Nauwelijks een denker die zo verguisd is als Freud, maar zijn gedachtengoed is weer helemaal actueel

Afgeschreven leek de Weense zenuwarts, maar Olaf Tempelman zag in 2017 de grote actualiteitswaarde van het freudiaanse gedachtengoed. Denk aan het lustprincipe, narcisme, onbehagen en projectie.

De Weense zenuwdokter Sigmund Freud. Beeld ap

Wat zullen historici van de toekomst eruit lichten als ze praten over het jaar 2017? Het was het jaar waarin Donald Trump het Witte Huis kwam bewonen. Het was het jaar waarin Alternative für Deutschland en Forum voor Democratie electoraal doorbraken. Het was het jaar waarin Manchester, Londen, Barcelona, Parijs, Stockholm, Istanbul en St.-Petersburg werden getroffen door terreur.

Het was het jaar waarin Catalanen niet meer bij Spanje wilden horen en Friese mannen Randstedelijke demonstranten tegen Zwarte Piet klemreden op de A7. Het was het jaar waarin woede meer dan ooit werd geuit via Twitter, waarin getwitterde boosheid een nucleaire dimensie kreeg als de 140 tekens afkomstig waren van de president van de VS of de Briljante Kameraad van Noord-Korea. En het was natuurlijk het jaar van #MeToo, het jaar waarin slachtoffers een boekje open deden over het gedrag van mannen als Harvey Weinstein, Kevin Spacey, Job Gosschalk en Jappe Claes. Vrouwen op het boeddhistische pad meldden dat de bestsellerlama Sogyal Rinpoche zijn vleselijke lusten bijna net zo botvierde als Weinstein, ook al onderwees hij hoe je lust en verlangen kunt laten verdampen.

Onbehagen bij lustwezens

Kun je 2017 een predicaat geven? Valt uit al dat nieuws iets te destilleren? Ik doe een voorstel, een term die ik steel van de Stichting Breukvlakken: onbehagen bij lustwezens.

U moet eens kijken bij wie u uitkomt als u dat googelt. Een wetenschapper mag u de Weense zenuwdokter Sigmund Freud (1856-1939), grondlegger van de psychoanalyse, niet meer noemen, tenzij u dat woord tussen aanhalingstekens zet. Nauwelijks een denker die zo invloedrijk was - zonder Freud zouden we niets verdringen en ons nooit freudiaans verspreken-, nauwelijks een denker die zo is verguisd en afgeschreven.

Menigeen breekt weer een lans voor Marx. Met Freud moet je niet meer aankomen. Nagenoeg elke keer dat ik het afgelopen decennium in een stuk aan Freud refereerde, kreeg ik wel een getergde reactie van een moderne psychotherapeut of iemand uit de wetenschap: U beroept zich op een charlatan!

Imaginaire

Nu weet ook ik dat 'ontdekkingen' à la het oedipuscomplex en de penisnijd niet voortkwamen uit wetenschappelijk onderzoek, maar uit Freuds imaginatieve brein. Maar aan datzelfde brein ontsproten flink wat inzichten waarmee we nog steeds, of juist nu, ons voordeel kunnen doen. Emeritus hoogleraar psychiatrie Jan Swinkels zei het op een van de Freudfestivals van 2017 zo: 'Freud louter beoordelen op zijn flaters, wat tegenwoordig vaak gebeurt, is hetzelfde als Newton alleen beoordelen op zijn alchemistische avonturen waarin hij uit lood goud wilde maken.' Wie nieuwe werelden verkent, doet zijn grote ontdekkingen terwijl hij zonder gps navigeert in het donker.

2017 was een Freudjaar par excellence. De psychoanalyse vierde in Nederland haar honderdste verjaardag. De Stichting Breukvlakken organiseerde festivals om freudiaans gedachtengoed levend te houden in een tijd waarin geen verzekering de psychoanalyse nog vergoedt en de hersenwetenschap oppermachtig is.

