Opinie Elektrisch rijden

Maak kosten van opladen elektrische auto transparant

Er moet een einde komen aan de ondoorzichtigheid van tarieven bij openbare elektrische laadpalen, betoogt Matthijs Guichelaar.

Openbare elektrische laadpaal in de Utrechtse wijk Lombok. Beeld Marcel van den Bergh

De komende jaren zullen we steeds meer elektrische auto’s op de weg zien. Begin dit jaar telde ons land bijna 45 duizend volledig elektrische auto’s: een verdubbeling ten opzichte van het jaar ervoor. Nu staat de teller alweer bijna op 85 duizend. De ANWB stelde onlangs dat 2020 de doorbraak zal betekenen van de elektrische auto bij de particuliere rijder.

Goed nieuws, al ken ik ook de vele ­tegenwerpingen. Inderdaad, op een totaal van zo’n 8,5 miljoen personenauto’s kun je het nog geen ‘inburgering’ van de elektrische auto noemen. En ja, de groep particulieren die zonder zakelijke voordelen elektrisch rijdt, is nog klein.

Maar die groep groeit en zal dat blijven doen, met de lage brandstof- en onderhoudskosten, de introductie van goedkopere modellen en de voorgenomen stimulans van e-occasions.

Maar voordat we voluit koers zetten richting de verwachte 1,5 miljoen elektrische rijders in 2030, moet er nog wel het nodige gebeuren. Want de sector is bepaald nog niet klaar voor die vele particuliere rijders. De elektrische markt wordt namelijk te vrij gelaten bij het bepalen van tarieven, en bij de communicatie hierover met klanten.

Ook de meest overtuigde elektrisch rijder is, waarschijnlijk, begonnen in een benzineauto. We zijn zodoende ­allemaal ‘boter bij de vis’ gewend: we rijden naar een tankstation, zien wat we per liter betalen, en tanken maar. Zo werkt het bij laden dus niet. Wie de auto bij een openbare laadpaal laadt, weet dikwijls niet wat er per kilowattuur wordt gerekend. Pas aan het einde van de maand komt een factuur voor alle laadsessies. Dat is voor zakelijk rijders wellicht geen probleem, voor de snelgroeiende groep particulieren zal dit een lelijke tegenvaller zijn.

De huidige ondoorzichtigheid kan je flink in de portemonnee raken. Een voorbeeld uit de gemeente Den Haag. Wie hier aan Carnegieplein besluit te laden, betaalt 35 eurocent per kWh en een starttarief van 0,12 cent. Rijd je echter nog geen 500 meter verder naar de paal in de Billitonstraat, dan betaal je slechts 30 cent per kWh, zonder extra starttarief. Het verschil in prijs lijkt klein, maar uitgaande van gemiddeld vier laadsessies per week van 25kWh scheelt dat op jaarbasis zo’n 285 euro.

Ik kan niet één branche bedenken waarin het mogelijk is dat er zo onduidelijk wordt gecommuniceerd over prijzen. Zoals het tv-programma Radar eind 2016 al constateerde: er zit ontzettend veel verschil in de tarieven per laadpaal, per leverancier en per exploitant, waardoor consumenten door de bomen het bos niet meer zien. We zijn drie jaar verder en nog steeds is totaal niet duidelijk wat de kosten bij een laadpaal zijn.

Dit probleem is dus al langer bekend in de branche. Goede intenties worden steeds herhaald, maar er gebeurt niets. We moeten stoppen met oeverloos discussiëren en concrete stappen zetten voor een volledige prijstransparantie. Daarom hebben wij een nieuwe kaart gelanceerd die overzicht biedt van alle publieke laadpalen. Oproep aan alle partijen: deel je laadtarieven en sluit je aan. Of leg aan de consument uit waarom de prijs voor elektrisch laden nog altijd zo ondoorzichtig moet zijn.

Matthijs Guichelaar is CEO van groen energiebedrijf Vandebron

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden