Column Jarl van der Ploeg

Mijn buurman, de aspirant-operazanger

Sinds twee maanden heb ik een nieuwe buurman, een sympathieke jongen van een jaar of 30 die naar Rome is verhuisd om operazanger te worden.

‘Jackpot’, dacht ik de eerste paar dagen toen zijn mi-miii-mi-mi-mi-mi-miiiii, mo-moo-mo-mo-mo-mo-moooo dwars door de dunne slaapkamermuur heen klonk. Ik had opeens te maken met een ultiem, verrukkelijk Italiaans probleem waarmee ik ongetwijfeld de lachers op mijn hand zou krijgen. Ik zou iedereen kunnen vertellen dat ik soms dagen beleef waarop ik eerst hoffelijk voorrang verleen aan vier nonnetjes in een Fiat 500, daarna een roze sportkrant lees in een bar waar de eigenaar mij professore noemt en dat ik daarna, terwijl ik thuis de pasta afgiet, ook nog eens een bariton hoor zingen.

‘Hi-la-risch’, zouden mijn toehoorders zeggen, waarna ik trots zou knikken.

Bovendien zong de buurman vaak aria’s van Giuseppe Verdi – La Forza del Destino was duidelijk zijn lievelingsopera – dus door de muur heen kreeg ik ook wat gratis culturele bagage mee.

Maar zoals dat helaas vaker gaat in het leven: wat na een dag leuk is, is na een week al beduidend minder leuk en wordt na een maand ronduit vervelend. Hoe vaker mijn buurman oefende en hoe overtuigder hij raakte van zijn eigen kunnen, hoe meer ik mij begon te storen aan dat eeuwig terugkerende mi-miii-mi-mi-mi-mi-miiii, mo-moo-mo-mo-mo-mo-moooo tijdens het inzingen.

Steeds vaker brachten zijn tonen mij terug naar vroeger, toen ik naast een muziekschool woonde en op zomerse dagen de ramen moest sluiten omdat er weer eens blokfluit- of (godbetert) vioolles werd gegeven aan weinig getalenteerde 10-jarigen die zelfs de meest infantiele liedjes om zeep wisten te helpen middels een onophoudelijke brij aan valse snerpen waarvan je op de een of andere manier altijd jeuk kreeg aan je botten.

Dit is de achterkant van al die ontroerende momenten bij X-factor en The Voice, dacht ik vanachter mijn bureau. Het werd zelfs zo erg dat ik mijzelf deze week met geheven vuist richting de muur zag benen, klaar om hard te bonzen, tot ik werd overspoeld door een vlaag van schuldgevoel. Want ik kan het toch niet maken om zomaar, als een ordinaire Buurman Bolderbast, stampij te maken terwijl deze man zijn leven wijdt aan de schone kunsten? Hoe moest ik dat de kunstredactie van de Volkskrant uitleggen? En zou ik dan niet precies hetzelfde gedrag vertonen als die kiezers in Amsterdam Oud-Zuid die jarenlang trots verkondigden dat ze links waren, tot de eerste migranten hun wijk aandeden, waarna ze subiet besloten PVV te stemmen?

‘Ach’, dacht ik na wéér een nieuwe uithaal. ‘Zijn wij niet allen zondaars?’, waarna ik op de muur klopte.

Even bleef het stil…. 

Waarna ook de buurman klopte en hij zijn aria hervatte uit La Forza del Destino – de kracht van het noodlot.

Jarl van der Ploeg vervangt in juni Aaf Brandt Corstius.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden