Opinie

Legitimiteit Strafhof deint op politiek getij

Het voortbestaan van het Internationaal Strafhof deint op het sociale, economische en politieke getijde in lidstaten, betoogt Thijs Bouwknegt, die lange tijd het hof waarnam.

President Uhuru Kenyatta (M) van Kenia arriveert bij het Internationaal Strafhof (ICC) in 2014. Beeld anp

Als dominostenen stappen Afrikaanse landen uit het Internationaal Strafhof (ICC). Terwijl de motieven van Gambia, Zuid-Afrika en Burundi ver uiteenlopen en het nog afwachten is of het Strafhof nu een langzaam dood begint te bloeden, legt de leegloop de voornaamste zwakte van het permanente hof bloot: haar legitimiteit deint op politieke getijden en de waan van de dag.

En nu is het eb.

De wereldwijde verontwaardiging vorige week over het besluit van Zuid-Afrika om haar lidmaatschap op te zeggen werd ingegeven door het gevoel dat het per definitie fout is om tegen iets te zijn dat fundamenteel goed is. Zoals het berechten van de politieke kopstokken achter massaal geweld tegen onschuldige burgers. Maar de schijn bedriegt en de realiteit is weerbarstiger. Vanaf haar oprichting in 1998 weigerden de VS, Rusland en China toe te treden tot het hof dat de straffeloosheid voor genocide, misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden moet tegengaan. In beginsel kreeg het permanente hof dus al niet de universele steun die nodig was haar globale bestaansrecht te legitimeren.

Weerstand tegen het ICC is dus niets nieuws. Maar het is ook niet 'Afrikaans'. Ook is het te gemakkelijk - zo niet hypocriet - om Afrika nu aan de schandpaal te nagelen. Vergeet niet dat Nelson Mandela een prominente voortrekker was in de onderhandelingen over het Statuut van Rome. Senegal was het eerste land dat het verdrag ratificeerde. Maar ook recentelijk waren het Afrikaanse landen - Gabon, Mali en de Centraal-Afrikaanse Republiek - die zelf de hulp inriepen van de Gambiaanse Strafhof-aanklaagster Fatou Bensouda. De paradox van de 'Afrikaanse' weerstand tegen het zogenaamde 'racistische, neokoloniale en Caucasischr' hof is dat dit discours werd ingeleid door Strafhof-verdachten Muanmar Gadaffi, Omar al Bashir en Uhuru Kenyatta.

Politieke rel

Potentiële verdachten, zoals de Burundese president Pierre Nkurunziza, hebben niets te winnen met hun ICC-lidmaatschap. Zuid-Afrika's keuze - en sinds dinsdag ook Gambia - past echter niet in die trend. Wel is Zuid-Afrika verwikkeld in een juridische controverse en politieke rel rondom een bezoek van genocide-verdachte Bashir vorig jaar. In plaats van hem te arresteren - zoals het ICC-lidmaatschap vereist - escorteerde de regering hem het land uit. Nu betoogt Pretoria dat het als 'continentale vredesstichter' in conflictgebieden als Soedan wordt gehinderd door het hof. Op de achtergrond speelt een andere reden mee: kritiek op een westers-geïnspireerde rechtbank in Nederland dat alleen maar zwarte verdachten daagt is een populaire populistische strategie om politieke steun te winnen. Uhuru Kenyatta won op die manier de presidentsverkiezingen in Kenia.

Maar het is niet alleen maar retoriek. Uiteraard zijn er gegronde juridische en substantiële redenen voor het ICC om te werken in door conflict geteisterde landen op het Afrikaanse continent en daar talloze slachtoffers van grove schendingen van de mensenrechten een gevoel van gerechtigheid te geven als niemand anders dat kan of wil doen. En natuurlijk, het Strafhof is niet gericht tegen Afrikanen in het bijzonder. Echter, het hof faalde wel om in overtuigende, geloofwaardige en begrijpelijke taal uit te leggen waarom de twintig verdachten die in de afgelopen tien jaar voor haar rechters verschenen allemaal uit Afrika komen.

Het ICC leeft in een continue crisis. Na tien jaar heeft het ICC meer mensen veroordeeld wegens minachting van het hof dan voor grove mensenrechtenschendingen. Bovendien wekt haar modus operandi in Afrika de impressie dat binnen het internationale strafrecht iedereen behalve Afrika boven de wet leeft. Hoewel Afrikaanse staten natuurlijk zelf niet-Afrikaanse situaties hadden kunnen verwijzen naar de aanklager of de VN Veiligheidsraad, is de kans dat de situaties in Syrië, Irak of Noord-Korea ooit voor de rechters zullen verschijnen nihil. Machtige niet-ICC-leden zoals de VS, Rusland en China zullen de toegang van het ICC tot deze situaties simpelweg met een veto blokkeren. Er is dus zeker ook een dubbele standaard.

Tandeloze tijger

In feite wilden de oprichters van het ICC nooit een effectieve rechtbank. Ze maakten het een tandeloze tijger door het niet te voorzien van wereldwijde politieke steun, universele rechtsmacht en een politiemacht om haar wetten af te dwingen. Bovendien werd het een hof waar staten vrijwillig lid van kunnen worden, en dat lidmaatschap dus ook weer kunnen opzeggen. De repercussie van die vrijblijvendheid komt nu voor het voetlicht. Wat er vorige week in Zuid-Afrika - later in Gambia - gebeurde toont duidelijk aan dat het voortbestaan van het ICC deint op het sociale, economische en politieke getijde in lidstaten. Zo vocht Mandela voor het hof en zo zegt Zuma zijn steun op. Maar een volgende president kan gewoon weer lid worden. Hoewel het politieke klimaat in tal van Afrikaanse landen tegen het ICC is, is er wellicht hoop voor het Strafhof in de Verenigde Staten. Als Hillary Clinton de aanstaande verkiezingen wint kan ze het Statuut van Rome bekrachtigen; de magna carta van het ICC dat haar man Bill op zijn laatste dag als president al ondertekende.

Het is maar net hoe de wind staat.

Thijs Bouwknegt, heeft het hof sinds 2003 waargenomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden