Lokale overheid heeft recht op uitleg van Bos

Het was de mantra van minister Bos in ieder Kamerdebat over de kredietcrisis: het toezicht op de financiële sector is in Nederland veel beter geregeld dan in de Verenigde Staten. Er is nog steeds geen reden de juistheid van deze stelling te betwisten.

De Nederlandsche Bank is daarmee als voornaamste toezichthouder niet bij voorbaat boven iedere kritiek verheven. Minister Bos wekt niettemin die indruk nu hij de gemeenten en provincies die in totaal meer dan 200 miljoen euro bij de IJslandse bank Landsbanki/Icesave hadden ondergebracht, verwijt dat ze ‘om een procentje meer rente’ te veel risico hebben genomen. Die kritiek is te makkelijk.

Lagere overheden zijn vrij om geld dat zij niet meteen nodig hebben op een bank naar keuze te zetten, mits de financiële instelling aan bepaalde eisen voldoet. In het geval van Icesave gingen zij er terecht vanuit dat de goedkeuring door toezichthouder DNB voldoende waarborgen inhield. Quod non. Op het totale budget van de lagere overheid valt de schade mee, maar bij de gemeenten en provincies die het betreft, komt de klap hard aan.

Grootste slachtoffer tot nu toe is de provincie Noord-Holland, die 79 miljoen op een rekening bij Landsbanki had staan, en ook nog eens 20 miljoen bij de inmiddels failliete zakenbank Lehman Brothers. De verbazing van gedeputeerde Hooijmakers (Financiën) over de bekentenis van DNB-president Wellink dat De Nederlandsche Bank inzake Icesave al eind juli/begin augustus nattigheid voelde, valt goed te begrijpen. Waarom dan niet gewaarschuwd? Moet Bos’ beschuldiging dat IJsland de Nederlandse autoriteiten verkeerd heeft voorgelicht, verbloemen dat DNB heeft gefaald als toezichthouder en Landsbank/Icesave nooit de zege had mogen geven?

Echter, ook aan de lokale overheden zijn vragen te stellen. De betrokken gemeenten en provincies lijken zich keurig aan de Wet Financiering Decentrale Overheden te hebben gehouden. Deze wet is een uitvloeisel van de zogenoemde Ceteco-affaire uit 1999, toen de provincie Zuid-Holland miljoenen bleek te hebben verspeeld met de handel in aandelen. De regels zijn sindsdien aangescherpt. Het gaat niet aan te speculeren met belastinggeld. De wet verbiedt lokale overheden echter niet op zoek te gaan naar banken – Nederlandse of buitenlandse -– die de hoogste rente bieden.

Noord-Holland benutte deze ruimte volop en verspreidde haar geld over niet minder dan zestien banken in binnen- en buitenland. Het begrip goed rentmeesterschap werd hier erg ver opgerekt. Deze vorm van ‘creatief bankieren’ past een provincie of gemeente – en dat geldt ook voor andere (semi-) overheidsinstellingen als waterschappen, scholen en woningcorporaties – evenmin als beleggen.

Op het eerste gezicht valt daarom veel te zeggen voor de suggestie van minister Bos de lokale overheid te verplichten alleen nog te bankieren bij ‘staatsbanken’ als de Bank Nederlandse Gemeenten of het geld te stallen bij het ministerie van Financiën.
Blijft staan dat gemeenten en provincies moeilijk kan worden verweten de risico’s van een rekening bij een IJslandse bank te hebben onderschat, als de verantwoordelijke toezichthouder daar kennelijk zelf ook geen zicht op had.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden