opinie lezersbrieven

Maak een landschapspark voor populieren

De ingezonden lezersbrieven van woensdag 3 oktober.

De Ooijpolder bij Nijmegen. Beeld Thomas Schlijper

Brief van de dag: populieren

Staatsbosbeheer wil de helft van de bomen aan de Bisonbaai in de Ooijpolder bij Nijmegen kappen vanwege de veiligheid. Het gaat daarbij juist om de mooiste en dikste bomen. Ik pleit voor een landschappelijk experiment waarbij de bomen door kunnen groeien tot hun natuurlijk eind.

Populieren kunnen heel groot worden, tot wel 4 meter dik. Nu zijn er al bomen die, bijna 70 jaar oud, ruim anderhalve meter dik zijn. Op deze gunstige plek gaan de meesten hun maximale formaat wel halen.

Maar het is ook mooi om te zien hoe ze weer ten onder kunnen gaan. Met stormen krijgen deze bomen de volle laag. Er kunnen stukken uit waaien. Er wordt er wel eens eentje door de bliksem getroffen. Bij de laatste grote storm zijn er zelfs een paar omgewaaid en sommige als een luciferhoutje afgeknapt. Met een tractor krijg je deze kolossale bomen echt niet om.

Het is indrukwekkend om te zien aan wat voor natuur­geweld ze moeten hebben blootgestaan.

Het is eeuwig zonde dit wonder van de natuur en een van de mooiste landschappen van ­Nederland moedwillig te vernielen. Het schijnt dat Staatsbos­beheer bang is voor schadeclaims als er mensen zouden worden getroffen door vallende takken. Die kans is echter klein.

Mijn voorstel: Maak er een landschapspark van, zodat mensen ook eens de schoonheid van oude populieren kunnen zien. Zet een bord bij de ingang met ‘betreden op eigen risico’ plus een wervende uitleg van het hoe en waarom.

Gertjan Altena, Nijmegen

Bevolkingsdebat

In de discussie over bevolkingspolitiek lopen twee zaken door elkaar: de omvang en de samenstelling van de bevolking. Dat hebben de auteurs van ‘Bevolkingsdebat is oude wijn in nieuwe zakken’ (O&D, 2 oktober) goed gezien. Zij stellen dat prognoses over bevolkingsgroei er flink naast kunnen zitten en dat de gevolgen voor infrastructuur en verzorgingsstaat afhangen van de manier waarop Nederlanders gaan samenleven.

Het idee dat de overheid de toekomst kan voorspellen en bepalen, zou getuigen van een verouderd ‘maakbaarheidsdenken’. Tegen dit defaitisme hebben Paul Scheffer en Jan Latten zich nu juist gekeerd. We maken ons al jaren druk over de gevolgen van bevolkingsgroei, maar niet over die groei zelf. Terecht wordt in het genoemde artikel opgemerkt dat er de afgelopen twintig jaar volop is gerapporteerd over de veranderende bevolkingssamenstelling. Maar ook hier gaat het alleen maar over de gevolgen en wordt de oorzaak – immigratie – als gegeven beschouwd.

Nu ligt de bevolkingsgroei zelf onder een vergrootglas en is de vraag opgeworpen welke omvang en samenstelling van de Nederlandse bevolking moet worden nagestreefd. Stellen dat de aanpak van dit vraagstuk onmogelijk is, werpt ons terug op een achterhaald defaitisme en houdt in dat het taboe op bevolkingspolitiek blijft voortbestaan.

Jan van Weeren, Velp

Zuinig met daglicht

Een lappendeken van tijdsverschillen dreigt in Europa. Waarom neemt de Benelux niet de vrijheid om het huidige systeem, ook wel DST (Daylight Saving Time), te handhaven? Dat laat ons optimaal profiteren van het beschikbare daglicht. De meeste menselijke activiteiten spelen zich af in daglicht. Met het huidige systeem is het in de ochtend ’s zomers niet te vroeg licht en ’s winters niet zo laat. En hoezo gedoe met klokken verzetten? Veel klokken passen zich vanzelf aan. Koeien worden tegenwoordig automatisch gemolken en onderzoeken naar gezondheidseffecten zijn niet overtuigend. Een mens past zich vlot aan. Wat anders te denken van die dagelijkse vluchten door vele tijdzones. In deze tijd van zuinig omgaan met grondstoffen pleit ik ervoor ook ­zuinig om te gaan met daglicht.

Jan HollebeekApeldoorn

Stint

Los van het feit of de Stint momenteel technische gebreken kent of niet (Ten eerste, 2 oktober), is het verwonderlijk dat je tien personen (kinderen) mag vervoeren in een open bak, zonder bescherming en zonder helm en daar niet eens een rijbewijs voor nodig hebt. Met de toelating op de weg is de toenmalige minister van verkeer Schulz van Haegen al de fout in gegaan.

Rien van BroekhovenRijsbergen

Omaatje

Stints kregen in 2014 sterkere motoren omdat ze te zwak bleken en ­‘iedereen ze wilde inhalen, ook omaatjes op de fiets’ (Ten eerste, 2 oktober). Ik was zo’n omaatje op de fiets (zónder hulpmotor) en ik ben heel blij dat mijn kleindochter voorlopig niet meer in zo’n raar ding wordt vervoerd.

Margreet de Broekert (64 jaar), Bussum

Ontwikkelingshulp

Interessant opiniestuk van Ellen Mangnus over de inzet van ontwikkelingsgelden (O&D, 2 oktober). Ik wil daar, ook vanuit Kenia, toch een kanttekening bij plaatsen.

Delen van Afrika liggen al decennia lang aan het ontwikkelingsgeld­infuus. Dat heeft in de afgelopen 70 jaar nu niet helemaal opgeleverd wat we er van verwachtten. Inderdaad is de materie complex, maar laten we het experiment eens aangaan en ­kijken wat de nieuwe relatie tussen het (Nederlandse) bedrijfsleven en de Keniase boer iedereen oplevert. Niet alleen op microniveau van die ene boer die erover klaagt dat zijn ugali (lokaal maisgerecht) niet te krijgen is, maar iets breder. Boeren kunnen ­namelijk in deze opzet van elkaar ­leren en daar de vruchten van ­plukken. Soms met boontjes en soms met mais.

De hele keten kan daarmee floreren en als dan de corruptie ook nog een beetje wordt ingedamd (een belangrijker oorzaak van een deel van de problemen hier) dan komen we er misschien wel.

Ronald BerkhuizenNairobi, Kenia

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.