ColumnMax Pam

Misschien zal de geschiedenis oordelen over Havel, zoals de Russen oordelen over Gorbatsjov

Dit weekend was ik voor een korte Havel-herdenking in Praag. In 1989 werd Václav Havel (1936-2011) tijdens de Fluwelen Revolutie gekozen tot de eerste – en zoals spoedig zou blijken ook tot de laatste – president van Tsjechoslowakije. Het was een revolutie zonder bloedvergieten. Enkele maanden later zou de Berlijnse Muur vallen en was Europa onherkenbaar veranderd.

Een jaar na de Fluwelen Revolutie, dertig jaar geleden, opende Havel in Praag een internationaal schaaktoernooi om de val van het communisme en de nieuwe vrijheid te vieren. Televisiebeelden van de gebeurtenis zijn bewaard gebleven. Je ziet hoe Havel onder ovationeel applaus de speelzaal binnenloopt en onder het oog van vele grootmeesters een partijtje begint te spelen met Bessel Kok, die als oprichter van Swift de IBAN-code introduceerde en die destijds in Praag was om de Oost-Europese telecombedrijven te privatiseren. Havel en Kok zijn zeer met elkaar bevriend geraakt.

Verschillende grootmeesters van toen waren aanwezig, dertig jaar ouder uiteraard. Sommigen liepen op krukken. Ouderdom laat niemand onberoerd, maar destijds vormden de Tsjechen een geduchte schaaknatie met namen als Kavalek, Hort, Smejkal, Jansa en Ftácnik. De spelers groetten elkaar voorkomend, maar het viel mij op dat de tegenstellingen van weleer nooit helemaal vergeten zijn en steeds, bijna onopgemerkt, weer boven komen. Het zijn de klassieke scheidslijnen die spelen bij alle grote politieke conflicten. Zonder het direct te beseffen worden mensen door de geschiedenis in drie categorieën verdeeld. Wat Oost-Europa betreft had je degenen die communist waren en actief diensten verleenden aan de machthebbers, dan waren er de dissidenten die in opstand kwamen, en daar tussenin zat een grote groep zwijgenden die meedeinden op de gebeurtenissen en over wie tegenwoordig wordt gezegd dat zij accordeerden – stilzwijgend toestemming gaven aan het regime.

In Praag werd een oude wens gehonoreerd. Ik heb altijd een bezoek willen brengen aan het Clementinum, de beroemde bibliotheek, die op instigatie van keizer Ferdinand I in 1556 is gesticht door de jezuïetenorde. Het is de mooiste bibliotheek ter wereld. Umberto Eco heeft erover geschreven en de bibliotheek is het decor geweest van verschillende (Hollywood-)films. Vanuit het Clementinum hebben Tycho Brahe en Johannes Kepler de sterren bestudeerd, waarmee zij het fundament hebben gelegd voor Newtons wetten van de zwaartekracht. Eerst het Clementinum zien en dan sterven. Als de voorwaarde was geweest dat ik had moeten intreden tot de jezuïeten, dan had ik dat gedaan.

Ooit is het Clementinum een openbare bibliotheek geweest, maar tegenwoordig mag je alleen bij hoge uitzondering naar binnen. Anders ben je veroordeeld dit wereldwonder vanuit de verte en vanachter een touw te aanschouwen. Maar Bessel Kok had voor deze speciale gelegenheid toestemming gekregen en zo liep ik met hem en grootmeester Gennadi Sosonko door de enorme zalen met tot aan de hoge plafonds theologische en filosofische boekwerken uit de tijd dat de boekdrukkunst nog maar net bestond. Met z’n drieën liepen wij achter een Tsjechische historicus aan die uitleg gaf, terwijl wij op afstand werden gevolgd door een zeer zedig geklede non-achtige verschijning die er op toe moest zien dat wij niets zouden aanraken. Het was een jonge vrouw en toen ik haar vroeg of ik een foto van haar mocht maken, begon zij heftig te blozen, waaruit ik opmaakte dat ook in het menselijk verkeer universele wetten bestaan.

Over de rondleiding valt veel te vertellen, maar ik zal mij beperken tot een kleine gebeurtenis die ons even versteld deed staan, hoewel die niets te maken had met de bibliotheek maar des te meer met het oorspronkelijke doel van ons bezoek. Tussen de kolossale collectie antieke boeken, waar wij als enigen aanwezigen waren en waar elke stemverheffing al leek te klinken als een pistoolschot, viel onze Tsjechische gids uit tegen Václav Havel.

Ja, zei hij, Havel mag een groot man zijn geweest, maar voor wie? Voor mensen in het Westen, voor Tsjechische intellectuelen, voor schrijvers en kunstenaars, voor de Praagse grachtengordel. Maar wat heeft hij gedaan voor de overige Tsjechen? Terwijl Havel praatte over de vrijheid van meningsuiting, hebben de Tsjechen buiten de steden en op het platteland het alleen maar slechter gekregen. Onder het communisme hadden veel Tsjechen een pensioentje, veel was het misschien niet, maar je kon ervan leven. Havel heeft het land in de uitverkoop gedaan. Hij heeft de grote bedrijven binnengelaten, die er met de winst vandoor zijn gegaan. Maakt u zich niet te veel illusies over Havel. Misschien zal de geschiedenis oordelen over Havel, zoals de Russen oordelen over Gorbatsjov. In het Westen wordt ‘Gorby’ beschouwd als een genie, maar de Russen kunnen zijn naam niet door hun strot krijgen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden