COLUMNIONICA SMEETS

Meer dan 200 studenten examineren is een helse klus

Beeld de Volkskrant

Vorige week gaf ik een onlinetentamen voor meer dan tweehonderd studenten. De laatste keer dat ik zo zenuwachtig was voor een tentamen, was toen ik twintig jaar terug op moest voor mijn mondeling stochastische optimalisatie.

Het tentamen van vorige week ging over het vak On Being a Scientist, dat zoals de naam al aangeeft gaat over wat het betekent om een wetenschapper te zijn. Ik geef het samen met filosoof Bas Haring en historicus Frans van Lunteren en we bespreken onder andere verschillen tussen vakgebieden, typische loopbanen in de academische wereld, dubieuze onderzoekspraktijken en systemen die dat laatste zouden moeten voorkomen.

We hadden net ons eerste college gehad toen de lockdown begon. In een noodtempo gingen we over op digitaal onderwijs. We gebruikten minicolleges uit een bestaande onlinecursus, ik maakte op mijn zolder begeleidende vlogs en een klein leger aan student-assistenten hielp de studenten bij het online werken aan wekelijkse groepsopdrachten.

De moeilijkste puzzel bleek het onlinetentamen. Hoe zet je dat op om onderling overleg te voorkomen? We geloven dat de meeste studenten deugen, maar ons vak ging er ook over dat je systemen zo moet ontwerpen dat ze fraude niet in de hand werken. Er bestaat surveillancesoftware waarmee je studenten filmt via de webcam. Dat leek ons ethisch gezien nogal ingewikkeld, zeker nadat we hadden gelezen over een student die tijdens een tentamen brakend achter haar bureau zat, omdat ze niet mocht weglopen van de camera.

We kozen voor een combinatie van strak getimede, gerandomiseerde meerkeuzevragen en essay-achtige open vragen. Bij die laatste sloten we zo veel mogelijk aan bij de huidige situatie, bijvoorbeeld met een vraag over wat je zou doen als een docent je verzoekt om even snel een subsidievoorstel voor onderzoek naar covid-19 te schrijven omdat dat ‘makkelijk scoren is’.

Het was absurd hoeveel meer tijd en stress het tentamen maken kostte dan normaal. Er waren zo veel details om over na te denken. Voor studenten die slechts een deel van het vak volgden of die extra tijd nodig hadden, moesten bijvoorbeeld aparte versies komen. En studenten moesten heel zorgvuldig aan het juiste onlinetentamen worden toegewezen, terwijl we onophoudelijk mails kregen van studenten waarbij er iets was misgegaan met aanmeldcodes.

Waar je als docenten in een tentamenzaal relatief makkelijk dingen ter plekke kunt oplossen, zaten we nu nagelbijtend achter onze computers te hopen dat het goed zou gaan. Uiteindelijk lukte het meer dan tweehonderd studenten om het tentamen in te leveren. Al kon een groep natuurkundestudenten niet inloggen, omdat er op dezelfde tijd een tentamen kwantummechanica was gepland en het niet bleek toegestaan op dezelfde tijd een ander tentamen te openen. Dat leverde fijne grappen op over tentamens die je tegelijk wel én niet kunt doen, maar het was natuurlijk enorm zuur voor die studenten.

Een student meldde ook dat ze het jammer vond dat ze bij de meerkeuzevragen niet mocht teruggaan naar de vorige vragen. Dat deed ze normaal wel en vond ze fijner. Dat lijkt me een adequate beschrijving van dat hele onlineonderwijs. Normaal doen we het anders, en dat is fijner.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden