Opinie

'Kunst is niet alleen voor rijke geleerden en vrouwen in bloemetjesjurken'

De weg naar een nieuwe basis in de kunst ligt ergens in het midden, schrijft Winnie Hänschen. 'Je kunt het niet over kunst hebben, zonder het over de inhoud daarvan te hebben. De inhoud is de kunst zelf'

Beeld anp

'De (podium)kunstsector denkt zelf dat ze superieur is, dat ze boven de cultuur staat, en ze weet ook nog eens niet hoe ze zelfredzaam moet zijn, terwijl de oplossingen voor het oprapen liggen.' 'Zonder subsidie wordt kunst te commercieel.' Het zijn veel gehoorde opmerkingen over podiumkunsten en subsidies, waarin twee partijen lijnrecht tegenover elkaar staan. Dat is zonde, want uiteindelijk willen ze hetzelfde. Tijd dus om de angel eruit te halen.

Om te beginnen zijn de podiumkunsten niet superieur, en dat is ook niet wat Johan Simons bedoelde toen hij zei dat de kunst boven cultuur hangt. Kunst hangt boven cultuur, omdat het erop reflecteert. Reflectie vereist afstand; een distantiëring van hetgeen waar je je in bevindt, zodat je in staat bent het te beschouwen. Dát is wat kunst doet. Dat is waarom het zich boven de cultuur bevindt. Niet omdat het erboven staat in een hiërarchie. Theater doet niets anders dan ons een spiegel voorhouden, en dat is meteen de reden dat het belangrijk is, niet alleen voor een elite, maar voor iedereen. Kunst is niet elitair, en het is niet alleen gemaakt voor mensen ervoor gestudeerd hebben, of die al hun hele leven naar theaters en musea gaan.

Duurder dan een biertje in de kroeg
Daan Windhorst heeft gelijk als hij zegt dat het theater haar publiek niet weet te vinden. Niet omdat ze haar best niet doet, niet omdat het slecht of elitair is, maar omdat ze midden in het leven staat: de podiumkunsten als zodanig zijn een gemiddeld dure sector, omdat ze niet kunnen profiteren van de mogelijkheid tot reproductie zoals je bij films of dvd's wel ziet, omdat een voorstelling duurder is dan een biertje in de kroeg. Maar ze moet wel met al die dingen concurreren en delft daarbij daarom al snel het onderspit. En dat is precies de reden dat de overheid zou moeten blijven investeren in de podiumkunsten.

Dat wil niet zeggen dat het betoog van Wim Amels op geen enkel punt meer valide is; de sector zou inderdaad meer haar best kunnen doen om inkomsten te genereren uit andere bronnen. Amels pretendeert echter dat hij alle antwoorden heeft, en dat is ook onzin. Neem zijn voorstel van een 'vrijwillige' belasting; alle kunstinstellingen zijn op die manier overgeleverd aan de grillen van de partij die op dat moment aan de macht is, en zodoende is hun bestaan op geen enkele manier gegarandeerd. Daarbij vraagt het om een oordeel over kunst door een select gezelschap (de elite waar hij zelf zo graag vanaf wil) die vervolgens uitmaakt wie er wel en niet aanspraak maakt op het geld dat uit dit potje komt.

Daarbij is het probleem wat betreft investeringen niet het ontbreken van de wil, maar de vergankelijkheid van de investering. Podiumkunst als zodanig is vluchtig. Dat is wat haar actueel maakt, wat ervoor zorgt dat ze relevant is en kritisch blijft naar de maatschappij waar ze een onderdeel vanuit maakt, maar ook waardoor ze een lastige bron van investering is. Je kunt een theatervoorstelling niet aan de muur hangen of laten veilen bij Sotheby's. Het verdwijnt, en daarom besteden potentiële investeerders hun geld liever anders. Dat is wat Halbe Zeilstra volledig negeerde toen hij met zijn bijl hakte, en dat is waar Amels en Windhorst veel te gemakkelijk aan voorbij gaan.

Een voorstelling is niet óf commercieel óf 'te elitair'
Tegelijkertijd gaat podiumkunst niet alleen maar over het belang van artisticiteit en autonomie, als de concessieloze praktijk die het volgens Windhorst is. Je mag best meer streven naar het maken van 'toegankelijkere' kunst, omdat dat niet direct betekent dat het per definitie slechter is of afbreuk doet aan de inhoud. Er zijn genoeg kwalitatief goede voorstellingen die heel toegankelijk zijn. De andere kant van het 'laboratorium voor gedachte-experimenten' van Windhorst is niet de entertainmentmachine. Er ligt een heel spectrum aan opties hier tussenin, en dat wordt over het hoofd gezien, omdat het in de ogen van velen het één of het ander moet zijn. Dat wil niet zeggen dat je eindeloze concessies moet doen om maar publiek te trekken, maar er zijn zaken die beter kunnen, en die hoef je niet te schuwen. Een voorstelling is niet óf commercieel óf 'te elitair'.

De weg naar een nieuwe basis in de kunst ligt ergens in het midden: je kunt het niet over kunst hebben, zonder het over de inhoud daarvan te hebben. De inhoud is de kunst zelf. Je kunt het evenwel niet hebben over extra inkomsten, zonder daarbij de opties tot meer commercialiteit te onderzoeken. Over het algemeen zijn we het met elkaar eens: er moeten dingen anders, er kunnen meer inkomsten gegenereerd worden en artisticiteit is belangrijk, maar dat hoeft geen artisticiteit te zijn voor rijke geleerden en vrouwen in bloemetjesjurken. Kunst is voor iedereen: laat dat de basis zijn, en laten we vanuit daar zoeken naar manieren om artisticiteit en inkomsten te verenigen.

Winnie Hänschen is freelance (toneel)schrijver

 
Podiumkunst verdwijnt, en daarom besteden potentiële investeerders hun geld liever anders. Dat is wat Halbe Zeilstra volledig negeerde toen hij met zijn bijl hakte
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden