Opinie Pornostudies

Laten we samen eens serieus naar porno kijken

Onderzoekers laten geen terrein onbespied. Waarom is er op de universiteit dan geen studievak porno?, vraagt Lola ’t Hart zich af. 

Op de set van Erika Lusts 'porna'-film. Beeld Robin De Puy

De porno-industrie is een van de allergrootste media-­industrieën. Porno is overal en altijd verkrijgbaar en een heel groot deel van de bevolking consumeert het. Het zal naar alle waarschijnlijkheid in de toekomst beslist niet verdwijnen.

Porno wordt in verband gebracht met (seksuele en relationele) gewelddadigheid, slechte seksuele voorlichting, met het objectiveren van vrouwen en met verslaving. Het zou slecht voor de jeugd zijn.

En ondanks al die ideeën, meningen, vermoedens en aantijgingen is er op de universiteit geen studievak porno. Ik heb Mediastudies gestudeerd aan de UvA, maar een van de grootste, interessantste media-industrieën is nooit aan bod gekomen.

Professor Porno

Hoe kan het, dat er nog geen vak over porno wordt gegeven? Ik vroeg het tijdens mijn studie aan een docent en hij antwoordde: ‘Ik zou hier makkelijk een vak over kunnen geven, en dat zou eigenlijk ook moeten, maar niemand wil bekend komen te staan als ‘Professor Porno’.’

Zit wat in, dacht ik toen. Maar het is een verklaring, geen excuus.

Rondom porno heerst een maatschappelijk taboe. En dat is ook begrijpelijk. Het is een ongemakkelijk en persoonlijk onderwerp. Ik heb zelf nooit de behoefte gevoeld aan de keukentafel eens lekker uitgebreid en kritisch een pornovideo te bespreken. Maar dat mag ons er niet van weerhouden het op academisch niveau als onderzoeksobject te behandelen. Sterker nog: er zijn tal van goede redenen om porno wél als academisch onderzoeksobject te behandelen.

Porno is niet alleen een van de grootste media-industrieën, wat het al het bestuderen waard maakt, maar heeft ook andere dimensies. We kunnen porno bestuderen vanuit de mediatheorie, sociologie, economie, rechtsgeleerdheid, geschiedkunde, geneeskunde en antropologie (om maar eens een paar voor de hand liggende wetenschapsvelden te noemen).

Geldstromen

We moeten kijken naar de geldstromen in de industrie. Naar de arbeidsvoorwaarden, om exploitatie van ­acteurs tegen te gaan. Naar de gevolgen voor jonge kijkers. Naar de invloed op de seksuele ontwikkeling. Naar hoe we porno leuk kunnen maken en houden voor de kijkers. Naar de positie van de vrouw. Naar kindermisbruik. Naar pornoverslavingen en andere psychologische effecten.

Het kleine beetje onderzoek dat er is, is meestal niet sluitend of overtuigend. Is het echt waar dat porno negatieve invloed heeft op relaties? En dat het geweld uitlokt? Wat doet het precies met je brein? Wat doet het met de positie van vrouw in de maatschappij? Dat zijn belangrijke vragen, dus is het belangrijk dat wetenschappers zich met die vragen gaan bemoeien, om meer inzicht te krijgen, of zelfs antwoorden.

En daarnaast: net zoals games vaak worden verweten agressie op te wekken, zo wordt ook vaak naar porno gewezen. Het probleem: je kunt niet met je vinger wijzen naar porno als niet wetenschappelijk bewezen is dat de ‘schuld’ of oorzaak daar ligt. We moeten erachter komen hóé groot die grote porno-industrie is, wat er nou precies in omgaat en wat de werkelijke gevolgen zijn voor de maatschappij.

Porn studies

De academische wereld is er rijp voor. Al komt de bestudering van porno maar langzaam op gang en zijn er nog te weinig onderzoekers en vakgebieden die zich ermee bezighouden. Tot mijn verbazing bestaat het eerste wetenschappelijke journal over pornografie pas sinds 2014 (!). Het heet – meer vraag ik ook niet – Porn Studies. De oprichting van het wetenschappelijk tijdschrift zal dezelfde obstakels zijn tegengekomen als die verklaren waarom er nog steeds zo weinig aandacht voor het onderwerp is.

De academische taal en onderzoeksmethoden ontwikkelen zich langzaam. Net iets té langzaam. Porn Studies is nog te veel een niche.

We zijn toch al met z’n allen porno aan het kijken, dus laten we het dan ook op de universiteit doen. Aandachtig. Kritisch. Om ervoor te zorgen dat het niet langer een ondergeschoven onderzoeksgebied blijft. Dan krijgen we hopelijk antwoorden op ­belangrijke vragen. Te veel mensen produceren en ­kijken porno om het niet serieus te ­nemen.

Lola ’t Hart is programma-­maker bij debatcentrum De Balie in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden