OPINIEEuropese Unie

Nederland gaat de EU nog hard nodig hebben

Beeld Philip Lindeman

Nu er weer miljarden door de Europese Unie worden gepompt, staat solidariteit onder druk. Maar, betoogt Peter Giesen, Nederland heeft juist baat bij het compromis. 

‘Door de coronacrisis gaan Nederlandse ondernemers failliet. We zullen elke euro moeten omdraaien om de enorme economische gevolgen bij te sturen. Waarom stuurt het kabinet dan het zoveelste miljard naar Zuid-Europa?’, twitterde Forum voor Democratie.

Dit geluid zullen we de komende jaren vaak horen, en niet alleen uit de hoek van Thierry Baudet. Bij elke euro voor Europa zal de vraag worden gesteld: hoe zit het dan met onze kappers en sportschoolhouders? De vraag zal nog scherper worden gesteld als de rekening voor de coronacrisis wordt doorgesluisd naar de collectieve sector: waarom moeten wij bezuinigen op jeugdzorg of verpleeghuizen terwijl er geld naar Italië gaat?

De term ‘historisch moment’ wordt vaak lichtvaardig gebruikt, al was het maar voor een zege van Ajax op Real Madrid in de Champions League. Maar sinds voorjaar 2020 weten we daadwerkelijk wat een historisch moment is. De pandemie heeft generaties die in vrede en welvaart opgroeiden voor het eerst geconfronteerd met echte onzekerheid. Op zo’n moment wegen politieke keuzen zwaarder dan anders.

De keuze tussen ‘ons’ geld en ‘hun’ spilzucht, tussen nationaal belang en Europa, is vals, zoals Angela Merkel onlangs helder verwoordde: ‘Want we weten toch: ook met Duitsland zal het op de lange termijn alleen goed gaan als het ook in Europa goed gaat. We kunnen industrieel en economisch niet sterk zijn, als in andere landen de economie instort.’

Solidariteit is geen liefdadigheid. Solidariteit is het steunen van zwakkere broeders in de verwachting dat je er iets voor terugkrijgt. Exportland Nederland behoort tot de landen die het meest van de interne Europese markt hebben geprofiteerd. Per hoofd van de bevolking verdient Nederland jaarlijks 1.516 euro aan de interne markt, Italië 763 en Spanje 589, zo becijferde de Duitse denktank Bertelsmann Stiftung vorig jaar. Zulke cijfers zijn gebaseerd op economische modellen waarop altijd iets af te dingen valt, maar dat Nederland groot profijt heeft van de interne markt staat buiten kijf.

Onvriendelijk

Nederland heeft Europa evenzeer nodig als bescherming in een wereld die steeds onvriendelijker wordt, waarin China zich agressiever opstelt en de Verenigde Staten minder betrouwbaar worden. In de wereld na corona zal Europa meer op eigen benen moeten staan. De tijd dat alles lekker goedkoop kon worden uitbesteed is voorbij. Europa zal strategische reserves moeten aanleggen van medicijnen en ander medisch materiaal. Het zal zich sterker moeten toeleggen op het ontwikkelen van hoogwaardige technologie, zoals 5G en kunstmatige intelligentie, om minder afhankelijk te worden van China en de VS. Kortom: in het nationaal belang moet Nederland voor Europa en internationale samenwerking kiezen.

Tegenover kortzichtig nationalisme staat een al te gemakkelijke roep om internationale solidariteit. Daarin belichaamt Europa onze nobelste idealen van vrede en naastenliefde, waarmee we ons nationaal egoïsme kunnen overwinnen. ‘We kunnen ons ertoe beperken Europa louter als gemeenschappelijke markt te beschouwen. Of we zien het als dat koene project dat we dachten ontworpen te hebben: een geheel nieuwe en fascinerende statengemeenschap tot wier fundamentele principes solidariteit met de zwaksten behoort’, schreef de Spaanse politicoloog Fernando Vallespín in het Duitse weekblad Die Zeit.

Zulke progressieve eurokitsch miskent de grondbeginselen van de Europese Unie: een samenwerkingsverband van soevereine staten die moeizaam zoeken naar evenwicht tussen nationale en gezamenlijke belangen, tussen eigenbelang en idealisme.

Helaas maakt de coronacrisis het niet gemakkelijker om die balans te vinden. ‘Na elke epidemie in de geschiedenis is een van de eerste reacties ‘laten we ons beschermen tegen vreemden, tegen alle anderen’. In Frankrijk zal extreemrechts heel sterk de kaart van een terugkeer van de grenzen spelen’, zei de Franse econoom Thomas Piketty op de website Politico. Volgens een deze week verschenen opiniepeiling wil 55 procent van de Fransen dat de grenzen gesloten blijven als de pandemie is uitgewoed.

Corona past uitstekend bij de nationalistische stokpaardjes. Het gevaar komt van buiten en de elite is niet bij machte ons te beschermen, omdat zij gevangen zit in haar dogma’s van globalisering en open grenzen. In het rumoer rond de hulp aan Spanje en Italië speelden nationalistische sentimenten een grote rol. Minister Hoekstra van Financiën wilde de flank van Forum en PVV afdekken, maar de Italiaanse premier Conte werd evenzeer opgezweept door zijn eigen populisten, die elk compromis met Noord-Europa als landverraad beschouwden.

De pandemie heeft ook laten zien dat de natiestaat nog altijd de ruggengraat is van het politieke en democratische leven. In een crisis zoeken burgers bescherming bij hun eigen staat, terwijl leiders eerst aan hun eigen burgers denken. Zelfs de Franse president Macron, die zich altijd presenteert als de kampioen van het liberale internationalisme, verbood in eerste instantie de export van medisch materiaal naar het zwaar getroffen Italië.

Alleen nationale politici als Rutte, Merkel of Macron kunnen diep ingrijpen in de persoonlijke vrijheid van hun burgers. Niet alleen omdat zij democratisch gekozen zijn, ook omdat zij een staat leiden waarmee burgers zich identificeren. Nederlanders accepteren de strenge maatregelen van Rutte, omdat hij toch ‘onze’ Mark is, zelfs voor de kiezers die niet op hem hebben gestemd. Het is moeilijk voor te stellen dat de Europeanen even braaf  zouden thuisblijven als Ursula von der Leyen dat vanuit Brussel vraagt. Slechts een uitzonderlijke eurofiel zal over ‘onze’ Ursula spreken. Tijdens de pandemie hebben de meeste nationale leiders dan ook aan populariteit gewonnen.

Natiestaat

Volgens cijfers van het Sociaal en Cultureel Planbureau voelt 85 procent van de Nederlanders zich verbonden met de natiestaat, terwijl 37 procent zich verbonden voelt met de Europese Unie. Solidariteit gedijt bij identificatie. We betalen liever voor mensen die het meest op ons zelf lijken. Ironisch genoeg wordt dit fenomeen treffend geïllustreerd in de landen die nu het hardst om Europese solidariteit vragen. De Lega van Matteo Salvini ontstond als protestpartij van Noord-Italianen die het zat waren om voor het arme Zuiden te betalen. In Spanje wilde Catalonië zich zelfs afscheiden, omdat het arme regio’s als Andalusië als een blok aan het been ervoer. Zuid-Italianen en Andalusiërs worden vaak omschreven met dezelfde clichés die Noord-Europeanen over Zuid-Europeanen gebruiken: ze zijn lui en onverbeterlijk, hun regio is een bodemloze put waarin onze zuurverdiende centen worden gestort.

Het is dan ook niet zo vreemd dat Nederlanders of Duitsers huiverig zijn voor het aangaan van gemeenschappelijke schulden met Italië of Spanje. Begrotingsbeleid is sterk verbonden met de nationale democratie. Samen maken de Nederlanders schulden, samen beslissen ze over het economisch beleid waarmee die schulden kunnen worden terugbetaald.

Bij gezamenlijk schuldpapier wordt een deel van de verantwoordelijkheid voor schuld en terugbetaling buiten de eigen democratie geplaatst. Na de crisis van 2008 heeft Nederland financieel orde op zaken gesteld, ten koste van pijnlijke bezuinigingen. Dan is het weinig aantrekkelijk om gezamenlijke schulden aan te gaan met landen op wier begrotingsbeleid je weinig invloed kunt uitoefenen. De geschiedenis van Italië wekt ook niet per se vertrouwen. Geen enkele regering slaagde erin de kloof tussen Noord- en Zuid-Italië te dichten, belastingontduiking te bestrijden, de bureaucratie voldoende terug te dringen en de productiviteit te verhogen.

Empathie

De huiver voor gemeenschappelijk schuldpapier is begrijpelijk. Maar dat geldt niet voor het gebrek aan empathie waarvan het lompe optreden van minister Hoekstra van Financiën blijk gaf. Zuid-Europa heeft zijn eigen verhaal. ‘Spanje heeft precies tien jaar nodig gehad om de welvaart van 2008 weer te bereiken. De voorzichtige groei van de laatste jaren kon de gaten die het harde bezuinigingsbeleid in het sociale weefsel heeft gereten nog niet dichten’, aldus de Spaanse politicoloog Vallespín in Die Zeit. Amper hersteld van de financiële crisis is Spanje getroffen door een pandemie waaraan het geen enkele schuld heeft, die meer dan 25 duizend levens eiste en de economie opnieuw ver heeft teruggeworpen. Nu kondigt zich ook nog eens rampzalige zomer aan. Hoelang zal het duren voordat toeristen het weer aandurven om massaal de stranden van Torremolinos en Lloret de Mar te bevolken?

Het is niet waar dat Europa niets voor het Zuiden doet. De regels voor staatssteun en begrotingsdiscipline werden meteen losgelaten. De Europese leiders werden het eens over een hulppakket van meer dan 500 miljard, gedeeltelijk gefinancierd door gemeenschappelijke leningen. Ook de risico’s van het opkoopprogramma van de Europese Centrale Bank (ECB), in eerste instantie 750 miljard euro, worden door alle Europese landen gedeeld. Volgens critici worden er nu al te veel schulden en risico’s gedeeld, vooral via de ECB.

Uiteindelijk zal er meer nodig zijn. De crisis dwingt tot handelen. Ook het Noorden heeft geen belang bij een verarmd Zuiden, laat staan het ontploffen van de eurozone of het einde van de Europese Unie. Als Zuid-Europa in de steek wordt gelaten, kan de Unie ten einde komen, maar datzelfde kan gebeuren als de nationale belangen van Noord-Europa worden genegeerd. Tussen deze twee klippen door moet Europa naar een nieuw compromis zeilen. Zo’n lelijke deal waarover niemand tevreden is, maar die door iedereen thuis als een overwinning kan worden verkocht.

Die spanning tussen het gezamenlijk Europees belang en de nationale belangen van de 27 lidstaten is karakteristiek voor de Europese Unie. Kwesties zitten muurvast, omdat nationale leiders thuis keihard worden afgerekend. Tot de druk te groot wordt. ‘De paniek hoort bij het crisismanagement van de EU. Het systeem heeft overlevingsdrang nodig om actief te worden’, zei de Leidse hoogleraar Europese studies Luuk van Middelaar in de Neue Zürcher Zeitung. ‘Als de eenheid werkelijk op het spel staat, is er steeds een soort onzichtbaar kleefmiddel dat haar bij elkaar houdt.’

Compromismachine

Als samenwerkingsverband van soevereine staten is de Europese Unie vlees noch vis. Geen natiestaat, maar ook geen federale staat als de VS. Daardoor ontstaat bij sommigen een verlangen naar politieke eenduidigheid. Federalisten als Guy Verhofstadt willen een verenigd Europa met een sterk centrum waaraan de lidstaten zich op belangrijke punten moeten onderwerpen. Het is een onhaalbaar ideaal, omdat de natiestaat te sterk is.

Nationalisten willen Europa opblazen, zodat de nationale staat in volle glorie wordt hersteld. Take back control, weer baas in eigen huis. Maar baas waarover? In een wereld waarin natiestaten op allerlei manieren met elkaar verbonden zijn, kunnen de meest urgente problemen slechts worden bestreden door Europese samenwerking. Zelfs landen als Duitsland en Frankrijk zijn te klein om het klimaat en andere milieuproblemen aan te pakken, om de macht van techreuzen als Google en Facebook aan banden te leggen, om het internationale bedrijfsleven in toom te houden, om China en de VS in technologisch opzicht bij te benen. De droom van ongedeelde nationale soevereiniteit is een recept voor machteloosheid.

Vandaag is het Europadag, een feestdag die aanzienlijk minder uitbundig wordt gevierd dan Koningsdag of Quatorze Juillet. Het is niet gemakkelijk om van de Brusselse compromismachine te houden. Maar we zullen haar in de wereld na corona hard nodig hebben.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden