Column Georgina Verbaan

Lief huis, ziek huis, laat mij eens voor je zorgen

Lief huis, ziek huis, sprak ik melodieus. Laat mij eens voor je zorgen. Kom koppig huis, met je infarcten, geef je over. Laat mij, de vogels en de knaagdieren lichtvoetig door je ingewanden dartelen, sprinten, fladderen, laat ons zingend iedere darmvlok leegkammen, uitzuigen, oppoetsen, met bloedvergieten verplaatsknagen desnoods, toe huis! (Ik verplaatsknaag, jij verplaatsknaagt, wij verplaatsknagen #justsaying.) 

Glimmen zal je. Ook je dooie vlees. Want ik ga op vakantie. Mijn post en aanverwante zaken (smotsige buitenlandse valuta, oude scripts van series die al aan de derde herhaling toe zijn, elastiekjes, snoeppapiertjes, gebruiksaanwijzingen van gezelschapsspellen met batterijen, doorverwijsbrieven van de huisarts) die zich in een hoek van de keuken verzameld hadden, heb ik liederlijk in een bak gedonderd. Die bak heb ik met toewijding in de slaapkamer achter een kast gepleurd. De slaapkamer ging op slot. Glitters, regenbogen, zeepbubbels en een slotlied tussen de bladen van de tricuspidalisklep in de rechterboezem van het hart.

Ja, voor we op vakantie gingen, hebben we er écht werk van gemaakt om de hele bende aan kant te krijgen. (Twee duiven gespalkt. Eén muis haalde de kaas niet. #RIPDonny #fsideforlife.) Niet alleen voor de poezenoppas, ja óók (ik had op internet een professionele poezenknuffelaar gevonden en het leek me van het grootste belang om een onjuiste indruk op deze wildvreemde te maken) en niet per se omdat het heel goed mogelijk was dat ik op vakantie zou sterven (één keer vergeten af te kloppen en je verdwijnt met parasol en al in een zinkgat en reken maar dat je laatste ademteug van het opgeluchte soort zal zijn in de wetenschap dat je nabestaanden alle genante zaken in één kamer zullen aantreffen en niet huiverend in etappes), maar vooral omdat we voor vertrek al zo’n zin hadden om weer thuis te komen.

Er schuilt een merkwaardig genoegen in met blote voeten over vloeren lopen en rillen bij de gedachte aan wie, of soms ook wat, er eerder, of misschien wel nu, over die spekkige planken trippelde. Ook walgen is leven, zeg maar. Hoe warm en hoe schoon het ook is; ik ril dus veel op reis. Rillen hoort erbij. ‘Zonder rillen geen chillen’, piepte Donny altijd, de kaasboer hebbe zijn ziel.

Wat dat betreft werden we goed bediend op die berg in Toscane. Er kroop, vloog, zoemde en hopste van alles rond. In een vergiet zat een dooie kever – besloten we. Ook is mijn tandenborstel een paar keer op de grond gevallen. Toen we op reis gingen passeerden we onderweg naar het station de tekst ‘Terugkomen is niet hetzelfde als blijven’. (Van Belle van Zuylen, kom ik nu pas achter. Zodra ik weer eens ziekmakend verliefd ben moet ik haar briefwisseling met Benjamin Constant uitlezen, want uitgemergeld en naar adem happend leest dat het lekkerst.) Eén interpretatie is mijn dochter niet ontgaan, want ze zwaaide naar de woorden en riep: ‘Precies! Ik ga lekker op vakantie!’ En toen ik in Rome een veeg bloed in een badkamer aantrof, gruwelde ze verlekkerd: ‘Het gaat zo fijn zijn om straks weer thuis te komen.’

Vandaag was het zover. ‘O, wat een gezond huis!’, zouden we zingen. ‘Wat een leuke spullen! Hier wonen vast leuke, frisse mensen!’ In de gang zag ik door een zwerm fruitvliegjes heen twee niet buitengezette vuilniszakken en een tas niet weggebrachte lege wijnflessen staan. In de woonkamer lagen de katten, twee maten groter, te stinken, en op het dakterras concludeerde ik dat alleen de tomatenplant nog groen is. ‘Iets achterlaten is niet hetzelfde als iets laten liggen.’ #dixitDonny #RIP

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden