Leve de Franse boer!

Franse boeren horen op de werelderfgoedlijst.

Het was beslist geen toeval dat er vorige week een luxe boekwerkje van het Franse ministerie van Landbouw in de bus lag waarin, onder de weinig wervende titel Visies op de toekomst, landbouwdeskundigen aan het woord kwamen.
Hoewel, landbouwdeskundigen? De eerste getuigenis kwam van Yannick Alléno, chefkok in driesterrenrestaurant Le Meurice. Hij wil de echte Parijse keuken in ere herstellen, le terroir Parisien, gebaseerd op Parijse ingrediënten. Daar hoort Parijse ham bij, alleen te krijgen bij een slager in het elfde arrondissement, maar ook de lokale kool, asperges, paling en saffraan. De landbouwpolitiek heeft veel culinair erfgoed doen verdwijnen, constateert de kok. Hij pleit voor een landbouw met korte lijnen tussen producent en afnemer.
Simpel
Waarmee twee van de grote kwesties van dit moment in één moeite door behandeld worden: landbouwbeleid en de Franse keuken. Fransen redeneren soms heel simpel: lekker eten is een zaak van groot belang. Zonder goede ingrediënten wordt het niks in de keuken. Daarvoor heb je een landbouw van hoge kwaliteit nodig. Dus is landbouwbeleid een zaak van groot belang.
De rest van de wereld lijkt de Fransen daarin gelijk te geven. Per slot werd de Franse keuken – en niet die van Italië, Japan of Iran – vorige week door de Unesco op de lijst van werelderfgoed geplaatst. Alleen de grootste naïevelingen zullen geloven dat het puur toeval is dat dit gebeurde aan de vooravond van het begin van de onderhandelingen over het Gemeenschappelijke Landbouwbeleid. De Franse Unesco-lobby was het laatste duwtje om bij de Europese Unie weer voor een paar jaar landbouwsubsidie binnen te slepen. Onder het motto: wie de Franse boeren steunt, steunt werelderfgoed.
Saai
In Nederland wordt dat Gemeenschappelijke Landbouwbeleid maar een saai onderwerp gevonden. Kranten schrijven er zelden over. En als ze dat al doen, dan is het vooral om te zeggen dat het een schande is dat Europa z’n goede geld uitgeeft aan een paar Franse geitenboertjes die nog met de hand melken.
Europa geeft 55 miljard euro per jaar uit aan landbouw. Dat is 44 procent van alle uitgaven. Ongeveer een kwart daarvan gaat naar Frankrijk. Geen wonder dus dat het onderwerp daar heel anders wordt beleefd. Mét Europese steun hebben veel Franse boeren het al moeilijk – in geen beroepsgroep ligt het percentage zelfmoorden zo hoog. Valt die steun weg, dan houdt ook de Franse landbouw op te bestaan.
Gezond eten
Om de redelijkheid van die steun aan te tonen, worden vaak de argumenten van chefkok Alléno gebruikt: goed en gezond eten begint met een goede landbouw. Zwaarder weegt een strategische afweging, die minister van Landbouw Bruno le Maire na aan het hart ligt: zelfstandigheid op het gebied van voedselvoorziening is voor Europa van strategisch belang. Gaat het mis in de wereld, dan moet je onafhankelijk zijn, op alle gebied. Dat mag wat kosten.
Zoals bij veel Franse kwesties is er ook een derde argument, van meer esthetische aard. De schoonheid van Frankrijk schuilt in de zorgvuldige omgang met het landschap. Cultuur en natuur wisselen elkaar af, veel boerderijen hebben nog een menselijke maat en overal staan bosschages die de weiden en akkerlanden onderbreken. Tot hoog in de bergen wordt de grond benut. Dat Frankrijk er zo mooi bij ligt, komt goeddeels door de boeren. Die overigens geen toegang kunnen vragen voor hun onderhoudswerk.
Daarom moeten ook de Franse boeren tot werelderfgoed worden verklaard.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden