ColumnSakina Elkayouhi

Natacha Harlequin doorbrak eigenhandig het televisieformat van Veronica Inside

Sakina Elkayouhi

De advocate kwam om te begrijpen, niet om te overtuigen, zag Sakina Elkayouhi. Harlequin paarde ongemak aan compassie – met een nieuw verhaal tot gevolg.

Normaal gesproken breng ik het niet langer dan twee minuten op om naar een programma als Veronica Inside te kijken voor ik mijn televisie uit het raam wil gooien, maar afgelopen maandag genoot ik oprecht van de aflevering. Nu ben ik vrouw, heb ik bi-culture roots, niks met voetbal of met het verbale geweld van een paar witte mannen op hun apenrots. Kortom, als er een televisieformule zou bestaan om iemand van mijn doelgroep níét aan te spreken, slaagt het programma er keer op keer in. Tot afgelopen maandag dan. De reden? Er gebeurde eens iets wat voor Derksen & co ongebruikelijk was: het tonen van ongemak. Dat was te danken aan de vragen die Natacha Harlequin stelde.

Veronica Inside kreeg de afgelopen dagen dan de wind van voren, maar het format staat niet op zichzelf. Het programma maakt onderdeel uit van een televisiecultuur waarin sommige redacties er een sport van lijken te maken om de meeste extreme stemmen op te voeren. Allemaal onder het motto van woord en (nog feller) wederwoord. Bovendien vergroot televisie zaken uit. Niet alleen je kont lijkt dikker op televisie in die spijkerbroek, ook de inhoud. Ik moet toegeven, dit schrijven over collega’s door een snotneus als ik die net komt kijken, voelt wat ongemakkelijk aan. Maar als ik pleit voor het omarmen van ongemak, laat ik er dan zelf mee beginnen.

Want wat we op televisie zien is vaak ophef over de ophef in plaats van over de kern van de problematiek. Die kern legde Natacha Harlequin pijnlijk bloot: in deze twittersamenleving is er weinig plek voor dialoog. Onder het mom van vrijheid van meningsuiting zijn we een karikatuur geworden van onze mening. Met Johan Derksen - die zich overtroffen heeft in de omstreden aflevering - als een karikatuur van zichzelf. Want verbaast het werkelijk dat Derksen weigerde excuses aan te bieden? In een afgesproken rollenspel is er weinig plek voor een nieuw verhaal.

Wat de tussenkomst van de strafrechtadvocaat zo sterk maakt, is dat ze op twee fronten dit televisieformat doorbrak. Allereerst was het heerlijk verfrissend om háár aan tafel zien, in plaats van de usual suspects (sterker nog, ze was kennelijk de zevende in de bellijst). Ten tweede: ze was er om te begrijpen in plaats van te willen overtuigen. Niet de zweverige kumbaya-we-zijn-allemaal-vriendjes-vrijheid-blijheid, maar bewapend met oprechte betrokkenheid was ze naar de studio gekomen. Door naar de achterliggende motieven van Derksens uitspraken te vragen, toonde ze compassie. Waardoor er een gesprek mogelijk werd.

Er wordt nog wel eens gedacht dat emoties nefast zijn voor nuance. Ik denk juist het tegendeel. Je kan iemand beter bevragen door je eigen vooringenomenheid of voorkeuren te erkennen en die vervolgens in je voordeel te gebruiken. Dat getuigt van emotionele intelligentie. Er is een wezenlijk verschil tussen empathie en compassie. Voor empathie is het nodig je in de ander in te kunnen leven. Maar dit is niet altijd mogelijk; Derksen als witte man kan nooit voelen hoe het is om stigmatiserende uitspraken over huidskleur als een vorm van entertainment te zien.

Het verbaast mij niet dat prominente mediafiguren uit de zwarte gemeenschap, zoals Humberto Tan en Akwasi, niet wilden aanschuiven. Ik ken de achterliggende beweegredenen niet, maar één ding is zeker: je kunt niet verwachten dat mensen de dialoog aangaan als je als programma nooit het vertrouwen hebt opgebouwd dat je het ongemak van anderen zult erkennen. Dat liet Natacha Harlequin goed zien. De strafrechtadvocaat pakte het anders aan: ondanks de verwijten die ze naar het hoofd geslingerd kreeg, lukte het haar compassie als leidraad te nemen. Ook als televisiemaker of journalist is het belangrijk genoeg compassie te tonen om de ander te zien, en genoeg afstand te bewaken om de anderen niet uit het oog te verliezen.

Ik hoorde laatst hier een fijne gedachte over in een podcast aflevering van de Correspondent. Het was een gesprek tussen radio- en televisie presentator Lex Bohlmeijer en antropoloog en schrijver Sinan Çankaya. Çankaya maakte over de wij-zijdiscussie de vergelijking met de regenton van de Griekse filosoof Diogenes. Het verhaal gaat dat de filosoof in Athene verbleef in een ton, ergens in de publieke ruimte. Voor Çankaya symboliseert die regenton gelijktijdigheid van erbij horen en er niet bij horen. ‘Want er is iets geks aan de hand op het moment dat je je helemaal op je gemak voelt in de publieke ruimte. Dat zou dus betekenen dat het sociale leven klaarblijkelijk samenvalt met groepen.’

Er zit wel iets in deze gedachte, vooral voor televisiemakers. Zodra je merkt dat je elkaar alleen maar schouderklopjes en high fives geeft (zoals lang de formule van Veronica Inside is geweest), wordt het wellicht tijd om van koers te veranderen. En dat is iets wat ik nog weleens mis in de talkshows aan tafels: het ongemak op te zoeken en vervolgens vanuit compassie vragen stellen. Soms wat kleur bekennen om te herkennen, het verhaal van de ander te erkennen. Zelf de bevrager zijn en ook de bevraagde kunnen zijn, zoals we deze week bij Veronica Inside zagen. Totdat er wellicht geen vragen meer zijn. Dus, zijn er nog vragen?

Sakina Elkayouhi is journalist en in de maand juni gastcolumnist op volkskrant.nl/opinie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden