Column Joost Zaat

Na 2 maanden hadden we een nieuw probleem: ze ging niet dood

Bijna vier maanden woonde Karen in het hospice. Het leek afgelopen, een tiende leven zat er eenvoudig niet meer in. Al jaren kukelde ze af en toe ernstig benauwd het ziekenhuis in, tot in de IC aan toe. Na een, twee dagen vroeg ze dan of ze met me mee naar huis kon. Nu niet. Ze bleef ontzettend benauwd en had de ene infectie na de andere. Met 2-3 pakjes sigaretten op een dag, weinig slaap, geen beweging en een hele serie pillen voor haar bipolaire stoornis is gezond oud worden geen optie. Naar huis kon ze niet, in het ziekenhuis was ze niet op haar plek en met haar nogal storende gedrag was ze ook niet geschikt voor een gewoon verpleeghuisbed. Omdat ik durfde voorspellen dat ze binnen drie maanden dood zou zijn, regelde ik een plekje in het hospice. De eerste weken lag ze nauwelijks aanspreekbaar in bed, met als enige voordeel dat ze niet kon roken. Ze raakte langzaam minder in de war, ging het bed uit en na 2 maanden hadden we een nieuw probleem: ze ging niet dood. In de huiskamer begon ze schunnige grapjes te maken. Toen ze vaker buiten de deur koffie ging drinken dan binnen op bed lag, moest ik op zoek naar een andere plek. Intussen hielp mijn praktijkondersteuner haar vriend van zijn tabaksverslaving af.

Die beschermde plek was er natuurlijk niet op stel en sprong, zodat ze weer naar huis ging met een indicatie voor beschermd wonen op zak. De kans ze daar heen wil, is inmiddels tot bijna nul gedaald, want ze is niet benauwd meer. Ze rookt niet en vindt het zelfs vies. Een probleem: haar psychiatrische problemen bloeien weer volop. Ze houdt het sigarettengeld over en besteedt dat aan jurkjes en schoenen. Ooit gaf ze in een manische bui duizenden euro’s in een week uit, dus een beetje bezorgd ben ik wel.

Mensen met ernstige psychiatrische problemen hebben vaak ernstige lichamelijke problemen, COPD is er daar een van. Zo’n 40-60 procent van hen rookt dagelijks en dan roken ze ook nog veel meer dan normaal. Dat blijft niet zonder gevolgen. Van de ‘gezonde rokers’ krijgt ongeveer 20 procent vroeg of laat COPD en bij ‘veel rokers’ ligt dat percentage hoger. Er zijn zo’n 90 duizend mensen met een bipolaire stoornis in Nederland; onder hen zijn er dus nogal wat oudere hoestende en benauwde mensen, die aan hun COPD dood zullen gaan.

Voorspellen wanneer we palliatieve zorg moeten inzetten voor iemand met COPD blijkt onmogelijk. Onderzoekers onderzochten 20 kenmerken van ernstige COPD-patiënten om te kijken of ze een model konden maken dat overlijden op korte termijn zou voorspellen. Leeftijd, fysieke conditie, depressie, frequente ziekenhuisopnamen, ze voorspellen allemaal wel wat, maar een echt goed voorspellend model is er niet. Mijn schatting van die drie maanden was dus een ongefundeerd gokje, dat genezend uitpakte. Bijna doodgaan was voor Karen een goeie manier haar tiende leven te beginnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden