Laat Centraal Planbureau de oppersjamaan blijven

Net als een 'primitieve' sjamaan baseert het 'rationele' CPB zich op de uitkomsten van toevalsprocessen.

Een sjamaan leest de toekomst in een verzameling botjes.

'Hegemonie CPB moet doorbroken' luidt de kop van een artikel van Mirjam de Rijk (Vonk, 2 januari). Kern van haar betoog: het Centraal Planbureau heeft een ongezond grote invloed; de rekenmeesters gaan uit van onrealistische veronderstellingen en krijgen te weinig tegenspraak.

Op tal van punten gaan de econometrische modellen van het CPB uit van veronderstellingen waarover onder economen heftige discussies worden gevoerd. Tot de basisveronderstellingen van die modellen behoort de opvatting dat de markt zoveel mogelijk ruimte moet krijgen en dat belastingen en overheidsuitgaven daarbij verstorend werken. Tot zover de auteur.

De Rijk heeft absoluut gelijk als zij stelt dat veel uitkomsten van de modellen van het CPB zijn gebaseerd op veronderstellingen die tot beleidskeuzes leiden die voor discussie vatbaar zijn.

Toch blijkt uit haar artikel dat zij naïef is en wel omdat zij zich niet bewust is van de functie van het CPB in een ander, zeer belangrijk opzicht. Om die functie toe te lichten het volgende voorbeeld. De Naskapi-indianen in het oosten van Canada moeten elke dag weer opnieuw beslissen in welke richting ze die dag voor de jacht op pad gaan (noord, zuid, et cetera). In plaats van ingewikkelde besluitvormingsprocedures toe te passen en daar eindeloos over te vergaderen, gebruiken ze een eenvoudige methode. Een sjamaan maakt een vuurtje en houdt daar een kariboebot in totdat het bot barsten gaat vertonen. De sjamaan 'leest' die barsten en deelt zijn beslissing mee: 'Mijne heren, vandaag gaat de jacht in die en die richting.' De indianen leggen zich zonder discussie bij die beslissing neer en gaan op pad.

Wij westerlingen hebben de instinctieve neiging dit gedrag meteen af te wijzen als zijnde primitief. Dat is voorbarig.

Allereerst stellen we vast dat de beslissing niet door mensen wordt genomen, maar door een toevalsproces. Het heeft dan ook geen zin iemand de schuld te geven of ruzie te maken wanneer de beslissing verkeerd uitpakt en de jacht niets oplevert.

Bovendien is de beslissing van vandaag niet afhankelijk van die van gisteren. Zou een bepaalde richtingkeuze succesvol blijken en om die reden vaak worden herhaald, dan zou daarmee de wildstand in die richting worden uitgeroeid.

Een derde voordeel van de Naskapi-procedure is dat menselijke voorkeuren geen rol spelen. Die leiden tot herkenbaar en voorspelbaar gedrag. Daar zou het wild na verloop van tijd op kunnen anticiperen door andere streken op te zoeken. Mooi meegenomen is ook dat je geen tijd verliest met discussies over de te volgen besluitvormingsprocedure, een procedure die bovendien spotgoedkoop is: een vuurtje en wat botten volstaan. Ten slotte: alle betrokkenen leggen zich zonder discussie neer bij de uitspraak van de sjamaan, een uitspraak die voortkomt uit wat voor iedereen een black box is.

Wat wij westerlingen doorgaans niet beseffen, is dat wij in heel veel gevallen net zo goed afgaan op uitkomsten van toevalsprocessen, al zijn die doorgaans van een rationeel sausje voorzien.

Zo baseren wij ons in het geval van het CPB op uitkomsten van modellen die we zonder overdrijving econometrische toevalsprocessen kunnen noemen die voor de meeste betrokkenen (enkele econometristen daargelaten) black boxes zijn. Daarbij maakt het niet uit of we gebruikmaken van de CPB-toevalsprocessen Micsim en Saffier II, dan wel van alternatieve modellen van economen die op genoemde modellen kritiek hebben en alternatieve veronderstellingen aanhangen.

Maakt het dan helemaal niets uit op basis van welke uitgangspunten beleidskeuzes worden gemaakt? Natuurlijk wel. Maar stel dat we het advies van De Rijk volgen door naast het CPB enkele andere instituten een met het CPB vergelijkbare status te geven. En stel dat die instituten vervolgens modellen hanteren die op principieel andere basisveronderstellingen zijn gebaseerd en daardoor tot totaal andere beleidsadviezen leiden. Dat is boeiend voor discussies onder economen.

Maar dan doet zich wel een nogal netelige kwestie voor: hoe komen we tot consensus over het te voeren beleid? Wie bepaalt dan welk model het meest relevant is? Op basis waarvan moeten kabinetten dat dan doen (economen verschillen over heel veel dingen van mening)? Kortom: wie benoemen we dan tot oppersjamaan?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.