Verslaggeverscolumn Ariejan Korteweg in Amsterdam

Michel Houellebecq op bezoek in het land van hoeren en euthanasie

Een nadeel van schrijven over politiek is dat je nooit eens voluit kunt bewonderen zonder daar spijt van te krijgen. Net als je ongeremd de loftrompet wilt steken over het pragmatisme van Rutte, het idealisme van Klaver of de koersvastheid van Thieme, doen ze iets dat alles onderuit trekt. Politiek is geen kunst, vaak eerder een kunstje. Dan duurt bewondering nooit lang.

Daarom was het zo feestelijk dat Michel Houellebecq in het land was. De grote Franse schrijver weet hoe je de dingen doet. Iemand laat ergens vallen  strikt geheim!   dat er wellicht een bijzondere buitenlandse gast naar het Boekenbal komt. Uiteraard zingt het verhaal zich rond; er ontstaat opwinding, krantenfotografen worden ingeseind. Voor je het weet is hij de ster van het bal.

Zo ging het ook bij de Franse lancering van Serotonine, zijn nieuwe roman. Interviews geeft hij niet meer, toch kreeg een Amerikaans blad hem vlak voor verschijning te spreken. Als hij dan zegt dat hij Donald Trump een van de beste Amerikaanse presidenten vindt, is aandacht gegarandeerd.

Houellebecq op het Boekenbal Beeld Martin Haan

De middag na het Boekenbal organiseerde zijn uitgeverij, de Arbeiderspers, een Fête Houellebecq in het Betty Asfalt Complex, dat daarvoor veel te klein bleek. Halina Reijn las prachtig voor, Aafke Romeijn zong, Pieter Waterdrinker sprak, wetenschapper Sabine van Wesemael gaf een jaloersmakend knap minicollege over zijn plek in de Franse literatuur en ik mocht wat vertellen over Houellebecq en de actualiteit. Houellebecq is een genadeloos observator, die feilloos de plekken aanwijst waar het wringt. Elke nieuwe roman doet pijn. Hier, maar in Frankrijk nog meer, alleen al omdat hij de leegloop van het platteland en de morose stemming zo haarfijn vastlegt.

Aan die analyses dankt hij zijn faam als visionair. Het probleem van de islam in het Westen kaartte hij aan toen er nog amper aandacht voor was; hij beschreef een terroristische aanval op een vakantieoord in Azië ver voor de aanslag op Bali. In Serotonine vertelt hij over een gewelddadige opstand op het Franse platteland, voordat de gilets jaunes opkwamen.

Uit Serotonine blijkt ook dat hij veel moest overwinnen om naar Amsterdam te komen. Een Nederlander kan nooit xenofoob zijn, schrijft hij: want Nederland is niet eens een land, het is een onderneming. Een rondborstige Nederlandse doet hem aan een reclame voor Goudse kaas denken, Nederlanders die hij ontmoet, noemt hij opportunistische hoeren. En passant blaast hij de mythe nieuw leven in dat depressieve mensen wereldwijd in Nederland euthanasie kunnen krijgen.

We staan er mooi op. Toch gaat er een golf van opwinding door de zaal als tegen het eind van de middag psychiater Damiaan Denys is net een gelukservaring aan het vertellen  twee figuren binnenschuifelen. Daar zijn ze, de grote schrijver en zijn dame: de Chinese Qianyum Lysis Li, met wie hij in september trouwde — Carla Bruni zat op de voorste rij. Hij gaat zitten, een beetje ineengedoken. Zijn huid is vaal, de ogen zwemmen rond. Toch lijkt hij in betere conditie dan een paar jaar geleden, toen zijn tanden het leken te begeven en zijn haren helemaal hun eigen gang gingen.

Als Stella Bergsma speciaal voor hem nog eens over de stripteaseuse zingt, geeft hij geen krimp, maar Lysis Li glimlacht voor twee. Na afloop signeert hij, totdat de nicotine hem roept. Allemaal meevallers voor de organisatie, die nergens op gerekend had. De afspraak was: aanwezig bij het Boekenbal en verder geen verplichtingen, vertelt Martin de Haan, vaste vertaler en dezer dagen ook een beetje impresario.

Dat de grote schrijver later acte de présence geeft op het feestje ten huize van de uitgever, is dus boven alle verwachtingen. Hij houdt z’n parka aan en laat alles aan zich voorbijtrekken. De muziek van zijn vriend Iggy Pop weerhoudt hem er niet van al snel in het luchtledige te verdwijnen. Dat gaat rimpelloos, Houellebecq is bijna geheel vergeestelijkt.

Iedereen op het feestje heeft vervolgens wel een verhaal over hem. Er zijn er die hem kennen sinds zijn boek over H.P. Lovecraft uit 1985. De uitgever kan mooi verwoorden hoe zijn ronddwalende blik zich soms ineens zodanig focust dat je er van schrikt: ‘Hoooo, wat gebeurt hier.’ Martin de Haan, die een vertrouweling werd, noemt hem een spons. ‘Mensen willen hem hun leven vertellen. Hij zelf zegt zo min mogelijk, maar onthoudt alles.’

Houellebecq is het spiegelbeeld van een politicus. Hij beheerst de kunst van het afwezig aanwezig zijn. Het is niet gemakkelijk zo’n beroemd schrijver te zijn. Maar hij gaat daar voortreffelijk mee om.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden