Opinie

Machtsbeluste Loekasjenko en Poetin kunnen nog slechts op hun middelvingers teren

Wie op niets meer uit is dan machtsbehoud en zijn inwoners weinig anders te bieden heeft dan een anti-westerse rancuneleer, doet geen moeite in de ogen van die westerse wereld respectabel over te komen, betoogt Olaf Tempelman.

'Zowel Poetin (r) als Loekasjenko behoorde in de Sovjet-Unie niet tot de top, maar tot het middenkader van het staatsapparaat. Mannen die bekwaam waren in het opknappen van karweitjes.' Beeld AP
'Zowel Poetin (r) als Loekasjenko behoorde in de Sovjet-Unie niet tot de top, maar tot het middenkader van het staatsapparaat. Mannen die bekwaam waren in het opknappen van karweitjes.'Beeld AP

De slotregel van een der wereldwijd meest gedraaide nummers op de radio, Hotel California van The Eagles, luidt: You can check out any time you like but you can never leave. Check rustig uit, weg kun je toch niet. In voormalig communistisch Europa was dit precies de oude Sovjetwereld. Wie vluchtte, was niet veilig. Het minst veilig waren degenen die uitcheckten en zich daarna aan kritische journalistiek waagden. Ten minste drie van de Roemeense hoofdredacteuren van Radio Free Europe in München stierven geen natuurlijke dood. De Bulgaarse schrijver-journalist Georgi Markov kreeg in 1978 op een Londense brug met een paraplu gif in zijn been geprikt als straf voor zijn werkzaam­heden voor de BBC World Service.

Loekasjenko’s kaping op 23 mei van het Ryanairtoestel met daarin de gevluchte journalist Raman Pratasevitsj – die de afgelopen negen maanden in Vilnius met een digitaal nieuwskanaal over de repressie in zijn thuisland berichtte – past in een traditie. Toch was die kaping in Sovjettijden ondenkbaar geweest. Operaties tegen prominente dissidenten vonden plaats in het uiterste geheim, autoriteiten ontkenden elke betrokkenheid.

Het regime van Loekasjenko durfde op klaarlichte dag een tegenstander uit een tot landing gedwongen vliegtuig te sleuren, en hem daarna, met zichtbare wonden aan zijn polsen, tot een spijtbetuiging op tv te dwingen. Het regime van Poetin – zonder hem zat Loekasjenko niet meer in Minsk – deed de afgelopen jaren nauwelijks moeite te verdoezelen dat het verantwoordelijk was voor aanslagen met radioactieve substanties op gevluchte tegenstanders in Groot-Brittannië.

Van de Britse schrijver Francis Spufford (De rode belofte) is het inzicht dat mannen als Poetin en Loekasjenko niet gebukt gaan onder iets wat de Sovjetleiders van weleer wel aankleefde: een behoefte aan respectabiliteit. Die Sovjetleiders hadden een ideologie. Conform de dogma’s van die ideologie zouden ze de westerse wereld overtreffen. Hun geloof in die ideologie nam door de jaren heen af, ze wilden respectabel overkomen. Afrekeningen met tegenstanders kwamen uit de koker van geheime diensten die daarvoor waren opgericht.

Sporen verdiend

De huidige leider van Rusland heeft in zo’n dienst zijn sporen verdiend. Zowel Poetin als Loekasjenko behoorde in de Sovjet-Unie niet tot de top, maar tot het middenkader van het staatsapparaat. Daarin vond je vaak praktische mannen die het niet moesten hebben van marxistisch-leninistische verhandelingen, maar die wel bekwaam waren in het opknappen van karweitjes. Dat verschil zie je nu. De Sovjetleiders waren tegen het Westen omdat ze, conform hun ideologie, over een beter sociaal ontwikkelingsmodel beschikten. De huidige leiders van Rusland en Belarus zijn tegen het Westen omdat het een bron is van ‘perverse invloeden’ oftewel een bedreiging voor hun macht. Wie op niets meer uit is dan machtsbehoud en zijn inwoners weinig anders te bieden heeft dan een anti-westerse rancuneleer, doet geen moeite in de ogen van die westerse wereld respectabel over te komen.

Sinds Loekasjenko deze maand de grenzen van Belarus hermetisch sloot, is de bewegingsvrijheid van inwoners er weer net zo gering als in Sovjettijden. Sinds de Russische rechter in april oppositieleider Navalny’s organisatie als ‘extremistisch’ verbood, is er net als in Sovjettijden geen reële oppositie meer. Het is verleidelijk te concluderen dat aan de oostgrens van de EU een soort romp-Sovjet-Unie ontstaat van Rusland met Belarus als voortuin. Maar voor de leiders van die ‘romp-Sovjet-Unie’ telt louter de eigen macht.

Russische en Belarussische autoriteiten zijn zich de afgelopen tien jaar gestaag van meer repressie gaan bedienen om uit te wissen wat er sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie aan tegenmacht was ontstaan. Tegelijkertijd profiteren die leiders van de mate waarin hun landen sinds het einde van de Sovjet-Unie economisch met de Europese Unie verstrengeld zijn geraakt en van de grote verschillen tussen en binnen EU-landen in hun houding ten opzichte van Rusland.

Les geleerd

Poetin heeft de les geleerd dat verontwaardiging over ‘opgestoken middelvingers’ (het annexeren van de Krim, het plaatsen van Buk-raketten in het oosten van Oekraïne, het vergiftigen van de belangrijkste oppositieleider) aanvankelijk groot is, maar dat onder EU-landen vrij snel weer de bereidheid kan ontstaan om over te gaan tot de orde van de dag.

Rusland is een groot en belangrijk land en begint meteen aan de oostgrens van de EU, het Poetin-regime is een geopolitieke realiteit, je kunt het niet mijden zoals Noord-Korea. Sancties zullen altijd een beperkt effect hebben. Echter: dat effect is nog veel geringer als EU-landen ondertussen de facto steeds verder met Poetins Rusland verstrengeld raken, bijvoorbeeld in de vorm van de bijna voltooide Duits-Russische gaspijpleiding Nord Stream 2.

Waar Poetin in Frankrijk en Italië op steun mag rekenen in de grote rechtspopulistische partijen, profiteert hij in Duitsland van een stroming in de sociaaldemocratische SPD (oud-kanselier Schröder is nog altijd goed met Poetin bevriend) waarvan de leden zeggen: als je Poetin met respect behandelt, krijg je zijn respect terug. Voor die hypothese levert de praktijk geen enkel bewijs. Ook voor ‘Putinversteher’ is het handig te beseffen dat Loekasjenko zonder Poetin geen gevluchte journalist uit een met straaljagers omgeleid westers vliegtuig had kunnen sleuren.

Na de vergiftiging van de Russische oppositieleider Navalny in augustus vorig jaar, zei CDU-Bondsdaglid Norbert Röttgen: ‘De annexatie van de Krim, het neerhalen van MH17, Syrië, moorden, vergiftigingen, aanvallen op onze democratische instituties met hacks, dat zat allemaal al in het vat. Het cynisme en de brutaliteit van deze vergiftiging heeft het vat doen overlopen. Als we Poetin duidelijk willen maken dat we het niet meer accepteren, dan is het stopzetten van Nord Stream 2 essentieel.’

Dat is niet gebeurd, terwijl het vat sindsdien aan een stuk door is blijven overlopen. Het lot van Pratasevitsj is net zo’n goede reden om met Nord Stream 2 te stoppen als het lot van Navalny.

Olaf Tempelman is redacteur van de Volkskrant.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden