EssayFeminisme

Mooi hoor, #sisterhood, maar helpt het vrouwen verder?

Beeld Nathalie Lees

Op Instagram wemelt het ervan: #sisterhood, samen tegen het patriarchaat. Goed als vrouwen elkaar helpen, zegt Volkskrant-columnist Loes Reijmer. Maar dan moeten ze elkaar wel kritisch kunnen blijven bevragen.

De foto is op Koningsdag genomen en dus bungelt linksonder een plastic statiegeldfles met lauwe gin-tonic en verlepte schijfjes citroen aan mijn hand.

Verder staan we op de foto zoals we in de vijftien jaar daarvoor ook altijd op foto’s stonden. Mijn vriendinnen wijs, lief, schalks. En ik met de mond open, zo’n met-mij-kun-je-lachen-hoofd, het mombakkes van mensen die hun fotohoofd nog altijd niet gevonden hebben en uit ongemak maar iets raars doen.

‘De onschuld!’, schreef ik op Instagram naast de foto, ‘#vriendinnen’ en ‘#albijnavijftienjaar’.

Het is al een tijd geleden dat ik de foto online plaatste, maar zou ik dat nu doen, dan zou de caption er heel anders uit moeten zien volgens de heersende Instagramnorm. Ik zou mijn vriendinnen eerst in gezwollen zinnen moeten prijzen om hun kracht, schrijven dat het allemaal zulke sterke vrouwen zijn. Mooi ook, ‘vooral als mens natuurlijk’, want op dit visuele medium draait het zogenaamd nooit om het visuele. En dan, afsluitend: #sisterhood.

Het wemelt ervan dezer dagen. De hashtag telt op Instagram 5,5 miljoen posts. #sisterhood is picknicken in een zomerjurk, verse krullen bij de kapper, samenkomen bij een nieuwe maan, twee vriendinnen in nieuwe vakantiegarderobe op een Grieks eiland, op levenscursus bij de levenscoach, zwangere vrouwen moed inspreken voor de bevalling, bohemienista’s die dansen rond een kampvuur, op de foto met alle rondborstige collega’s van Hooters.

#sisterhood is, kortom, lekker met de meiden.

De gretigheid waarmee vrouwen momenteel hun tijd samen mythologiseren doet denken aan een paar jaar geleden, toen we plotseling heel verheven gingen doen over mannenvriendschappen. We dachten altijd dat mannen zwijgend naast elkaar op de bank bier zaten te drinken, zo is het clichébeeld althans, maar in werkelijkheid zou er sprake zijn van een diepzinnige, hogere staat van ongecompliceerdheid (heel anders dan die kakelende wijven, moesten we erbij denken).

Morele plicht

Maar #sisterhood behelst veel meer dan pronken met je knappe vriendinnen – zo zijn wij vrouwtjes dan ook wel weer. Het is ook een morele plicht. Om andere vrouwen verder te helpen. En ze bovenal niet af te vallen.

Onlangs kwamen er twee boeken uit met sisterhood als thema. Lucy Woesthoff (41) schreef Woman, ‘een liefdesbrief aan alle vrouwen’. Het boek kwam binnen op plek 6 in de CPNB-bestsellerlijst en staat er nu al zeven weken in. ‘Ik hou gewoon van ons, vrouwen, en ik denk dat we het verdienen om vaker te horen hoe geweldig we zijn’, luidt Woesthoffs motivatie om Woman te schrijven.

Maar dat niet alleen. Haar boek moet ook inspireren tot gedragsverandering. ‘Sisterhood gaat over elkaar omhooghelpen in een wereld waarin we al genoeg naar beneden worden gehaald.’

De feministen Daan Borrel (30) en Milou Deelen (24) schrijven iets soortgelijks in Krabben, een boek dat een paar weken eerder uitkwam. ‘Sisterhood gaat over samen vrijheden bevechten én bewaken, je samen sterk maken tegen het patriarchaat.’

De titel refereert aan de krabbenmand, metafoor voor het patriarchaat waarin vrouwen als krabben zitten opgesloten en elkaar klein houden. ‘Zodra één krab een poging doet uit de mand te klauteren, dan ‘krabben’ de anderen haar omlaag. Zo blijven ze in de mand zonder dat een visser op ze hoeft te letten.’ De twee proberen aan de hand van zelfonderzoek en interviews met anderen erachter te komen waarom vrouwen ‘geneigd zijn elkaar genadeloos te veroordelen’.

Genadeloos – ik bleef toch even hangen bij dat woord. Want klopt het wel? ‘Tijdens de voorbereidende gesprekken voor het boek viel het me op dat veel vrouwen meegingen in het nare beeld over vrouwen, die jaloers of venijnige wezens zouden zijn’, zei Deelen in een interview met de Volkskrant. ‘Als ik vervolgens doorvroeg naar concrete voorbeelden, kreeg ik vaak geen helder antwoord.’

Het idee dat vrouwen valse loeders zijn is een cliché dat alomtegenwoordig is in de popcultuur. Terwijl ik Krabben lees, kijkt mijn 4-jarige dochter op Netflix naar een aflevering van My Little Pony. ‘Pfff, doet die pony ook iets anders dan studeren?’, konkelen drie pastelkleurige paardjes achter de rug om van ene Twilight Sparkle. ‘Volgens mij is ze meer geïnteresseerd in boeken dan in vriendinnen.’ (Note to self: geen My Little Pony meer voor mijn dochter.)

Zelf keek ik naar Mean Girls en Gossip Girl, waarin pubermeisjes gemeen doen tot kunst hebben verheven. Maar de valse loeders winnen zelden, zo leert de moraal al snel. Queen bee Regina George wordt door een bus overreden; met de manipulatieve Blair en haar truttige haarbandjes is het lastig sympathiseren. En Selling Sunset dan, de Netflix-realityhit over een hooggehakte makelaarsclan in Los Angeles die tussen alle ruzies door erin slaagt ook nog villa’s te verkopen? Heerlijk om te kijken vanwege de huizen van 46 miljoen, maar het geroddel, de catfights en rollende ogen: erg gedateerd.

Mainstream

Feit is dat feminisme inmiddels mainstream is. En dus hebben we allang met elkaar afgesproken dat het niet oké is om vrouwen publiekelijk af te branden om hun lijf of levenswijze – en al helemaal niet genadeloos. Natuurlijk gebeurt het nog wel, we zijn er nog lang niet, maar als het gebeurt, dan wordt het ook al snel veroordeeld. Als de 56-jarige Linda de Mol in bikini op de cover van haar blad gaat staan, dan valt haar luid applaus ten deel. De enkeling die begint te zeuren over striae moet op het strafbankje.

Er zijn bibliotheken volgeschreven over de krabbenmand; nóg zijn de meningen verdeeld over de vraag of het effect bestaat. Het idee heeft zich in ieder geval zo vastgehaakt in onze verbeelding dat elk verschil van mening tussen vrouwen al snel door die bril wordt bezien.

‘Wanneer een vrouw kritiek heeft op een andere vrouw is ze direct aan het krabben en een bitch’, zegt journalist en intersectioneel feminist Hasna el Maroudi in Krabben, een relativerende stem in het boek. ‘Als een man kritiek heeft op een andere man dan wordt dat gezien voor wat het is: kritiek.’

Relletje

Oké, voor de draad ermee dan maar: ik sta er een beetje gekleurd in. Op pagina 126 figureer ik zelf in het boek. Het is een bescheiden rolletje, een alinea maar, desalniettemin niet heel flatterend in het licht van #sisterhood. In een interview met Romy Boomsma, stijlicoon en vrouw van tv-presentator Arie Boomsma, wordt een column besproken die ik twee jaar geleden over haar schreef. ‘Vrouwen zijn altijd onderdrukt, en nu doe je hetzelfde naar vrouwen die ervoor kiezen thuis [bij de kinderen] te blijven’, zegt Boomsma over mij.

In de column had ik geprobeerd haar als Instagramfenomeen te beschrijven, als merk, als iemand die echt invloed heeft, op het gebied van zowel stijl als moederschap. Vrouwen noemen haar inspirerend, willen dezelfde onbetaalbare draagdoeken, dezelfde onbetaalbare hippiejurken, dezelfde iets betaalbaardere droogshampoo. Ze bewonderen haar om haar keuze fulltime thuis te zijn bij de kinderen en willen weten hoe ze denkt over slaapjes en borstvoeding. Het droombeeld dat in hypergestileerde, romantische plaatjes via Instagram tot ons komt, zou er best eens voor kunnen zorgen dat meer vrouwen kiezen voor het thuisblijfmoederschap, opperde ik. En vooruit, ik schreef ook dat ik dat zou betreuren.

Vooral dat laatste had ik beter moeten uitleggen. Van de Nederlandse vrouwen met partner en kind is slechts de helft financieel onafhankelijk, dat maakt hen kwetsbaar als de relatie strandt. Boomsma zou zich wel redden, met haar podium, netwerk en schoonheid. Maar dat geldt niet voor veel van haar volgers. ‘Feminisme betekent voor mij dat ik mijn eigen keuzes maak’, zeiden zij en de vrouwen die het voor haar opnamen. En dat is ook zo, maar die beslissingen worden niet in een vacuüm genomen. Dit land kent een conservatieve moederschapscultuur die vrouwen in de rol van voornaamste verzorger duwt. Een cultuur waarmee het lastig breken is en die juist wordt versterkt door dit soort mooie plaatjes.

Ik probeerde dit laatste aspect te becommentariëren, maar doordat op Instagram merk en persoonlijk leven zo door elkaar lopen, zeker in het geval van momfluencers, kon de column ook gelezen worden als een persoonlijke aanval. Misschien had ik het beter moeten verwoorden, milder vooral.   

Vrouwenmedia tikten de vingers blauw over het relletje, RTL Boulevard belde of ik naar de studio wilde komen voor een reactie. Op Boomsma’s Instagram buitelden 1.500 woeste moeders over elkaar heen in verontwaardiging. De algehele #sisterhood was even ver te zoeken, zullen we maar zeggen. Lucy Woesthoff, van het boek Woman dus, schreef de column niet gelezen te hebben, maar veronderstelde wel dat ik jaloers was, #sourgrapes.

Dat maakt allemaal niet uit, maar de ervaring heeft me wel een tikkeltje sceptischer gemaakt over het in deze kringen zo luid bezongen concept sisterhood, vooral over de voorwaardelijkheid ervan. Want wie zondigt tegen de heersende moraal van het genootschap, wordt ook direct luid en duidelijk geëxcommuniceerd.

Spanning

Ik kom er zo uitgebreid op terug, omdat het relletje voor mij precies aantoont waar de spanning zit. Want kijk naar de definitie van Borrel en Deelen: sisterhood gaat over je samen sterk maken tegen het patriarchaat, schrijven de twee. Klinkt mooi, maar wat als vrouwen zich, bewust of onbewust, inzetten voor instandhouding van de traditionele rolverdeling tussen mannen en vrouwen? Mag je daar dan iets van zeggen?

Mag je het geluid dat vrouwen bij Forum voor Democratie vertolken bekritiseren? Publicist Eva Vlaardingerbroek hield op het congres van de partij een speech over ‘de gevaren van hedendaags feminisme’. ‘Verfrissend’, vond Thierry Baudet, waarop schrijver Stella Bergsma twitterde dat het net zo verfrissend was ‘als het verschraalde afwaswater dat mijn oma in de jaren vijftig door de plee spoelde’. Dat had ze niet moeten doen, zegt Bergsma schuldbewust in Krabben. Want vrouwen moeten elkaar nooit publiekelijk veroordelen.

Mag je het, op z’n zachtst gezegd, een beetje typisch vinden dat Mona Keijzer een campagnefilmpje opnam waarin ze met het schort voorgebonden pannekoeken staat te bakken, en opgelucht zijn dat ze daarmee geen lijsttrekkersverkiezing wint?

Mag je het opmerkelijk vinden dat het gezin Boomsma – ja sorry, toch weer – centraal staat in de nieuwste campagne van het draagdoekenmerk Artipoppe, aangezien naast de prachtige foto’s normerende zinnen staan als ‘vaak zijn vrouwen beter in staat voor hun kinderen te zorgen’?

En waarom zou ik, hier stappen we even van het patriarchaat af, wel Lange Frans een gevaar mogen noemen, omdat hij complotdenken aanwakkert, en Doutzen Kroes niet, puur en alleen omdat we toevallig allebei zijn geboren met een vagina?

Zo bezien is het modieuze sisterhood een inperking van de uitingsvrijheid van vrouwen.

Algehele geweldigheid

Dat is een groot offer, te groot naar mijn idee, maar Lucy Woesthoff stelt er in haar boek iets tegenover: exceptionalisme. Wat ons bindt, is niet alleen hetzelfde geslacht, maar algehele geweldigheid. Voor haar zijn vrouwen ‘prachtig’, ‘mysterieus’ en ‘fascinerend’. Ze heeft ‘gewoon een heel diep respect voor mijn fellow women’ en is ‘verslaafd aan vrouwelijke kracht’.

Vrouwen die samen plezier maken heeft ‘iets aards’, vindt Woesthoff. ‘In bijna alle culturen komen vrouwen samen om elkaar in vertrouwen te nemen, te baden, te troosten, te helen en – het allerbelangrijkste – te lachen.’

Tja, dacht ik toen ik dat las. Het ís vast ook gezellig in die women only-keukens en -badhuizen. Maar er is ook een reden dat ze tot elkaar veroordeeld zijn, en die zit aan de andere kant van de muur, breeduit te genieten van zijn veel grotere vrijheid in deze veelal conservatievere culturen.

‘Ik heb een traantje weggepinkt’, schrijft een fan over het boek op Instagram. Ik ook – door de liefdevolle manier waarop Woesthoff schrijft over actrice Guusje Nederhorst, de overleden vrouw van haar man Dinand. Maar deze fan verwoordt onbedoeld ook precies het ongemak dat ik voel bij sisterhood, als ze schrijft dat vrouwen ‘zij aan zij de wereld gaan overspoelen met motherlove’. Vrouw-zijn wordt geïdealiseerd, moeders zijn het heiligste van het heiligste. In het boek ligt grote nadruk op onze compassie, empathie, liefdevol en zorgzaam zijn: precies de kenmerken waarom vrouwen altijd al worden geprezen en die ons ook klein hebben gehouden. 

‘Women supporting women’, heette de laatste challenge op Instagram, waarin vrouwen elkaar uitdaagden een mooie zwart-witfoto van zichzelf te plaatsen, #empowering, #sisterhood. Maar hartjes harken met je knappe kop is wat vrouwen al eeuwenlang worden geacht te doen.

Soms vrees ik dat we zo druk zijn met het bezingen van onze uitzonderlijkheid dat over twintig jaar nog steeds alleen mannen aan de knoppen zitten. Het is mooi als vrouwen elkaar helpen, maar we moeten elkaar ook kunnen bevragen over waarom we doen wat we doen. Dat kan met een glimlach, zeker, maar ook met een opgetrokken wenkbrauw en scherp commentaar – zonder dat daarbij direct hoogverraad aan de vrouwenzaak wordt gepleegd. 

Het patriarchaat is een taai en eeuwenoud bouwwerk van geschreven en vooral ongeschreven regels. Dat laat zich niet zomaar slopen door louter hartjes, complimentjes en applaus.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden