OpinieGratie

Levenslange gevangenisstraf is een zaak van de rechter, niet van politici

De Nederlandse gratieprocedure deugt niet: ministers gaan om politieke redenen tegen rechters in.

Hoorzitting over eventuele vrijlating van de 'Drie van Breda' in het gebouw va de Tweede Kamer in 1972. Beeld ANP

Op 6 februari deed de voorzieningenrechter in Den Haag voor de dertiende keer uitspraak in een kort geding tegen de staat van de tot een levenslange gevangenisstraf veroordeelde Y.

In 1983 schoot Y. in een café in Delft zes mensen dood. Deskundigen stelden achteraf dat Y. in blinde paniek handelde. De feiten kunnen hem daarom slechts verminderd worden toegerekend.

Voor zijn stoornis is Y. sinds 2001 behandeld in een tbs-kliniek. De minister spiegelde hem daarbij gratie voor als de behandeling succesvol zou zijn. Y. werkt en woont nu al twee jaar buiten de kliniek. De rechter die destijds de straf oplegde, is van mening dat de straf is uitgezeten en heeft de minister daarom geadviseerd Y. onvoorwaardelijk gratie te verlenen. Toch weigert de minister gevolg te geven aan dat advies.

Al jaren zijn de verantwoordelijke ministers namelijk van mening dat een levenslang gestrafte geen gratie mag krijgen. De minister beroept zich in de zaak van Y. niet (meer) op ‘recidivegevaar’ of op ‘vergelding’, maar op ‘het grote onbegrip bij de nabestaanden’ en ‘de impact op de samenleving’. In feite bepalen de nabestaanden dus de duur van de straf.

Dat is onaanvaardbaar en roept de vraag op of de Nederlandse gratieprocedure een geschikt model is om een levenslange gevangenisstraf, in de gevallen waarin dat mogelijk is, te verkorten. De Nationale ombudsman bracht in december nog een kritisch rapport uit over de gang van zaken in Y.’s gratieprocedure.

Het is slechts eenmaal eerder voorgekomen dat gratie aan een levenslang gestrafte met een beroep op de publieke opinie en tegen het advies van de rechter in werd geweigerd. Dat was bij de Drie van Breda, de drie Duitse oorlogsmisdadigers die aanvankelijk ter dood waren veroordeeld. Toen heeft de minister zijn besluit afhankelijk gemaakt van het oordeel van het parlement. 

Uitzicht op gratie

De delicten die Y. heeft gepleegd, zijn zonder meer ernstig. Anders had hij geen levenslang gekregen. Maar Y. is geen oorlogsmisdadiger die door zijn wrede optreden de levens van duizenden moedwillig heeft verwoest. We hebben te maken met een levenslanggestrafte die dankzij het feit dat hij in 2001, nota bene op verzoek van de toenmalige minister en op basis van het toenmalige beleid, de kans kreeg een behandeling te ondergaan met uitzicht op gratie. Bij hem zijn verwachtingen gewekt en hij is inmiddels volledig in de samenleving gere-integreerd. De voortzetting van zijn straf dient geen enkel ‘met de strafrechtstoepassing na te streven doel’ meer; dat geeft de minister in zijn afwijzende beslissing zelf toe.

Op 6 februari stelde de rechter Y. opnieuw (deels) in het gelijk. Voor het andere deel heeft hij zijn uitspraak aangehouden omdat er momenteel nog twee procedures lopen, één bij het Hof in Den Haag en één bij de Hoge Raad; deze beroepen zijn aangespannen door de Staat omdat die het niet eens is met de rechter. Het gaat daarbij om de vraag of de minister het positief advies van de rechter naast zich neer mag leggen, ook als hij daar geen nieuwe omstandigheden voor aanvoert. De rechters vinden dat de minister in dat geval niet van hun advies mag afwijken, de minister vindt van wel.

De procedures van Y. tegen de Staat − ­in totaal zijn het er nu 21 − tonen aan dat de gratieprocedure niet deugt en dat er dringend behoefte bestaat aan een gerechtelijke procedure voor de verkorting van een levenslange gevangenisstraf. Alleen zo kan de vereiste objectiviteit worden gewaarborgd. Met deze taak zou de bijzondere penitentiaire kamer van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden kunnen worden belast, dat is de kamer die nu gaat over de verlenging van een tbs-maatregel. Dan kan de beoordeling van de vraag of verkorting van een levenslange gevangenisstraf aan de orde is, uit de politiek worden gehaald en teruggegeven worden aan degene die over de duur van de straf gaat: de rechter.

Wiene van Hattum is verbonden aan de vakgroep Strafrecht RUG en voorzitter Forum Levenslang.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden