Opinie

Matteo Renzi speelt blufpoker

Door zijn lot te verbinden aan een referendum, zet Renzi de deur open voor de populistische Vijfsterrenbeweging en dreigt de EU een steunpilaar kwijt te raken, betoogt Michael Braun.

Bondskanselier Merkel kijkt naar de Italiaanse premier Renzi. Links de Franse president Hollande, 27 juli 2016. Beeld LightRocket via Getty Images

Optimistisch als altijd was de toonzetting van Matteo Renzi, toen hij vorige week dinsdag in Milaan een tentoonstelling over wetenschappelijk onderzoek opende. In de ogen van de minister-president is Italië 'een buitengewoon land voor wetenschappers, vernieuwers', een 'referentiepunt voor de hele wereld'. Kortom: 'Italië is leader'.

Weg met de moedeloosheid, met het pessimisme, met de gevoelens van minderwaardigheid. In plaats daarvan aanstekelijk optimisme in het volle besef van de eigen kracht: dat is de manier waarop de jonge Florentijn zichzelf profileert en hij doet er alles aan om Italië naar zijn evenbeeld gestalte te geven. De staatsschuld staat op 133procent van het nationaal inkomen, de groei kwam in 2015 niet verder dan een magere 0,8procent, nog altijd is 40procent van de jongeren werkloos. Toch komen bij Renzi als vanzelfsprekend zinnen over de lippen als 'Italië zal de grote verrassing van de EU zijn en zal sterker worden dan Duitsland'.

De gewonde zielen van de onder de crisis gebukt gaande Italianen liefkozen, hen mobiliseren voor een dynamische doorstart die de krachten van het land opnieuw vrijmaakt: het was een offensief van optimisme dat Renzi binnen een paar jaar aan de top bracht. Eind 2013 nam hij de leiding over van de Partito Democratico (PD) en in februari 2014 veroverde hij het premierschap. Italië was moedeloos en lusteloos, het verkeerde in de diepste crisis sinds 1945. Ook de achterban van de gematigd-linkse PD was de moed in de schoenen gezonken.

De partij had onder haar oude leiding bij de verkiezingen van februari 2013 met 25procent een onverwacht slecht resultaat behaald. Ze had moeten toezien hoe ook de debuterende Vijfsterrenbeweging van de komiek Beppe Grillo 25 procent scoorde.

Toch, zo leek het, kon de nog maar 39 jaar oude Renzi Grillo verslaan met diens eigen wapens. Ook hij presenteerde zich als radicale vernieuwer, als 'sloper' van de gevestigde politieke klasse, als man van het volk en ook van populistische oplossingen. Amper in de regering schonk de nieuwe minister-president tien miljoen werknemers een lastenverlichting van 80 euro per maand.

Dat recept bleek te werken. Bij de verkiezingen voor het Europees Parlement in mei 2014 schoot de PD omhoog naar 41procent en zakte de Vijfsterrenbeweging naar 21procent. De Italiaanse media vroegen zich af of het land na de twintig jaar van het tijdperk-Berlusconi, een twintigjarig tijdperk-Renzi zou krijgen. Maar nu vragen de media zich af of de minister-president de herfst van 2016 overleeft.

De schok kwam met de gemeenteraadsverkiezingen van afgelopen juni. Twee jonge kandidaten van de Vijfsterrenbeweging wisten het burgemeesterschap van Rome en dat van Turijn op de PD te veroveren. Virginia Raggi (37) zegevierde in Rome met 67procent in de tweede ronde, Chiara Appendino (32) kwam in Turijn uit op een verrassende 55procent.

Dat was een afknapper voor de minister-president en voor zijn PD, die in de peilingen blijft steken op 30procent. Plotseling zit Renzi in het defensief. Daarbij moet hij de komende maanden twee uitdagingen tot een goed einde brengen om politiek te overleven: het referendum over de grondwet en de bankencrisis.

Michael Braun is correspondent in Rome voor de Berlijnse krant Die Tageszeitung en de Duitse radio.

Eigenlijk zijn de belangrijkste punten van de hervorming van de grondwet populair. De afschaffing van de provincies, de vergaande beperking van de macht van de Senaat en de verkleining van dit orgaan tot 100 senatoren uit de regio's bevallen veel burgers. Maar Renzi beging de kapitale blunder om dit komende referendum om te vormen tot een plebisciet over zijn eigen persoon, met de aankondiging dat hij zich 'uit de politiek zou terugtrekken' als hij zou verliezen.

Dat was koren op de molen voor de rechtse oppositie, voor de Vijfsterrenbeweging en ook voor de door Renzi gedesavoueerde vertegenwoordigers van de linkse minderheid in de PD. Zij leiden nu allen de nee-campagne, in de hoop voor eens en voor altijd de daadkrachtige premier af te stoppen.

Na de Brexit dreigt nu de 'Renxit', gelooft de Italiaanse politicoloog Roberto D'Alimonte. Een nederlaag van de pro-Europese regering tegen de eurosceptische oppositie zou een nieuwe schokgolf in de hele EU kunnen ontketenen.

