Gastcolumn

Leren gaat over kennen en niet over kunnen meepraten

Op de arbeidsmarkt legt de 'een beetje kennis van van alles'-student het af tegen de student die een comparatief voordeel heeft in een vak, betoogt gastcolumniste Sandra Phlippen.

Deskundigen van de Universiteit van Utrecht doen onderzoek naar de doodsoorzaak van vijf in januari op Texel gestrande potvissen. Foto anp

De Universiteit is het mekka van het leren. Alles draait hier in de kern om het vergroten van kennis via onderzoek en om het overdragen ervan aan studenten. Die twee doelstellingen zijn sluipenderwijs steeds lastiger met elkaar in overeenstemming te brengen, zo hebben universiteiten ondervonden.

Onderzoekers willen hun vakgebied uitdiepen, terwijl studenten in de breedte van allerlei vakgebieden wat willen weten om zich vanaf dag een op de campus aan maatschappelijke uitdagingen te wijden. Universiteiten die daar ondoordacht gehoor aan geven dragen bij aan een generatie kenniswerkers die aan het eind van hun studie geen vakkennis hebben opgedaan. Hun leren draait dan om het kunnen in plaats van het kennen.

Steeds gespecialiseerder

Het vergroten van kennis gebeurt via onderzoek waarin de stand van het denken in een vakgebied steeds gespecialiseerder, preciezer en complexer wordt. Het is een prachtig proces dat Herbert Simon eind jaren zeventig al beschreef als een steeds verfijndere vertakking van kennis door het identificeren, ontleden en classificeren van brokjes nieuwe informatie bovenop het bouwwerk van bestaande kennis.

Hoe dieper de hoogleraar in de vertakking van zijn vakgebied zit, hoe beter hij publiceert. Universiteiten komen door die publicaties hoger op de internationale rankings te staan en kunnen daardoor makkelijker talent aantrekken op een internationalearbeidsmarkt, waardoor zij weer beter publiceren. Dit proces van kennis vergroten is internationaal en universiteiten kunnen zich er nauwelijks aan onttrekken.

Vrijwel haaks op het bovenstaande staat de ontwikkeling van hoe studenten leren. Vroeger was het geaccepteerd dat het leren een kwestie is van stampen van collegestof was, eerst gortdroog via massale colleges en gaandeweg met steeds meer toepassingen in de actualiteit, en uiteindelijk met een scriptie waarin de student hopelijk een minuscuul klein brokje nieuwe kennis kon bijdragen aan het grote vakgebied. Tegenwoordig wil de student dat niet meer. Begrijpelijk, want naarmate die stand van het denken vordert, moet een student een steeds grotere afstand overbruggen om de huidige stand van het denken te bereiken.

Student wil meepraten

Toch is het dat niet alleen. Er is ook steeds meer ongeduld: alles moet nu voor hen beschikbaar zijn. De student van nu wil niet wachten met het kunnen meepraten over de oplossing van grote wereldproblemen tot ver in zijn studie. De student van nu wil of kan ook steeds minder lang stof opnemen voordat de kennis moet worden bevraagd op tentamen. Alle universiteiten zijn hun vakken in steeds kortere blokken gaan geven. De huidige student is gewend aan 'Instant gratification', wat wil zeggen dat vrijwel direct na de moeite de beloning volgt.

Om in te spelen op de behoefte van studenten om zich direct al na inschrijving te storten op grote wereldvraagstukken, hebben universiteiten nieuwe opleidingen gestart zoals 'Future planet studies'. In deze studie draait het in het eerste jaar om de vraag 'hoe creëren we een duurzaam evenwicht in het precaire aardse systeem?'. Uiteraard kun je voor zo'n vraag niet leunen op slechts één discipline en zijn de colleges een multidisciplinair geheel, met natuurkunde, economie, sociologie en geologie.

Elke zichzelf respecterende universiteitsstad heeft daarnaast ook een University College, waarbij de studenten multidisciplinair worden opgeleid via algemene vorming tot kritisch denkers over maatschappelijke uitdagingen van nu. Dat dit voor de student veel aantrekkelijker is dan het blokken op economische modellen of natuurkundige wetmatigheden kan ik mij erg goed voorstellen.

Of je later een baan vind in de thematiek van je studie is niet te zeggen, maar dat hoeft ook geen argument te zijn. Technologische ontwikkelingen op de arbeidsmarkt gaan inmiddels zo snel dat de banen waarin nieuwe generaties zullen werken nu veelal nog ongekend zijn. Wellicht is het zo bezien niet eens onverstandig om een studie te kiezen die betrekking heeft op een uitdaging die we de komende twintig jaar nog niet zullen hebben opgelost.

Een beetje kennis van alles

Waar ik mij zorgen om maak is dat die studenten geen diepe vakkennis hebben van een discipline na hun studie. Een beetje kennis van alle disciplines is leuk om te hebben, maar op een arbeidsmarkt legt een 'beetje kennis van van alles' student het af tegen de student die een comparatief voordeel in een vak heeft. Dat komt omdat een team van multidisciplinaire generalisten minder ver komt qua kennis dan een multidisciplinair team van specialisten. Het eerste team bestaan uit mensen die iets kunnen. Het tweede team bestaan uit kenners.

Universiteiten moeten hier hun verantwoordelijkheid nemen. Stem het onderwijs van een vakgebied meer af op tegenwoordige manier van leren in plaats van de makkelijk gescoorde opleidingen waarmee de student van een koude kermis thuiskomt.

Sandra Phlippen is econoom en socioloog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.