Column

Mijn huis was weer aan het dichtslibben

Column Aaf Brandt Corstius

Vorig jaar schreef ik een stuk over de Japanse opruimgoeroe Marie Kondo, die als filosofie heeft dat je alles moet weggooien waar je niet gelukkig van wordt. (Dat zijn trouwens al je spullen, behalve je afgesleten, zachte lievelingspyjama met de tekst Wake me up before you go go erop.)

Beeld anp

Op dat stuk krijg ik tot op de dag van vandaag reacties. Dat lag niet aan het stuk, maar aan het feit dat mensen te veel troep in huis hebben. Daarom lezen ze graag artikelen over methoden om de troep te bestrijden. Daar voelen ze zich beter door.

Er waren ook lezers die echt dingen gingen weggooien en mij op straat aanspraken om te vertellen dat ze 'zeven vuilniszakken' hadden weggedaan. Of al hun 'oude hobbymeuk'. Ook veel gehoord: 'De helft van mijn boeken. Mínstens.'

Na een tijdlang gesprekken voeren over de rommel van andere mensen, begon ik me bezwaard te voelen. Die mensen keken me na hun mededelingen over vuilniszakken altijd hoopvol aan om te horen wat ík recentelijk had weggedaan. En dat was niks. Mijn huis was, na een initiële Kondo-actie, weer aan het dichtslibben. In het begin loog ik nog weleens wat in de trant van: 'Zelf ga ik binnenkort aan de slag met het washok.' Maar na een tijdje begon ik de leugens al meer in de richting van de realiteit te buigen met een monter: 'Nou, bij jou is het vast veel opgeruimder dan bij mij! Dag!'

Ik begon Kondo een beetje te haten, want door haar filosofie over gelukkig makende spullen besefte ik ineens hoeveel ongelukkig makende spullen mijn huis inmiddels alweer bevatte.

Nu, in januari, is het nieuwe boek van Marie Kondo gelanceerd. Spark Joy heet het. De uitgever stuurde het naar mij op. Dat begreep ik ook wel.

Nukkig begon ik het te lezen, gezeten tussen een omhellend bruin kerstboompje en een Playmobil-kledingwinkel, die op de een of andere manier elke dag in zijn geheel op de grond klettert.

Na wat schamper lachen om onnodige mededelingen ('De wc is je detox-plek') stuitte ik op een passage over de manieren waarop mensen bakvormpjes opbergen. 'Als ze eenmaal in een plastic zak zitten is het alsof ze voorgoed verdwenen zijn, misschien omdat ze niet kunnen ademen in plastic. Of misschien komt het doordat we als vanzelf onze blik afwenden als ze op zoiets lelijks als een plastic zak in de kast stuit.'

Toen had Marie me weer. Dat van die bakvormpjes was zo waar en tegelijkertijd zo poëtisch. En tegelijkertijd zo banaal. En zo... zo Japans.

Daarna was er alleen nog het hoofdstuk nodig waarin Marie een vrouw helpt om haar paddestoelvormige-objectenverzameling in te dammen en ik was weer terug bij mijn oude geloof.

Morgen doe ik de sokkenla.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.