De actualiteit was mensen die Freuds relevantie wilden aantonen in 2017 ter wille. Kijk nou eens naar die #MeToo-beweging. Als iemand als Dick Swaab de oorsprong van het gedrag van Harvey Weinstein gaat traceren, komt hij vast uit in het brein. Wie niet zo thuis was in de hersenwetenschap, kon bij #MeToo per ongeluk denken aan dokter Freud. Die had immers ook aandacht voor het orgaan waaraan Woody Allen refereerde toen die zijn brein zijn 'op-één-na-favoriete orgaan' noemde.

Het was 1911 toen Freud zag dat het niet ieder mens makkelijk afgaat een evenwicht te vinden tussen primaire behoeften en culturele mores. Freud ontwaarde zelfs grote spanning tussen een 'lustprincipe' en een 'realiteitsprincipe'. Dat realiteitsprincipe, noem het cultuur en beschaving, zorgt ervoor dat mensen lusten en driften aan banden leggen. Maar op het kantoor van Harvey Weinstein en in de meditatieruimte van Sogyal Rinpoche liet het realiteitsprincipe het afweten - aankomend acteurs die te maken kregen met Job Gosschalk en Jappe Claes zagen ook bovenal het lustprincipe aan het werk.

Sigmund Freud met twee van zijn kleinkinderen, rond 1923. Beeld ap

Een typisch ongemakkelijk freudiaans inzicht is dat laagjes cultuur en beschaving vaak maar flinterdun zijn. Voor je het weet scheuren er driften doorheen. De 45 miljoen volgers van Donald Trump op Twitter konden daar in 2017 over meepraten. Menig freudiaanse tekst over 'barstende laagjes' leek behalve over Harvey Weinstein ook over de twitterende president van de VS te gaan. En hij was niet de enige bij wie 'het beschavende deksel van de cultuur' er in 140 tekens vaak helemaal afvloog. 'De cultuur bedwingt de gevaarlijke agressielust van het individu' , schreef Freud in 1930, 'door het te laten bewaken door een instantie in zijn innerlijk, als een veroverde stad door bezettingstroepen.' Helaas, soms heeft de 'agressielust' schoon genoeg van de innerlijke instantie.

Ach, die zo verguisde maar invloedrijke Freud. In 2017 vielen hem vaak heimelijk eerbetonen ten deel omdat het zo vaak ging over een nieuwe Nederlandse politicus. Het is immers niet zo moeilijk te zien dat Thierry Baudet 'als het ware verliefd is op zichzelf'. Het was Freud die 'narcisme' voor het eerst bezigde als naam voor een aandoening. In de ongeremde vorm zien we bij de patiënt 'zelfingenomenheid, sterk overtuigd zijn van eigen kwaliteiten en grootheidsgevoelens met betrekking tot zichzelf'. Denk aan die diagnose vóór u besluit Forum voor Democratie te stemmen.

Velen bogen zich in 2017 over de herkomst van mannen als Trump en Baudet, en over die van twitterende mannen, GeenStijl-mannen en #MeToo-mannen. Je kon lezen dat het hier ouderwetse, klassieke mannen betreft, mannen die de buik vol hebben van de geheven vingertjes van een veelheid aan emanciperende groepen. Lezers van Bas Heijnes freudiaanse essay Onbehagen zijn geneigd iets anders te concluderen: dat die mannen juist typisch zijn voor deze tijd. In de geest van Freud legt Heijne de 21ste-eeuwse samenleving op de sofa en constateert dat het met het evenwicht tussen het lustprincipe en het realiteitsprincipe niet best meer gesteld is. We leven in een cultuur van onmiddellijke behoeftebevrediging, waarin het realiteitsprincipe steeds vaker wordt genegeerd.

Frustratie

In die cultuur zien we volop egocentrische lustwezens, maar ook volop gefrustreerde lustwezens. Neem Harvey Weinstein. Die kon vreselijk tekeergaan als hij niet kreeg wat hij wilde. Als u niet meteen een overeenkomst ziet met boze kiezers en scheldende twitteraars, willen freudianen u dat wel uitleggen.

Psychoanalyticus en emeritus hoogleraar Antoine Mooij leerde zijn gehoor in het Freudjaar 2017 dat het lustwezen mens in deze tijd zwaar op de proef wordt gesteld. We leven in een excessieve beeldcultuur, constant wordt er aan onze behoeften geappelleerd, alles schreeuwt om onmiddellijke bevrediging, erkenning en heel veel likes. Dat kan niet anders dan tot frustratie leiden. Waar flink aan lusten wordt geappelleerd, worden ook flink wat lusten gefrustreerd. Dan krijg je 'korte lontjes' en 'dikke ikken'. Een samenleving, zei Mooij, staat of valt met frustratietolerantie van ingezetenen, een vermogen tot incasseren en een vermogen tot symboliseren. Een besef van 'het fundamentele tekort' moet ergens in de belevingswereld van mensen resoneren.

Mooij hield die voordracht op een Freudfestival met de sprekende titel 'Scheurende Democratie'. Op die conferentie bogen freudianen zich over het probleem van kiezers die door toedoen van gefnuikte lusten rare sprongen maken in het stemlokaal. Westerse mensen zijn gestaag eigenmachtiger geworden. Maar waar autonomie is, is onbehagen nooit ver weg. Eigenmacht in een moderne maatschappij betekent immers vaak ook: 'zoek het zelf maar uit'. Freud vermoedde het 87 jaar geleden al in zijn geschrift Das Unbehagen in der Kultur. Bas Heijne verklaarde aan de hand daarvan de stem van arme Amerikanen op Trump: die waren zo gefrustreerd in hun lusten - het verlies van huizen, banen en pensioenen - dat ze irrationeel werden, op Trump stemden en van de regen in de drup belandden.

Freuds lezers leren dat onbehagen ver geëvolueerde samenlevingen eigen blijft. Conform zijn imago trekt de Weense geneesheer een forse beerput open: in de mens gist een amalgaam aan lust en haat, levensdrift en doodsdrift waarvan hij zich amper bewust is.

Sigmund Freud in 1938. Beeld afp

Ongemakkelijkheid

De Vlaamse filosoof Marc De Kesel zegt het liever anders: 'Typisch Freud is hele ongemakkelijke dingen zomaar zeggen.' De Kesel vertelde op het Scheurende Democratiefestival dat we onze democratie waarschijnlijk bestendigen als we meer oog hebben voor het kolkende mengsel in ons - dus inclusief woede en haat. In plaats van die te rationaliseren of te ontkennen, is het beter die onder ogen te zien. De Kesel: 'Uw haat is de uwe, u moet er een beetje respect voor hebben.'

Zo gaat het meestal niet, zeker niet op Twitter. We neigen ernaar onze haat 'even uit te besteden' door anderen te gaan haten. Noem het vakantie nemen van de zelfhaat. De sarcastische Freud wist in 1930 dat de Joden zich als haatobject 'verdienstelijk hebben gemaakt voor de culturen van hun gastvolkeren'.

Zulke 'uitbestede haat' zagen freudianen in het Freudjaar 2017 te over. Catalanen projecteerden onbehagen op de Spaanse staat. De Spaanse staat vierde van de weeromstuit zijn toorn op Catalanen bot. Op de A7 bij Joure zagen we toorn bij Friese mannen die bussen met demonstranten tegen Zwarte Piet klemreden. De demonstranten in die bussen waren ook boos: op de nakomelingen van slavendrijvers die weigeren hun folklore aan te passen. Woede was geen emotie waarop één groep het patent had. Wie online ging, zag dat bestrijders van 'witte privileges' in scheldpartijen vaak even royaal gebruikmaakten van namen van geslachtsdelen als bestrijders van 'cultuurmarxisten'.

En het kon allemaal veel erger. De Rohingya's van Myanmar werden in 2017 wereldwijd bekend als het haatobject van theravada-boeddhisten. De westerse maatschappij an sich was het haatobject van jihadi's die aanslagen pleegden in diverse steden. En met elke aanslag werd het voor kiezers verleidelijker woede en onmacht te projecteren op moslims binnen hun landsgrenzen die geen jihadi's zijn. Marine Le Pen haalde haar beste resultaat ooit, de AfD werd uit het niets de derde partij van Duitsland.

