodzaakt zag met een Babylonische spraakverwarring de bouwwerkzaamheden in het honderd te laten lopen, want op deze manier kwam de mens hem wel heel nabij.

Misschien vinden we in Nederland hoogbouw nog steeds een vorm van hoogmoed. In januari stond er in de Groene Amsterdammer een interessant artikel over de voorgenomen bouw van woontorens in Amsterdam. In die stad noemen ze een veredelde flat aan het Daniel Willinkplein vol ontzag nog altijd De Wolkenkrabber – het sneue geval uit 1932 is 46 meter hoog en telt twaalf verdiepingen. Op het Zeeburgereiland komen binnenkort 24 woontorens. Dit zorgt voor grote consternatie. Architect Sjoerd Soeters wees erop dat we ‘een plat land zijn, met een platte samenleving’. Hij voorzag dat ‘de rijken’ straks hoog in de lucht wonen, en de armen ‘in de schaduw’. Hoogbouw is in Amsterdam ideologisch verdacht. Bovendien waren ze in de grachtengordel als de dood dat ze vanaf de riante zolderetage in de verte een paar woontorens zouden zien – daarom werden die verlaagd van 143 naar 125 meter.

Ik vond het destijds erg jammer dat in de Utrechtse wijk Leidsche Rijn de bouw van de woontoren Belle van Zuylen (262 meter) niet doorging, een schitterende landmark die al van grote afstand zichtbaar was geweest en die dit verdeelde land had verbonden. De woontoren van 375 meter, een verticale stad, een kathedraal van de 21ste eeuw.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.