De EU heeft Renzi nodig. Hij is een van de weinige overgebleven ankers van stabiliteit, nu het Verenigd Koninkrijk voor de Brexit heeft gestemd, nu Spanje nog ver weg is van de vorming van een regering, nu de Franse president Hollande minder krachtig en minder populair is dan enige van zijn voorgangers.

En zo mocht de Italiaanse premier zich erop verheugen dat hij direct na het Britse referendum door Merkel en Hollande werd uitgenodigd voor een topoverleg. Eind augustus volgt een nieuw topoverleg met zijn drieën: Italië lijkt teruggekeerd tot het gezelschap van de groten van Europa.

Maar zoals de EU Renzi nodig heeft, heeft Renzi de EU nodig in de bankencrisis. De banken zuchten onder niet-terugvorderbare kredieten van 200miljard euro en het slechtst staat de Toscaanse bank Monte dei Paschi di Siena (MPS) ervoor. De regering zou graag willen helpen met belastinggeld, maar na de in werking getreden bankenrichtlijn van de EU mag zij dat niet. In plaats van een bail out door de staat geldt nu de bail in: eerst moeten de aandeelhouders en beleggers worden aangeslagen, net als de spaarders met een tegoed boven de duizend euro.

Wat dat betekent heeft Italië al in november 2015 ervaren met de afwikkeling bij vier kleine nutsbanken. Ongeveer 10duizend kleine spaarders, die in obligaties in die banken belegd hadden, verloren meer dan 300 miljoen euro. Woedende spaarders gingen de straat op, een gepensioneerde beroofde zich van het leven en de echo hiervan in de media was voor de regering verwoestend. Dat zou nog maar een klein voorproefje kunnen zijn vergeleken met een faillissement van de MPS. Dan zou het gaan om 60 duizend kleine aandeelhouders met een kapitaal van meer dan 3 miljard euro.

Nu slaat Renzi weer zijn optimistische toon aan. Spaarders en beleggers zijn 'in veiligheid', sust hij, een met de EU afgestemde oplossing zou 'zeer dichtbij' zijn. Maar vorige week maandag verklaarde voorzitter Jeroen Dijsselbloem van de Eurogroep dat hij tegen reddingsoperaties door de staat is en dat de problemen 'binnen de banken geregeld moeten worden'. Een bail in bij de MPS zou evenwel desastreus voor de regering zijn en de kansen van Renzi bij het referendum over de grondwet drastisch verkleinen.

Er zijn nog twee hypotheken die de regering van Renzi belasten. Hij heeft de mond vol van 'nieuwe politiek'. Maar omdat de PD geen meerderheid heeft in het parlement, is hij afhankelijk van oude Berlusconi-politici , die verwikkeld zijn in talloze affaires van cliëntelisme en corruptie. Dat laatste geldt ook voor veel politici van zijn eigen partij.

Een tweede hypotheek weegt net zo zwaar. Sinds 2014 heeft de regering talrijke hervormingen in gang gezet, bij justitie, het openbaar bestuur en in het onderwijs. Maar deze hervormingen kunnen pas op de langere termijn tot resultaten leiden. Renzi heeft daarentegen geen economische agenda om op korte termijn de stagnerende groei aan te zwengelen. De burgers zijn dan ook pessimistisch. In opiniepeilingen zegt driekwart van de ondervraagden dat zij de komende jaren geen groei verwachten.

Zo dreigt voor Renzi al na enkele jaren in de regering erosie van zijn machtspositie. En zijn in 2014 aangebroken tijdperk zou na een nederlaag met het referendum over de grondwet zelfs een kort intermezzo kunnen blijken. Dan zou Italië weer daar uitkomen waar het zich bevond voor de opmars van Renzi. Dat wil zeggen: met een overgangsregering van de PD en het kamp-Berlusconi die zich moeizaam verhoudt met de crisis, net als de kabinetten onder Mario Monti en Enrico Letta in de jaren 2011-2014.

Een nederlaag van Renzi zou ook de beste kansen bieden voor de Vijfsterrenbeweging. Nu al gaat deze antiestablishment- en anti-europartij met 30procent gelijk op met de PD. In de peilingen gaat zij aan kop in alle beroepsgroepen, van de arbeiders tot en met de functionarissen in de private en publieke sectoren, van de ondernemers tot de vrije beroepen. Alleen bij gepensioneerden en huisvrouwen ligt de PD nog voor.

Wat tot voor kort nog ondenkbaar leek, kan bij het falen van Renzi werkelijkheid worden: een verkiezingsoverwinning van de Vijfsterrenbeweging, met alle onvoorspelbare gevolgen voor Europa vandien.

Michael Braun is correspondent in Rome voor de Berlijnse krant Die Tageszeitung en de Duitse radio. Braun is politicoloog. Hij won in 2013 de Premio Giornalistico 'Altiero Spinelli' voor zijn verslaggeving over de Europese eenwording.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.