Mensen die kolken van onbehagen denken dat dit zal verdwijnen als hun haatobject eenmaal is verdwenen. Freud wist in 1930 al: onbehagen blijft als er geen etnische of religieuze minderheid meer in de buurt is. 'Uitbesteed onbehagen' is wel de dood van de democratie. Die bestaat bij gratie van het feit dat het uitgeslotene wordt ingesloten. Marc De Kesel legde dat zijn gehoor uit op een sheet. Democratie is: 'Wij (allen) zijn het volk.' Mensen die kwaad zijn schrappen het woordje 'allen'. Dan krijg je dus: 'Wij (...) zijn het volk.'

René Foqué, emeritus hoogleraar rechtswetenschappen met hart voor Freud, zegt het zo: 'Elke samenleving is per definitie een verdéélde samenleving. Pluriformiteit heeft alles te maken met rechtdoen aan de gespletenheid van het volk.' Hoed je dus voor politici die namens 'het volk' gaan spreken. Geloof niet meteen een CDA-leider die namens 'de gewone Nederlander' klaagt over 'verweesdheid'. Die gewone Nederlander komt voor in flink wat schakeringen. Binnen in zo'n gewone Nederlander zijn contradicties aan de orde van de dag.

Als we bij onszelf naar binnen kijken, stuiten we op gespletenheid en dingen die ons niet bevallen. Op dezelfde wijze horen we in een democratie steeds dingen die ons niet bevallen uit monden van mensen die net als wij 'het volk' zijn. In het vermogen om te gaan met wat ons niet bevalt, zit een verschil tussen democratie en dictatuur, tussen beschaafde en 'minder beschaafde' kringen. Op de ene plek worden kritiek en frustratie getolereerd, op de andere worden mensen kwaad en slaan ze om zich heen.

Een jonge Sigmund Freud. Beeld Wikimedia Commons

René Foqué verwees naar een sleutelessay van de Brits-Poolse filosoof Leszek Kolakowski, Op zoek naar de barbaar. Kolakowski stelt daarin 'dat de barbaren dáár schuilen waar mensen niet in staat zijn zichzelf onder kritiek te stellen'. Zulk onvermogen zien we bij jihadi's, bij Kim Jong-un, bij Erdogan en zo nog wat regimes. Het is het vermogen jezelf wél onder kritiek te stellen, stelde Kolakowski, dat 'het Westen' met zijn democratieën onderscheidend maakte.

Je kunt beweren dat 2017 voor 'het Westen' zo'n moeilijk jaar was omdat een belangrijke nieuwe leider op dat vlak zo duidelijk tekortschoot. In november twitterde de president van de VS bijvoorbeeld dat CNN met zijn kritische berichtgeving over de president van de VS 'ons Land slecht vertegenwoordigt tegenover de WERELD'. Stel dat deze president niet gevangen had gezeten in een systeem 'dat recht doet aan de gespletenheid van het volk': dan had CNN van Trump net zo'n fijne opknapbeurt gekregen als de golfresorts die Trump opkocht. Het land had daar profijt van getrokken, Poetin had getelefoneerd met complimenten.

Het was verleidelijk in 2017 tekortschietende tolerantie ten opzichte van wat niet bevalt vooral te zien bij Trump en geestverwanten. Echter: in minder extreme vormen was die net zo goed zichtbaar bij ideologische tegenpolen. SPD-leider Martin Schulz gaf onlangs nog op typische wijze blijk van een gebrekkig vermogen om te gaan met wat hém niet bevalt: landen die reserves houden bij een Europese politieke unie, moeten wat hem betreft maar uit de EU vertrekken. Wat je daarna van de EU overhoudt, laat zich bezien, maar met democratie waarin het uitgeslotene wordt ingesloten heeft het niet veel te maken.

Aan het slot van hun Scheurende Democratiefestival concludeerden freudianen dat democratieën horen te evolueren en altijd voor verbetering vatbaar zijn. Maar één ding zal democratieën eigen blijven: een democratisch tekort. Dat laat zich net zo slecht opheffen als het 'fundamentele' of het 'menselijk' tekort. Onze alarmbellen moeten afgaan als mensen dat tekort de wereld willen uit helpen - de hel op aarde is dan dichterbij dan de hemel. Om met René Foqué te spreken: 'Een tekort is iets wat móét. Een democratisch tekort is iets heel anders dan een financieel tekort.'

Ik wens u een gezond 2018 met een ruimhartige dosis frustratietolerantie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden