Literatuurcriticus in Nederland is een man van middelbare leeftijd

Het hele waardensysteem van de literatuur is in Nederland opgehangen rondom mannen van middelbare leeftijd, van recensenten tot uitgevers.

Schrijver Joost de Vries Foto ANP

Joost de Vries, jurylid van de AKO Literatuurprijs en Groene-redacteur, stelde afgelopen weekend in een interview met de Volkskrant zonder ironie dat jonge auteurs niet moeten 'klagen' dat 'alle recensenten' in Nederland 'mannen van boven de vijftig zijn'.

Laten we ons even tot wat cijfers beperken: de gemiddelde leeftijd van de auteurs op de toplijst voor de AKO Literatuurprijs is dit jaar 65, de hoogste leeftijd sinds de invoering van de prijs. De genomineerde auteurs zijn daarnaast allemaal man. Zo zijn ze samen bijna een kopie van de voorzitter van de jury, Job Cohen (68).

Geboortejaren

De enige poëziecriticus van De Groene Amsterdammer, het blad waar De Vries criticus is, is Piet Gerbrandy, 56 jaar oud. En de prozacritici naast De Vries zijn Kees 't Hart, 70, en Marja Pruis, 55.

De bekendste criticus van Vrij Nederland, en de enige die elke week over twee bladzijden één boek bespreekt, heet Jeroen Vullings. Leeftijd: 52. Bij Trouw is Rob Schouten de meest toonaangevende criticus. Zijn leeftijd? 60. En in de Volkskrant heeft Arjan Peters elke week een literaire column, en recht op 'de grote recensie'. Hij is 50. Bij Het Parool is het Arie Storm (51) die elke week sterren uitdeelt. Bij NRC Handelsblad: Arjen Fortuin, de jongste, van het gilde: 43. Daarnaast is Arjen Fortuin de chef van de boekenbijlage van zijn krant, net zoals Jeroen Vullings dat al jarenlang is bij Vrij Nederland. De chef van de boekenbijlage van Het Parool heet Maarten Moll (48), die van Letter & Geest (Trouw) Lodewijk Dros (50). Bij het boekenkatern van de Volkskrant staat sinds een jaar een vrouw aan het roer, Wilma de Rek, maar ik moet de eerste recensie van haar hand nog lezen. Ze schreef wel een aantal stukken over literatuur.

Die stukken over de stand van de literatuur verschenen afgelopen jaar natuurlijk ook elders: Rob Schouten in Vrij Nederland ('De toekomst van de roman') en Jeroen Vullings in De Gids ('Het jutwerk telt'). Uitzondering wat betreft geslacht was Nelleke Noordervliet, in De Groene ('De roman als Phoenix'). Maar in de reeks Over de roman, in gang gezet door uitgeverij Athenaeum, Polak en Van Gennep en de Koninklijke Vereniging van het Boekenvak en het Nederlands Letterenfonds schreven Bas Heijne, A.F.Th. van der Heijden, Oek de Jong en Marcel Möring vier van de vijf delen. Ik ben gestopt met het opzoeken van de geboortejaren.

Ik klaag niet, ik tel

Dus als De Vries in de Volkskrant stelt dat 'jonge schrijvers' niet moeten 'klagen' dat 'alle recensenten' in Nederland 'mannen van boven de vijftig zijn', begrijp ik niet wat hij bedoelt. Ik klaag niet, ik tel en concludeer: de criticus in Nederland is een man van middelbare leeftijd.

Dat is niet verwonderlijk: het hele waardensysteem van de literatuur is in Nederland rondom mannen van middelbare leeftijd opgehangen, van recensenten tot uitgevers. Bij de vijf belangrijkste uitgeverijen - De Bezige Bij, Ambo|Anthos, De Geus, Atlas Contact en Prometheus is er één vrouwelijke directeur te vinden: Mizzy van der Pluijm van laatstgenoemde uitgeverij. Ook de belangrijke redacteuren en presentatoren van radio- en televisieprogramma's waar af en toe een schrijver aan tafel zit, zijn man: Pieter van der Wielen, Wim Brands, Cornald Maas, Joost Karhof, Matthijs van Nieuwkerk, Jeroen Pauw. En als ik samen met Hanna Bervoets op televisie ben, is de vraag: 'Wie zijn de nieuwe grote drie?' U weet wel, de Grote Drie, die grijze mannen met pijpen en een typemachine.

Ons idee van de auteur is het idee van Job Cohen van een auteur: een blanke man, uiteraard, van zijn eigen leeftijd, uiteraard, want pas dan heb je iets te vertellen, uiteraard.

Weinig vrouwen

Begrijp me niet verkeerd, ik zeik niet over het patriarchaat: als ik maar lang genoeg wacht, word ik er vanzelf onderdeel van. En de toekomst van de roman ligt bij jonge schrijvers, zelfs als ze er eerst oud voor moeten worden. En ook tegen die tijd zullen er nog altijd weinig vrouwen op de AKO-toplijst staan (deze samenstelling is geen unicum: het is de zevende keer in 27 edities dat er geen vrouwen bij de toplijst zitten, op de tiplijst van 25 boeken stonden er slechts 4). En zullen de critici van mijn leeftijd zijn en mij dus beter begrijpen - of andersom. Zonen kunnen zich alleen onbegrepen voelen als de vader hen ook daadwerkelijk niet begrijpt.

Tot slot: in zijn interview zegt De Vries ook dat jonge auteurs als Maartje Wortel en ikzelf ons maar moeten 'melden' in het literaire debat, als we zo ontevreden zijn. Ook dat lijkt mij een voorbeeld van mannen-van-een-zekere-leeftijd-denken, de criticus die zichzelf als de maat der dingen neemt. Ik schrijf boeken, ben regelmatig op de opiniepagina's van kranten terug te vinden, en bijna maandelijks in Hollands Maandblad. Maar boekrecensies schrijven, dat is niet mijn vak.

Het wachten is dus op jonge(re) critici, die wat vaker een plek krijgen om in de boekenkaternen iets over de boeken en stukken van jongere auteurs te zeggen. En dan het liefste één of twee die niet kijken en schrijven zoals de oude heren doen (de eindeloze vergelijkingen met Nescio, Reve en Wolkers) en daardoor de ruimte krijgen. Tot die tijd klaag ik niet, maar reken ik.

En besteed ik mijn verdere energie aan het schrijven van boeken en het optreden in boekhandels en op scholen en festivals. Daar heb ik namelijk alle tijd en ruimte om mijn stem te laten horen in het literaire debat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.