Column Sheila Sitalsing

Langzamer rijden is een aanslag op de manier van leven van de VVD

Over de strijd rond de maximum snelheid op de snelwegen – waarvan de commissie-stikstof nu adviseert die te verlagen, een advies dat even onvermijdelijk als effectief en vermoedelijk verstandig is – valt een langlopende serie te maken, vol heroïsche veldslagen met de wil van het volk als inzet.

Hij kan beginnen in 1974, wanneer het kabinet-Den Uyl bepaalt dat er een wettelijke maximumsnelheid moet komen op de snelwegen. Vanwege de oliecrisis, maar ook, zo tekende het Historisch Nieuwsblad eens op uit de mond van de oprichter van de Algemene Verkeersdienst Kees Vogel, omdat de Partij van de Arbeid wilde nivelleren. ‘Ik heb het uit de mond van oud-premier Joop den Uyl vernomen. Hij zag al die rijke mensen met grote, snelle auto’s over de weg razen en vergeleek dat met de gewone man die wel 150 kilometer per uur wilde, maar met de wind in de rug van zijn Deux Chevaux op z’n best 110 kilometer haalde.’

100 werd het, en geen hond die zich eraan hield. Toen Neelie Kroes, legendarisch minister van Verkeer voor de VVD, zich tien jaar later een keer voor de gein op de snelweg aan de snelheidslimiet ging houden, constateerde ze: gekke Henkie. Aan alle kanten werd ze eruit gereden.

Bij regels die niemand handhaaft zijn twee conclusies mogelijk: (A) de handhaving deugt niet en keihard aanpakken is geboden, of (B) de regel deugt niet en versoepeling is het enig juiste. De VVD kan doorgaans niet wachten tot er ergens keihard aangepakt kan worden, maar voor de vrijheid van de automobilist maakt ze graag een uitzondering, al helemaal wanneer die vrijheid is beknot door de sociaal-democratie.

En zo kon het komen dat een paar jaar van taaie strijd later, de mensen eind jaren tachtig voor het eerst op aangewezen trajecten legaal 120 konden rijden. Ter compensatie van de ‘lévensgevaarlijk’-roepers werden de controles strenger. Op de A4 gingen automobilisten ‘hier moet je oppassen’ tegen elkaar zeggen, niet voor het verkeer, maar voor de flitsers en de bonnenschrijvers.

Sindsdien is verdere verhoging altijd een brandende wens geweest aan liberale zijde. Het blééf er rondzoemen: en nu naar de 130. Op gezette tijden vlamde de lobby op, want groots en meeslepend je persoonlijke vrijheid beleven staat gelijk aan hard mogen rijden.

Toch zou het tot 2012 duren voordat een VVD-verkeersminister, Melanie Schultz, ons de 130 kilometer per uur schonk. Scheelt maar 1,32 minuut in reistijd, loeiden de mensen van wie je nooit eens iets leuks mag doen zolang er nog honger in de wereld is. Daar gaat het niet om, repliceerde Schultz, het gaat om ‘de beleving van de automobilist’. Die snapt simpelweg niet waarom hij zich moet inhouden op een spiegelgladde, lege zesbaans snelweg. In de liberale visie maakt lekker doorrijden met de wind in het haar onvervreemdbaar deel uit van onze manier van leven, van onze superieure cultuur, van onze identiteit.

Nu mag het niet meer, van een adviescommissie onder leiding van Johan Remkes, ook een liberaal. Vanwege het stikstof. Langzamer rijden is een snelle oplossing, schrijft hij, in een rapport waarin hij ook schrijft dat hij pertinent weigert om geitenpaadjes uit te zetten voor de regering zodat ze zich onder de stikstofregels uit kan wringen.

Op tv zag ik een meneer van de ANWB zich druk maken over deze aanslag op onze manier van leven. We moeten gewoon heel snel massaal elektrisch gaan rijden, dan is deze malligheid niet nodig, legde hij uit. Zo ziet een achterhoedegevecht eruit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden