OpinieFrits Böttcher

Mijn vader Frits Böttcher was geen klimaatscepticus

Frits Böttcher is ten onrechte beschreven als ‘aartsvader van de klimaatscepsis in Nederland’, betoogt zijn zoon Gerard Böttcher. ‘Ik weet uit eigen waarneming hoe hij dag en nacht streed voor de boodschap van de Club van Rome.’

Frits BöttcherBeeld Hollandse Hoogte / Wiebe Kiestra

In het artikel ‘Lobbyist van een vuile wereld’ in de Volkskrant  wordt mijn vader Frits Böttcher afgeschilderd als een klimaatscepticus, die met financiële steun van multinationals ‘het verhaal kon verspreiden dat het broeikaseffect een mythe is’.

Het etiket ‘klimaatscepticus’ past hem niet. De scepsis van mijn vader betrof niet de klimaatverandering op zich, maar de oorzaken ervan en de urgentie van het probleem.

Bij het rapport van de Club van Rome schrijven mijn vader en de overige leden van het uitvoerend comité in november 1971 (!) dat de doelstelling van het onderzoek was: ‘De onderlinge afhankelijkheid en de wisselwerking van vijf kritische factoren in wereldverband na te gaan: bevolkingsgroei, voedselproductie, industrialisatie, uitputting van de natuurlijke hulpbronnen en vervuiling.’

Onhoudbaarheid

De Club van Rome wees op de onhoudbaarheid van verdergaande groei en de eindigheid van de bronnen van het menselijk bestaan. De schrijvers van het zaterdagartikel beweren dat mijn vader zich van het rapport zou hebben gedistantieerd. Dat is niet juist. Hij wees erop dat de rekenmodellen nog in de kinderschoenen stonden en men moest uitgaan van de op dat moment bekende (winbare) reserves. Dus kon niet exact kon worden voorspeld wanneer grondstoffen op zouden raken.

De auteurs verwijzen naar een verslag van een gesprek met Shell-topman Huub van Engelshoven, waarin mijn vader zei: ‘De Club van Rome en vooral mijn optreden daarin is een mythe. Die moet je in stand houden.’ In zijn memoires schrijft hij dat de Club van Rome in Nederland door de enorme aandacht voor het rapport een sterke reputatie had, maar dat van een goed georganiseerde wereldwijde actiebeweging in werkelijkheid geen sprake was. 

Alleen het uitvoerend comité vergaderde, de rest hing als los zand aan elkaar. Buiten Nederland was de Club van Rome totaal onbekend. Dat was de mythe waar hij op doelde. Die mythe hielp hem echter om de verontrustende boodschap van de Club van Rome tot iedereen hier te laten doordringen. Ik weet uit eigen waarneming hoe hij zich hier dag en nacht voor inzette. Tot zijn dood was hij erelid van de club.

CO2-hetze

Mijn vader wond zich op over wat hij de ‘CO2-hetze’ noemde. Het broeikaseffect is de basisvoorwaarde voor het leven op aarde. Zonder broeikaseffect zou de aarde onbewoonbaar zijn. Het gaat dus om de versterking van dat effect en daarvoor waren destijds meer oorzaken aan te wijzen, waaronder activiteit van de zon en aantasting van de ozonlaag door drijfgassen in spuitbussen en cfk’s (schadelijke stoffen) uit koelkasten.

Naar die factoren deed hij onderzoek en hij analyseerde de klimaatverschuivingen in het verleden − naar warmer én kouder. De grootschalige ontbossing van de regenwouden die veel CO2 absorberen, vond hij rampzalig. Zijn kritiek betrof de geïsoleerde aandacht voor het verminderen van CO2-uitstoot omdat deze afleidde van het onderzoek naar de werkelijke oorzaken van de ernstige milieuproblemen waarmee de mensheid wordt geconfronteerd. Daarbij beperkte hij zich tot de aanbeveling om geen onomkeerbare maatregelen te treffen zolang niet wetenschappelijk vaststond dat ze de juiste zouden zijn.

Niets veranderd

Helaas moeten wij vandaag vaststellen er zo goed als niets is veranderd aan de volgende zaken: de bevolkingsgroei, de daarmee samenhangende intensivering van de landbouw, de verdergaande industrialisatie, de milieuvervuiling en de uitputting van de schaarse en onvervangbare natuurlijke hulpbronnen (dus niet alleen van fossiele brandstoffen, zoals in het artikel staat).

Met de door mijn vader verfoeide ‘CO2-hetze’ is – om met de milieuactivist Paul Kingsnorth − zie zijn boek Confessions of a Recovering Environmentalist (2017) – te spreken slechts bereikt dat we nu in nog hoger tempo dan voorheen de planeet uitputten, bij voorbeeld met de productie van batterijen, niet of nauwelijks recyclebare windmolens en elektrische auto’s.

Dat gebeurt met dezelfde economische verdienmodellen die de problemen hebben veroorzaakt, maar dan zogenaamd zonder CO2-uitstoot en zonder oplossing voor ook maar één van de vraagstukken met betrekking tot de grenzen aan de groei die door de Club van Rome aan de orde zijn gesteld. Ik schrijf ‘zogenaamd’, omdat nooit wordt meegenomen hoeveel CO2-uitstoot plaatsvindt bij de productie en recycling van zonnepanelen, batterijen, windmolens en tal van andere producten die leiden tot nieuwe aanslagen op het milieu.

De sponsoring door het bedrijfsleven van het onderzoek van mijn vader staat buiten kijf. Daar was hij ook open over. Maar was het nu zo dat hij het bedrijfsleven zover kreeg zijn onderzoek te sponsoren, of spande het bedrijfsleven samen om hem voor hun karretje te spannen? Was het beter geweest wanneer dit uit publieke middelen was gefinancierd?

Gerard Böttcher is senior consultant van expertisebedrijf Context.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden