ColumnJoost Zaat

Mijn mailbox stroomde vol diep verdriet over het wegglijden van geliefden

Beeld de Volkskrant

Naar aanleiding van mijn column over nagelstudio’s en verpleeghuizen stroomde vorige week mijn mailbox vol verhalen over wanhoop om het verlies van contact en diep verdriet over het wegglijden van geliefden in vergetelheid. 

‘Met onze langjarige ervaring als ouders van twee verstandelijk gehandicapte zonen van bijna 34 en 36 jaar, die sinds hun 19de jaar in een instelling verblijven, weten wij maar al te goed dat juist voor verstandelijk gehandicapten zorg op maat niet zomaar handig of nuttig is, maar dwingende noodzaak [...] En voor de goede orde, met zorg op maat wordt de maat van de cliënt (ja, zo noemen we de bewoners tegenwoordig) bedoeld en niet de maat van de zorginstelling of de bestuurder daarvan.’ 

De experimenten met glazen huisjes en beperkte toegang zien deze ouders niet als een echte oplossing. ‘Hoe leg ik aan een verstandelijk gehandicapte uit dat moeder wel langs mag komen en vader niet? Vindt papa me niet meer lief? In plaats van het gevoel van verbondenheid te vergroten, zal bezoek achter glas in veel gevallen slechts zout in de wond betekenen, het gemis vergroten en het vertrouwen in en de band met de ouders ondermijnen.’

Als sentimentele ouwe zak kan ik maar een paar reacties per keer lezen anders word ik boos of ga ik snotteren. Het verschil in perspectief tussen de reacties van bestuurders en dokters op mijn column en die van familie is opvallend. Dokters en bestuurders kijken naar de 9.053 besmettingen in verpleeghuizen, naar de 1.696 daar overleden bewoners (stand per 12 mei) en naar de draagkracht van hun personeel. 

Ze kregen op hun flikker van ziekenhuizen toen ze beschermingsmateriaal wilden hebben en van laboratoria en het RIVM toen ze medewerkers wilden laten testen. Die besturen steken hun nek niet meer uit. Intussen herkent de minister van Zorg zich niet in het beeld dat het tekort aan beschermingsmiddelen voor ellende in de langdurige zorg heeft gezorgd. 

‘We doen toch zo ons best’, roepen de papierenwerkelijkheidtijgers. Dat geloof ik wel; ze gaan niet expres de boel in het honderd laten lopen, maar die besmettingen kwamen en komen niet van al die verdrietige naasten. Die kwamen doordat de belangen van de langdurige zorg, van de mensen die daar wonen en werken altijd achteraan staan.

De coronacrisis is verworden tot ‘en nu de dagelijkse cijfers van het RIVM’ waarbij het gaat om ic-bedden, ziekenhuisopnamen en sterfte. Het verdriet wordt abstract en dus niet gezien. In mijn avondkrant staat een foto van de zonnige zaterdag in het Amsterdamse Sarphatipark, waarbij goedgekapte millennials het leven weer vieren. 

Ze kennen vast Samuel Sarphati niet, de negentiende-eeuwse Amsterdamse huisdokter die zorgde voor brood, schoon water en een ophaalsysteem met strontkarren omdat hij het leed en de cholera in de Joodse sloppenwijken niet kon verdragen. 

Wat zou ik hem graag vragen hoe hij de afweging tussen publiek belang en persoonlijke zorg zou maken. Ongetwijfeld heel wat creatiever dan onze huidige crisisbezweerders.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden