Opinie

Laten we kinderen onderwijzen, geen stereotypen

Je moet kinderen niet beoordelen op hun sekse, maar op hun individuele voorkeuren en capaciteiten.

Leerlingen van de Rotterdam School of Management. Foto Raymond Rutting / de Volkskrant

Wat jammer dat een terecht pleidooi van Angela Crott voor passend onderwijs ontaardt in een reeks grove generalisaties over jongens en meisjes. Ik citeer: 'De meeste meisjes bloeien op bij samenwerken, in de pas lopen en reflecteren over gevoelens', 'Jongens krijgen vooral rebellieneigingen bij het reflecteren over gevoelens. Voor jongen is kennisbeheersing op school belangrijker dan gevoelsbeheersing'.

Zoals zo vaak worden onderzoeksresultaten over groepsverschillen aangegrepen om de betreffende groepen generaliserend te karakteriseren. Ja, er zijn studies die aantonen dat er statistisch significante verschillen bestaan tussen jongens en meisjes. Jongens zijn bijvoorbeeld gemiddeld fysiek actiever dan meisjes, en meisjes zijn gemiddeld wat hulpvaardiger dan jongens.

Wat zegt zoiets nu over individuele jongens en meisjes? Heel weinig. De genoemde groepsverschillen zijn namelijk helemaal niet zo groot. Als de statistische effectgroottes van deze groepsverschillen vertaald worden naar echte kinderen, dan zien we zelfs dat grofweg een derde van de jongens minder fysiek actief is dan het gemiddelde meisje. Net zo goed is ongeveer een derde van alle meisjes minder behulpzaam dan het gemiddelde jongetje. Meisjes vinden samenwerken gemiddeld misschien wel leuker dan jongens dat vinden, maar of 'de meeste meisjes' ervan 'opbloeien' valt te betwijfelen.


Hard beetpakken

We zijn helaas gewend geraakt aan de continue benadrukking van sekse als uiterst belangrijk indelingscriterium in het onderwijs (van gescheiden kapstokken op scholen tot jongens- en meisjeskleurplaten). Er zijn zelfs heuse trainingen waarin leerkrachten te horen krijgen dat ze jongens hard moeten beetpakken als ze stout zijn terwijl ze meisjes rustig moeten toespreken.

Maar als we sekseverschillen op groepsniveau als uitgangspunt nemen voor beslissingen over wat goed is voor individuele jongens en meisjes, doen we onrecht aan al die jongens en meisjes die niet in dat stereotiepe plaatje passen. Wat jammer voor dat drukke meisje dat vooral graag actief bezig is en een hekel heeft aan samenwerken. Voor haar is geen plek op de jongensschool van Crott. En ook jammer voor dat rustige jongetje dat wars is van drukte en juist graag stil zit te luisteren naar een verhaal over gevoelens. Hij zal zich moeten aanpassen aan wat nu eenmaal 'jongensgedrag' is als hij tussen zijn seksegenoten maar op één manier onderwijs krijgt aangeboden.

Het argument dat jongens en meisjes die op sekse-gesegregeerde scholen zitten vaker niet-traditionele beroepen kiezen verdient ook een kritische blik. Het onderzoek dat door Crott wordt aangehaald is afkomstig uit Engeland, waar traditioneel vooral de dure en elitaire privéscholen en zogenaamde grammar schools (een soort gymnasia) jongens en meisjes apart onderwijzen. Dat betekent dat kinderen op die scholen niet zomaar vergeleken kunnen worden met kinderen op gemengde scholen. Recente overzichtsstudies op dit gebied concluderen dan ook dat de opbrengsten van gesegregeerde scholen niet hard te maken zijn als rekening wordt gehouden met dit soort selectie-effecten.


Hokjes

De kop boven het opiniestuk van Angela Crott is 'Aparte scholen voor jongens en meisjes doorbreken rolpatronen'. Het omgekeerde is waar. Aparte scholen plaatsen jongens en meisjes in hokjes waar heel veel kinderen helemaal niet in passen. Ingedeeld worden in een onderwijssysteem puur vanwege je sekse, dát is pas een bevestiging van rolpatronen. Zou het niet veel beter zijn om deze meisjes en jongens niet op hun sekse te beoordelen maar op hun individuele voorkeuren en capaciteiten?

Het artikel van Crott was eigenlijk een pleidooi voor passend onderwijs. Hoe zorgen we dat alle kinderen onderwijs krijgen op een manier die het beste in ze naar boven haalt? Dit bereiken we echter niet door het onderwijs naar sekse in te delen. Passend onderwijs is nu eenmaal ingewikkelder dan de veel te oppervlakkige categorieën 'jongen' en 'meisje'. Zoals de Amerikaanse wetenschapper Christia Spears Brown placht te zeggen: laten we kinderen onderwijzen, geen stereotypen.

Judi Mesman is hoogleraar diversiteit in opvoeding en ontwikkeling aan het Centrum voor Gezinsstudies van de Universiteit Leiden.

Meer over