ColumnLisa Bouyeure

Men vond de vorige jaren twintig ook al roerig, maar ik word erg onrustig van deze tijd

Omdat Netflix het me vrij dwingend had aanbevolen, zat ik op een zaterdagmiddag naar Barry Lyndon te kijken. Dat is, voor wie hem niet kent, een meer dan drie uur durend kostuumdrama van Stanley Kubrick uit 1976. De kijker volgt Barry, een Ierse plattelandsjongen die zich in het midden van de achttiende eeuw via allerlei omwegen de adellijke stand in weet te bluffen. Erg de moeite waard, alleen al omdat elke still mooi genoeg is om in een museum te hangen.

Maar ook omdat de film je, als je je er tenminste aan overgeeft, in een ritme brengt dat schaars is geworden. Dialogen zijn lang en traag, er worden zwijgend veelbetekenende blikken uitgewisseld en de shots duren gemiddeld 13,3 seconden. Even ter referentie: tegenwoordig zijn dat gemiddeld 2,5 seconden, een kleine eeuw geleden waren het er 12. Om het einde van Barry Lyndon te halen, moet je in deze tijd dus enige wilskracht tonen. De beloning is dat het bij de aftiteling voelt alsof je een week in een Zwitsers kuuroord hebt doorgebracht.

Het is niet heel verwonderlijk, als je bedenkt dat men de vorige jaren twintig al roerig vond, maar ik ben iemand die erg onrustig wordt van deze tijd. Een prima illustratie wat dat betreft is Netflix, waar previews automatisch beginnen af te spelen en je dus vlug van film naar serie moet klikken om de drukte voor te blijven. En als je eenmaal gekozen hebt, lonkt er altijd een nog sneller dopamineshot in de vorm van een scrollsessie op je telefoon. (Een aap met een kruiwagen!)

In Wanderlust (2000) van Rebecca Solnit, een essaybundel over wandelen die ik dit jaar las, schrijft ze: ‘Ik hou van wandelen omdat het langzaam gaat, en ik heb het vermoeden dat de geest, net als de voeten, met een tempo van zo’n vijf kilometer per uur functioneert.’ Als dat zo is, redeneert ze, gaat het moderne leven sneller dan ons denken. Het is een eloquente verwoording van wat het witte konijn uit Alice in Wonderland ook al ondervond: ‘The hurrier I go, the behinder I get.’

In zijn column voor HP/De Tijd schreef Ilja Leonard Pfeijffer onlangs over de concentratiestoornis waar de moderne samenleving aan lijdt, wat volgens hem een oorzaak is van de ontlezing onder jongeren. Onderwijs zou zich wat Pfeijffer betreft dus meer op concentratie moeten richten: urenlang teksten ontcijferen in een doodstille, prikkelarme omgeving, zen-boeddhistische meditatie beoefenen en met volle aandacht bloemschikken of zwaardvechten. Niet alleen de interesse in literatuur stimuleren, maar ook zorgen dat potentiële lezers hun aandacht erbij kunnen houden.

Misschien dat ze ook baat zouden hebben bij dopaminevasten, zoals in Silicon Valley sinds kort wordt gedaan: niet eten, geen schermen, geen muziek, sport, seks of werk, geen oogcontact en zo min mogelijk praten. Dopamine is verslavend, aldus een vastende startup-oprichter die door The New York Times werd geïnterviewd. Hoe meer we ervan krijgen, hoe meer we ervan willen. ‘Activiteiten die vroeger plezierig waren, zijn dat daarom nu niet meer.’ Ons brein is gewend geraakt aan zo’n grote hoeveelheid prikkels, dat we er steeds meer nodig hebben om verzadigd te raken. Dat heet dan vernieuwing.

Zelf heb ik er vooral zin van gekregen om al dopaminevastend vol overgave te bloemschikken, en films te kijken waarvan niet met zekerheid is te zeggen of ze in slowmotion worden afgespeeld.

Misschien dat iemand dit stukje over honderd jaar smalend terugleest, want dacht die vrouw nou echt dat zíj in een roerige periode leefde? Maar ik heb de hoop dat we tegen die tijd tot bezinning zijn gekomen. Dat de volgende jaren twintig de kwalificaties oersaai en onbewogen krijgen, en de geschiedschrijvers verheugd optekenen: het was een periode van grote stilstand, werkelijk revolutionair!

Ik ga me het komende decennium in elk geval storten op The Luck of Barry Lyndon, naar het schijnt een alleraardigste schelmenroman uit 1844.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden