column Peter de Waard

Mag het laatste beursfonds het licht uitdoen?

In de tijd dat de bomen tot in de hemel groeiden, paars glorieerde – net als de dance – en het communistisch ideaal met de val van de Muur werd verpulverd was een beursnotering voor een bedrijf een begerenswaardig doel. Het gaf status en was een signaal van succes, afgezien van het feit dat het de mogelijkheid gaf aan aandeelhouders en topmanagers om binnen te lopen. De kabinetten Kok verheerlijkten het volkskapitalisme. Iedere burger kreeg een rijksdaalder korting op de aanschaf van een aandeel KPN, zodat kon worden meegedeeld in de beursbonanza.

Maar vier jaar later eindigde die abrupt met de internetdip. Met KPN en woekerpolissen bleek het klootjesvolk knollen voor citroenen te hebben gekocht. Sinds die tijd is de beurs een plek van hel en verdoemenis. In de VS is het aantal beursgenoteerde bedrijven in twintig jaar gedaald van 6.500 naar 3.300. Ondanks de aankondiging van een nieuwe grote beursgang – die van een Zuid-Afrikaans ict-concern – loopt ook het Damrak leeg. Van de 200 bedrijven zijn er nog 125 over.

Soms lijken beurzen op museums van financieel erfgoed. Vers bloed is er nauwelijks. Bedrijven zijn schuw geworden voor een publieke notering. Het is duur. Daarnaast is men daar een doelwit van aasgieren. Er moet allerlei informatie publiekelijk worden gedeeld, waardoor negatief nieuws meteen op straat ligt en tot onrust kan leiden onder klanten en personeel. En er komt een boekenkast van regelingen op het bedrijf af, zoals de Wet op het financieel toezicht en de codes Tabaksblat en Frijns. Wie geld wil aantrekken voor investeringen – en daar is de beurs voor bedoeld – heeft bij deze rentestanden een notering niet nodig. Een private-equitybedrijf als eigenaar betekent een rustiger omgeving. Het is veel hipper om een unicorn te zijn – een privaat bedrijf met een omzet van een miljard of meer – dan een beursfonds.

Ook bestaande beursbedrijven kopen al jaren meer eigen aandelen op dan dat ze plaatsen, waardoor het aanbod verschraalt. De beurs is een exclusieve speelplaats geworden voor de grote jongens met een abonnement op een roze zakenkrant.

De Britse vermogensbeheerder Schroders waarschuwde onlangs dat dit tot grotere sociale ongelijkheid zal leiden. Burgers kunnen niet meer op directe wijze deelnemen aan de waardestijging van bedrijven. Zij zijn aangewezen op de spaarrekening (met nul of negatieve rente). Schroders wil daarom dat het verschil in toezicht en regelgeving tussen beursgenoteerde bedrijven en private bedrijven wordt teruggedrongen. C&A en Hema zouden ook met de billen bloot moeten, net zoals Ahold. Daarnaast moet een beursgang goedkoper worden. Nu blijft 7 procent van de opbrengst van een emissie aan de strijkstok van zakenbanken hangen.

Maar voordat een regering het volkskapitalisme weer omarmt zal er toch eerst een paarse PvdA’er in het Torentje moeten zitten. En dat betekent meestal ook dat het beursklimaat omslaat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden