Opinie

Martin Sommer: Niemand spreekt Wilders, iedereen schrijft over hem

De omgang tussen de traditionele media en de populisten is niet de normale omgang.

Wilders staat de pers te woord nadat hij heeft gestemd tijdens het Oekraïne-referendum. Beeld anp

Een jaar geleden sprak ik Geert Wilders voor het laatst. Zijn kamer bevindt zich in een vleugel van het Tweede Kamergebouw die 'Hotel' wordt genoemd. Het was ooit een hotel, nu een vesting. Ik moest door een Schiphol-procedure maar dan extra strong: riem af, schoenen uit, en dan nog een tweede sluis. Even later kwam ik tweede man Martin Bosma tegen. Die kan heel gemeen grijnzen en zei dat dit de behandeling is voor speciale gasten, te weten journalisten van linkse kranten. Dan door een lange kale gang. Aan het eind is een zitje, met twee bewakers met oortjes. Boven hun hoofden hing een rijtje cartoons van Gregorius Nekschot.

Geert Wilders is een grote kerel, geeft een royale hand. Zijn kamer was nog hetzelfde als de keer ervoor. Gordijnen dicht vanwege de potentiële aanslagen. Alweer flink wat jaren terug had ik hem in dezelfde kamer over het koningshuis gesproken. Tussendoor was hij een keer bij ons op de Haagse redactie geweest, onder zware bewaking. Nu wilde ik hem strikken voor een interview. Niet zo'n tussendoortje van tien minuten, maar een groot vraaggesprek. Over politieke dilemma's, zoals je dat met elke partijleider van een belangrijke partij zou doen. Liefst zou ik zijn hele carrière doornemen. Ook zijn tijd bij de VVD, voor zijn vertrek in 2004. Hij was prominent in de fractie en had naar het schijnt zelfs uitzicht op het fractieleiderschap. Ook wilde ik het hebben over de moeilijkheden straks als hij 35 zetels zou halen. Bijvoorbeeld om fatsoenlijk gekwalificeerd personeel te vinden. Hij schoot in de lach, maar zijn antwoord moet ik u schuldig blijven. Het gesprek was op achtergrondbasis.

Uiteindelijk kwam het er niet van. Het liep af zoals het meestal afloopt. Wilders laat sms-gewijs plotseling niets meer van zich horen. Hij heeft er gewoon geen zin in. Of waarschijnlijker, hij ziet er geen politiek voordeel in. Waarom over dilemma's praten? De PVV heeft geen dilemma's. Een soortgelijke ervaring had ik onlangs met Martin Bosma. Ik wilde koffie drinken. Zoals je dat doet met invloedrijke politici. Dat was eerst moeilijk, toen mogelijk. Als het maar niet in Den Haag was. Goed, dan in Amsterdam. Vervolgens toch weer onmogelijk. Daarna zwijgen. Naar de reden was het gissen. Onvrede over het woeste management van de fractie dat Wilders wordt toegeschreven? Daarover wordt veel geschreven, maar altijd zijn afvalligen de bron. Dat is lastig. Afvalligen willen graag terug in de burgermaatschappij en hebben een belang om hun voormalige partijbaas af te branden. De rest zwijgt als het graf.

Martin Sommer is politiek commentator van de Volkskrant. Beeld Martijn Beekman

Mediastrategie

Nee, de omgang tussen de traditionele media en de populisten is niet de normale omgang, zoals met andere partijen. Dat begon al bij Pim Fortuyn. Die hanteerde een heel eigen mediastrategie. Hij negeerde de publieke omroep en de kranten naar het hem uitkwam. Helemaal ongelijk had hij niet. Ik denk aan Marcel van Dam die hem 'een minderwaardig mens' noemde.

De Volkskrant stond ambivalent tegenover Fortuyn. Wij waren trots op het befaamde interview waarin hij zei: 'als ik het rondkrijg, komt er geen islamiet meer in'. In dezelfde krant stond een hoofdartikel waarin Fortuyn een 'ongeleid projectiel' wordt genoemd, die zich met zijn 'rabiate opvattingen' heeft 'gediskwalificeerd voor het regeren'. Zo'n interview was mooi, maar zonder begeleidend schrijven hoe het diende te worden opgesoupeerd, ging het niet. Wilders overkwam jaren later hetzelfde. Hij schreef een ingezonden stuk waarin hij de Koran wilde verbieden. Het werd het belangrijkste nieuws van de dag, terwijl in dezelfde krant een commentaar stond waarin de toerekeningsvatbaarheid van Wilders werd betwijfeld. Een merkwaardige bijsluiter - als Wilders niet compos mentis was, moest hij immers naar de dokter en zeker niet op pagina 1 van de krant.

Populisten krijgen vaak het verwijt dat ze zich niet aan de regels van het spel houden. Dat is zeker zo; soms scheren ze zelfs langs de uitgangspunten van de democratie. Bijvoorbeeld als ze dreigen zich niet bij de uitslag neer te leggen, van een rechtszaak of van verkiezingen. Volgen de media als het gaat om populisten als Trump of Wilders de spelregels wel?

Kopvoddentaks

Vijf jaar geleden interviewden Remco Meijer en ik tweede man Martin Bosma in zijn kamer. Wij vroegen hem waarom het nodig was dat de PVV er zo hard inging, met woorden als kopvoddentaks en dergelijke. Dat was om duidelijk te maken dat ze bij de PVV geen zoete broodjes bakken, zei Bosma. Bij de PVV communiceren ze ongefilterd met de mensen in het land. Zonder internet was er nooit een PVV geweest, zei Bosma. 'Via de omroep of de krant krijgen ze eerst vier keer het woord extreem-rechts te verduren.' Daarom vond hij een ledenpartij ook niks. Verkeerde mensen hadden in de PVV willen infiltreren via het partijlidmaatschap. Maar aangezien je geen lid kon worden, had het probleem zich niet voorgedaan. Geen leden, geen problemen, concludeerde hij.

De ledenpartij is een van de elementen die telkens terugkeren in het debat over de vraag of de PVV een fascistische organisatie is. Geen open partijorganisatie, leiderschapsbeginsel, het goede volk en de slechte elite, het verdacht maken van de media, zondeboktheorie en nog zo wat criteria; in menig politicologisch boekwerk sinds 2004 is al de conclusie getrokken dat Wilders een fascist is en zijn PVV de nieuwe NSB of erger.

Anderen die ik serieuzer neem, zeggen dat Wilders geen fascist is omdat hij nimmer geweld heeft bepleit. Ik heb nooit wat gezien in dit debat. Omdat het fascisme het absolute kwaad is, betekent het etiket fascist voor Wilders dat het denken subiet ophoudt. Wilders kan worden genegeerd, zijn aanhang afgeserveerd en zijn thema's schouderophalend afgedaan. Dat schiet niet op. Alweer acht jaar geleden schreef mijn toenmalige collega Ron Meerhof hierover een zeer goed artikel. Dat was naar aanleiding van een discussie op de redactie of Wilders' voorstel van een koranverbod ja of nee plaatsing verdiende.

Toentertijd klaagde een nieuwsmonitor dat de krant alles 'hypete' wat Wilders meldde. Er was ook een Franse fascisme-onderzoeker die vond dat in Nederland te veel over Wilders werd geschreven zonder dat er telkens foei bij werd geroepen. Maar de nieuwsmonitor bleek slechts de keren dat de naam Wilders werd genoemd te scoren, niet de context waarin. Ook met het tekort aan foei roepen bleek het mee te vallen.

Het stuk van collega Meerhof had de titel 'We hebben eerder te weinig over Wilders geschreven dan te veel'. De strekking was dat Wilders een fijne neus heeft voor wat er leeft. Eerst was er de islam, volgens Wilders zíjn thema. En dus een plantje dat hij naar eigen zeggen van tijd tot tijd moest begieten. Daarna kwam Europa, 'hun Brussel, ons Nederland'. In de tussentijd boorde Wilders de onvrede over het Koninklijk Huis aan, die ook de afgelopen Algemene Beschouwingen ruimschoots werd geventileerd - in dit verband noemde premier Rutte zelfs Pechtold een populist.

Je hoeft het er beslist niet mee eens te zijn. Maar het was in politiek opzicht allemaal recht in de roos. In het verwoorden van de gevoelens van zijn kiezers, is Geert Wilders zonder twijfel een zeer goed politicus gebleken. Dat bepaalt nog steeds de blik waarmee ik naar hem en zijn PVV kijk. Ik zie het niet als mijn taak hem pootje te lichten. Mijn journalistieke opdracht is de blik op de buitenwereld van zijn aanhang te begrijpen, de realiteitswaarde ervan te beoordelen, en het waarom van de kennelijke onmacht van andere partijen om hun opvattingen te ontkrachten. Toegang krijg ik niet, dus noodgedwongen hanteer ik het beginsel van de vader van Max Pam, ooit journalist bij Het Parool: met politici praat je niet, daar schrijf je over.

Dit is het bekorte praatje dat Martin Sommer vorige week hield tijdens de conferentie 'Rechtspopulismus im Spiegel niederländischer und deutscher Medien' in het Goethe-Institut Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden