Maak van Nederland een kansenmaatschappij

Volgens het rapport Integratie in zicht? van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) blijft, ondanks het toegenomen opleidingsniveau, de achterstand van niet-westerse migranten op de arbeidsmarkt onveranderlijk groot. De onderzoekers van het SCP concluderen dat bij de tweede generatie minder dan de helft van het verschil in werkloosheid kan worden verklaard door kenmerken als opleidingsniveau en leeftijd. Dat betekent dat discriminatie meer dan de helft van de achterstand van de tweedegeneratiemigranten op de arbeidsmarkt verklaart.

De ISK Drachten, waar leerlingen wegwijs worden gemaakt in Nederlandse gebruiken en gewoonten. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

In dezelfde week dat de SCP zijn rapport publiceerde, luidde de Sociaal Economische Raad (SER) de noodklok over de tegenvallende arbeidsintegratie van de recente stroom asielzoekers. Het beeld van 'de hoogopgeleide en snel inzetbare vluchteling' betreft maar een zeer beperkte groep. Hans Wansink riep in het commentaar in deze krant het nieuwe kabinet op een deltaplan te ontwikkelen om een sociaal drama te voorkomen waarbij de vluchtelingen, net als eerdere generaties migranten, geïsoleerd raken in de bijstand, verstoken van elk perspectief op een zelfstandig bestaan in het land van aankomst.

Wansink constateert terecht dat vluchtelingen beter integreren in landen zonder uitgebreide verzorgingsstaat. Net als in de VS zouden nieuwkomers in Nederland de eerste vijf jaren geen aanspraak moeten kunnen maken op bijstand behoudens bijzondere omstandigheden. Het klinkt hardvochtig, maar verschilt in wezen niet van de behandeling die arbeidsmigranten uit Oost-Europa ten deel valt en weerhoudt die laatsten er niet van om in Nederland te gedijen. De afwezigheid van een sociaal vangnet betekent dat nieuwkomers er zelf belang bij hebben om zich aan te passen en de taal te leren zodat ze in hun eigen onderhoud kunnen voorzien.

Niet alleen hebben nieuwkomers in Nederland geen financiële prikkel om te werken, ze krijgen vaak de kans ook helemaal niet. Vluchtelingen mogen niet of slechts een beperkt aantal weken per jaar werken. Bovendien zijn de arbeidskosten aan de onderkant van de arbeidsmarkt prohibitief hoog. Een werkgever moet voor een volwassene op minimumloonniveau, inclusief alle premies sociale verzekeringen, meer dan 20 euro per uur neertellen. Migranten die de taal niet spreken en/of laag zijn opgeleid kunnen zo niet aan de slag op een manier die voor werkgevers loont. Hun arbeidsproductiviteit is domweg te laag.

Nederland voor veel migranten geen thuisland

Hoe gaat het met de integratie van niet-westerse migranten? Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) onderzocht de ontwikkelingen in de afgelopen vijftien jaar: ze doen het beter in het onderwijs dan eerst, maar hebben toch minder kans op werk dan autochtone Nederlanders. (+)

Om te zorgen dat de Nederlandse arbeidsmarkt wél plek biedt aan nieuwkomers is het nodig structurele arbeidsmarkthervormingen door te voeren waarbij de belasting- en premiedruk aan de onderkant fors worden verlaagd. Alleen op die manier worden er aan de onderkant van de arbeidsmarkt banen gecreeerd, bijvoorbeeld in de persoonlijke dienstverlening, die in Nederland nu niet of nauwelijks bestaan. Denk aan banen als hondenuitlater, portier, tuinier en kinderoppas en ook banen in de bediening, nagelstudio's en stomerijen. Dat is des te urgenter nu door de automatisering de bestaande banen aan de onderkant, zoals vakkenvuller en caissière, dreigen te verdwijnen.

Maar niet alleen aan de onderkant van de arbeidsmarkt ontbreekt het niet-westerse migranten aan kansen. De werkloosheid onder deze groep is drie keer zo hoog als onder autochtonen en dat is voor een belangrijk deel het gevolg van discriminatie. Daarom is een voorkeursbeleid voor niet-westerse migranten nodig. De overheid kan dit zelf in haar aannamebeleid realiseren en mee laten wegen bij de aanbesteding van projecten en het uitdelen van subsidies. Op lokaal niveau kunnen gemeenten afspraken maken met de horeca over diversiteit.

Nederland zou zo meer op de stad New York lijken die met haar levendige dynamiek een ware smeltkroes is. Het populisme heeft weliswaar ook de VS stormenderhand veroverd, maar dat geldt niet voor mijn stad.

Maar liefst 86 procent van alle New Yorkers heeft op Hillary Clinton gestemd, dat is zelfs meer dan destijds op Barack Obama. Natuurlijk valt er op New York wel wat af te dingen. Zo zijn de scholen goeddeels gesegregeerd en hangt de kwaliteit van het onderwijs rechtstreeks samen met het inkomen van de ouders. Ook is het rechtssysteem in New York allesbehalve kleurenblind en is de gezondheidszorg niet voor iedereen even goed toegankelijk.

Maar op die punten hoeft Nederland het voorbeeld van New York niet te volgen. Hoe zei mijn vader dat ook al weer? Toets alles en behoudt het goede.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden