Opinie

Moslims, voel abjecte imams zelf aan de tand

Je kunt niet abjecte imams uitnodigen én maatschappelijk partner zijn inzake sociale cohesie.

De omstreden Rotterdamse imam El Moumni verlaat al bellend het Paleis van Justitie in Den Haag. Beeld anp

In februari stuurt het samenwerkingsverband Islamitische organisaties Haaglanden de ministers Koenders en Asscher een brief waarin het zijn zorgen uit over de stigmatisering van de moslimgemeenschap. Moslims, zo betogen zij, worden steeds vaker neergezet als tweederangsburgers die onnodig en onterecht publiekelijk worden beschimpt. Termen als haatimams, haatpredikers, haatbaarden, jihadgezinnen - waartegen de overheid geen actie onderneemt - zijn gemeengoed geworden, aldus de organisatie.

De door het samenwerkingsverband geconstateerde stigmatisering kan ik in grote lijnen onderschrijven. Het is onmiskenbaar dat de publieke opinie ten opzichte van de moslimgemeenschap de laatste jaren drastisch is veranderd. In toenemende mate is er een tweedeling ontstaan tussen moslims en niet-moslims waarbij beide partijen elkaar stigmatiseren, met alle vooroordelen en intolerantie van dien.

Verantwoordelijkheid

Maar anders dan het samenwerkingsverband leg ik de verantwoordelijkheid hiervoor niet bij de overheid. Hier rijst een beeld op dat we steeds vaker zien in het publieke debat over de positie van de Nederlandse moslimgemeenschap. Zij meet zichzelf de rol van slachtoffer aan en wast haar handen in onschuld. Het is de 'ander' - de samenleving - die de moslimgemeenschap in de tweederangs positie heeft gebracht, zij zelf treft geen blaam. Die tendens is zichtbaar in de hele moslimgemeenschap: het is 'wij' tegen 'zij', geen tussenweg, 'de ander' heeft het gedaan.

Wat in de moslimgemeenschap ontbreekt is een maatschappelijke radar die aangeeft hoe te opereren in een pluriforme samenleving als de onze. We gaan te veel in onszelf op, met onze normen en waarden, en hebben te weinig oog voor de samenleving waarvan we deel uitmaken.

Ibrahim Wijbenga is jongerenwerker.

Commotie

Een goed voorbeeld is de recente commotie rond de uitnodigingen voor islamitische geleerden dan wel predikers in Rijswijk, Eindhoven, Helmond, Groningen, Amsterdam en Geleen. Deze controversiële gastsprekers staan zonder uitzondering met de rug naar onze samenleving. Ze wijzen de dialoog af, prediken vaak sektarische intolerantie, en betuigen in sommige gevallen steun aan de jihad en/of maken zich schuldig aan stuitend antisemitisme. Het weigeren van visa voor imams bij een bijeenkomst in Rijswijk is een goed recht, maar het stimuleert niet de tegenstem die nodig is om de discussie in de eigen gelederen aan te wakkeren.

Waarom, vraag je je af, worden zulke sprekers uitgenodigd terwijl de samenleving wordt geconfronteerd met Syrië- en Irakgangers, ouders die kinderen ontvoeren naar IS-gebied, of amper volwassenen die zelfmoord- aanslagen plegen?

De maatschappelijke onrust die deze uitnodigingen teweegbrengen, staat in geen verhouding tot de spirituele uitdaging waarvoor de moslimgemeenschap staat. Als je daaraan voorbijgaat, laat je als moskeebestuur zien dat je geen enkel maatschappelijk besef hebt. Tegelijkertijd willen deze moskeeën wel een maatschappelijk partner zijn inzake de sociale cohesie. Het lijkt een contradictie.

Stilte

Er zijn voorbeelden te over. De gemeenschap blijft stil. Bijvoorbeeld bij het onder ogen zien van het radicaliseren van moslimjongeren. Islamitische organisaties hebben daar nog geen enkel duidelijk hoorbaar standpunt over ingenomen. Ook de lokale overheden tonen geen eenduidig beleid; bij de ene gemeente wordt maximale druk opgevoerd om een lezing af te blazen, bij een andere gemeente is de prediker welkom, al dan niet met politie en tolk in de zaal.

Wie maakt uit waar de grens van vrijheid van meningsuiting wordt bereikt en met welke maat wordt gemeten? Mag Geert Wilders niet spreken over 'minder, minder Marokkanen' maar mag een gastimam wel stuitende opmerkingen maken over andere bevolkingsgroepen?

Dit is een discussie die in de moslimgemeenschap zelf moeten worden gevoerd; deze pijnlijke vragen moet men durven stellen. Imams met abjecte wereldbeelden zouden door onze gemeenschap zelf aan de tand moeten worden gevoeld. Weigeren de gastsprekers dat, dan zijn dit soort bezoeken alleen maar schadelijk, omdat daarmee hele gemeenschappen worden geïndoctrineerd.

Maatschappelijk debat werkt zuiverend, en het zal dus ook tussen moslims onderling moeten worden gevoerd. Het zou leidinggevende figuren in de diverse islamitische organisaties sieren als ze zich daarover zouden uitspreken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden