columnSylvia Witteman

Mijn moeder had nog kip liggen, maar ze had er geen zin in ‘met dit weer’

Geregeld bezoek ik mijn oude moeder. Ik bel haar dan van tevoren. Als het regent zegt ze dat ik toch niet door de regen moet komen fietsen. Als het warm is zegt ze dat ik toch niet door die hitte moet komen fietsen. Ik antwoord in alle gevallen dat ik niet van suiker ben en dus wel niet zal smelten.

Nadat deze horde is genomen, vraag ik wat ik voor haar zal meenemen. Nee, het is echt geen gedoe, mama, ik kom toch langs de markt? Nou, een half pond sperziebonen dan, en venkel. Een haring, en een ‘onbeduidend vleesje’; ze bedoelt daarmee een slavink of een tartaartje. ‘Wil je nou niet eens een bedúidend vleesje?’, vraag ik soms. ‘Een biefstukje of zo?’ Nee, daar geeft zij niet om. Maar of ik een mooi boek kan meebrengen, want van Netflix wordt ze ‘doodmoe’.

Vorige week was ik er weer, met levensmiddelen en lectuur. Ja, Theo Thijssens Het taaie ongerief had ze prachtig gevonden, maar David Sedaris was niks voor haar. Zag ik wel hoe mooi haar olijfboompje erbij stond? Ja, de venkel was lekker geweest, maar de haring slechts zozo. Trouwens, voor ze het vergat: ze had nog kip liggen, maar ze had geen zin in kip, ‘met dit weer’. Die moest ik maar meenemen en thuis braden, voor mijn gezin.

Ze toonde een bakje met drie bleke, rauwe drumsticks. Raar dat die dingen drumsticks heten, eigenlijk, want ze lijken helemaal niet op drumstokjes. Sambaballen, eerder. Sambaballen, in dit geval, waarvan de houdbaarheidsdatum was verstreken.

Lichte consternatie, gevolgd door de instructie dat ik de kip tóch moest meenemen en onderweg ergens weggooien. Maar niet in de vuilnisbak voor haar huis, want daar komen de meeuwen op af. En wacht, ze deed er een oude krant omheen, want eten weggooien was een schande die bedekt moest worden. En moest ik echt nu al weg? Waarom, ik had toch verder geen flikker te doen?

Buiten propte ik de kip in mijn fietstas en zwaaide naar haar, klein en mager, naast het olijfboompje op haar balkon. Het was zo warm dat ik daadwerkelijk vreesde te zullen smelten.

Dat was vorige week. Gisteren bezocht ik mijn moeder weer, met sperziebonen, een braadworstje en Eline Vere. Ja, het olijfboompje stond er stralend bij, ondanks die gruwelijke hitte, maar daar zijn olijfbomen natuurlijk aan gewend. En waar ik die kip nou had weggegooid?

‘Eh... ik moet nu écht weg. Sorry, razend druk.’

Na het zwaaien, om de hoek, deed ik mijn fietstas open. Niet kijken, niet kijken, weggooien, met krant en al.

Toch gekeken.

Voorlopig eet ik alleen sla. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden