Opinie

Links schaadt ook kanslozen in Brazilië

De terechte afzetting van Dilma Rousseff maakt de weg vrij voor een links dat minder corrupt is.

Beeld anp

De afzetting van de Braziliaanse president Dilma Rousseff is goed nieuws voor de democratie in Brazilië. Nu is duidelijk dat een president niet op eigen houtje en tot elke prijs zijn plannen kan uitvoeren. En de andere boodschap voor de toekomst: een president die sjoemelt en onpopulair is, loopt het risico door de volksvertegenwoordiging afgezet te worden. Zoveel parlementaire slagkracht is in een presidentieel systeem als Brazilië heeft even wennen.

Een andere positieve consequentie: het vertrek van Dilma, een socialist met denkbeelden uit de jaren '50 en '60, maakt de weg vrij voor een nieuw links. Minder dogmatisch en arrogant en meer van de wereld. Dat kan Brazilië, nog steeds kampioen ongelijkheid, goed gebruiken.

De PT, de partij van Dilma en haar voorganger Lula, is nog niet toe aan herbezinning. Die houdt ook deze dagen nog krampachtig vast aan de theorie van een coup. Maar van een coup is nimmer sprake geweest. Het parlement is gekozen door het volk en heeft de taak de president te controleren. Als die zich schuldig maakt aan een ambtsmisdrijf kan de senaat hem afzetten. Impeachment is een bewerkelijke procedure, wettelijk vastgelegd. In het geval van Dilma is deze keurig doorlopen met uitgebreide mogelijkheden voor de president om verhaal te halen, inclusief bij het Hooggerechtshof.

Het afzettingsverzoek kwam niet van 'samenzwerende' politici, maar van activistische burgers. Onder hen een van de oprichters van de PT, een gerespecteerde 94-jarige jurist en politicus, die zijn partijlidmaatschap in 2005 opzegde. Dat deed hij uit protest. De PT - toen met Lula als president - bleek op grote schaal stemmen in het parlement te kopen. Lula's kabinetschef (in de praktijk de premier) werd ervoor tot elf jaar gevangenisstraf veroordeeld.

De kern van de PT hecht niet aan transparantie of begrotingsafspraken. Dilma's regering nam zonder toestemming kredieten op en maskeerde tekorten op de balans. Daardoor leek het alsof er genoeg geld was voor de sociale programma's die Dilma in haar campagne voor herverkiezing beloofde. Dat heet kiezersbedrog. Dat het uitkwam, heeft alles te maken met de verbeterde informatiestromen bij de Centrale Bank en de Rekenkamer.

In 2000 nam het parlement een wet aan die fiscale discipline moest bevorderen. Inkomsten en uitgaven moet je plannen en moeten haalbaar zijn. Hoewel de wet voor alle bestuurslagen geldt, dacht men vooral aan gouverneurs en burgemeesters die faraonische projecten begonnen en hun opvolgers met de schulden opzadelden. Doel van de wet was de economie een stabiele basis te geven en Brazilië betrouwbaarder te maken, ook voor buitenlandse investeerders.

De PT stemde tegen deze wet. Eerder stemde ze tegen het Plan Real, dat een einde maakte aan de chronische en hoge inflatie. De PT bedrijft al jaren machtspolitiek ook al is dat tegen het landsbelang en tegen het belang van de kanslozen voor wie zij wil opkomen. Inflatie treft vooral de armen en corruptie bevoordeelt meestal rijken. Corruptie staat haaks op het ideaal van een meritocratie.

Het werkelijke probleem bij de PT is dat haar leiders geloven dat het doel (aan de macht blijven) de middelen heiligt. Daarmee is de morele verloedering van de partij ingezet. De PT was in de jaren tachtig de partij die streed tegen machtsmisbruik en corruptie, maar bleek toen zij eenmaal aan de macht was gekomen corruptie te perfectioneren. Megabedragen zijn weggesluisd bij staatsbedrijven naar de partijkas.

Links vindt het moeilijk voor te stellen dat mensen die aan 'de goede kant' staan, en voor armen opkomen, corrupt kunnen zijn. Ik zie het ook bij mijn eigen Braziliaanse vrienden. Bij hen speelt mee dat de Braziliaanse conservatieve elite zelfzuchtig en knalhard is. De Braziliaanse banken worden vaak als eerste genoemd. Zij horen tot de meest winstgevende in de wereld. Tegen zo'n vijand kun je je geen zwaktes veroorloven, zeggen zij. Het is de opstap tot 'het doel heiligt de middelen'. Complotdenken komt eveneens veel voor bij linkse Brazilianen. Zij geloven vaak niet dat ook andere dan linkse partijen iets kunnen veranderen aan de ongelijkheid.

Bij buitenlanders, ook bij journalisten, zie je het fellow-traveller syndroom. Wij Nederlanders identificeren ons in verre landen met schrijnende ongelijkheid direct met de havenots. Het verhaal van Lula, de arbeider die president werd, beroert ons. Dat geldt ook voor Dilma, die tijdens de dictatuur in de cel zat. En toch, socialistische 'broeders' zijn net zo goed vatbaar voor corruptie als andere politici. Het is niet anders.

Ineke Holtwijk is oud-correspondent, Braziliëkenner en auteur van Kannibalen in Rio.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden