Opinie

Koranlessen verdienen geen subsidie

Van koranlessen leren kinderen niets. Bij oudere leerlingen vormen ze een obstakel voor integratie.

'De leerlingen moeten er les na les Arabische letters aan elkaar rijgen zonder ook maar iets van de onderliggende tekst te begrijpen.' Beeld REUTERS
'De leerlingen moeten er les na les Arabische letters aan elkaar rijgen zonder ook maar iets van de onderliggende tekst te begrijpen.'Beeld REUTERS

Afgelopen zaterdag meldde deze krant dat Amsterdam in zijn maag zit met honderden moslims die onder de zogeheten scholierenvergoeding godsdienstlessen declareren bij de gemeente. Maar volgens een woordvoeder van een van de betrokken moskeeën 'steken de leerlingen er veel van op'. Die reactie is begrijpelijk, maar mijns inziens onjuist.

Toen ik aan mijn boek over islam in Nederland werkte (Café Mogadishu, 2010) was ik op allerlei plekken toehoorder bij koranlessen voor kinderen en ook bij koranlessen voor adolescenten. Tussen die twee bestaat een groot verschil. Kinderen in de leeftijd van pakweg 8 tot 13 jaar leren er de Koran lezen na kennisname van de Arabische letters. Maar op de inhoud wordt niet ingegaan. De leraar wijst met een ivoren stokje een regel aan en bij toerbeurt moeten de leerlingen de passage voorlezen.

Het is alsof je een kind het cyrillische schrift leert en dan met hem of haar Tolstojs Oorlog en Vrede doorworstelt zonder uit te leggen wat al die Russische woorden betekenen. Misschien zal de leraar een enkele keer een sleutelwoord - laten we zeggen Rasoel (Profeet) - vertalen, maar verder dan dat gaat het niet.

Bij oudere leerlingen, het cohort vanaf 16 à 17 jaar, wordt wél uitleg over de tekst gegeven. Maar die uitleg treedt niet buiten het kader van de klassieke theologie die in de Middeleeuwen tot stilstand kwam. De ruis van de moderniteit dringt niet door.

Zo kregen we in de strenge Haagse As Soennah Moskee les over de kameel als offerdier. Binnen de islam geldt dat bij het offeren van dieren een kameel de waarde heeft van zeven schapen. Onze leraar legde uit dat dat een soort coulanceregeling was voor arme moslims. In het Mekka van de zevende eeuw waren zeven schapen meer waard dan één kameel en een groep arme sloebers kon aldus goedkoper gezamelijk een kameel offeren dan per individu één schaap.

We hebben ook een reeks breuk-sommen gemaakt om te zien hoe dat in de praktijk uitwerkte. Stelde iemand de vraag of die oefeningen voor contemporain Nederland, waar offerkamelen moeilijk te krijgen zijn, wel relevant was? Nee.

In een andere moskee kwam de volgende kwestie aan de orde: 'Wie mag de haren van je moeder zien?' Binnen de islam is dat heel precies omschreven. Zo mogen de echtgenoot, de kinderen, de ooms van vaders- en die van moederskant dat wel. Maar bijvoorbeeld de schoonzonen weer niet. Op het lijstje prijken ook, als laatste categorie, gecastreerde huisslaven. Ook die mogen de haren van de vrouw des huizes zien. Een mooie kapstok voor een kritische discussie, zou je zeggen. Maar die kwam er niet. Want bij de lessen geldt: het is zoals het is.

Koranlessen voor oudere leerlingen zetten onvermijdelijkerwijs een schijnwerper op de kloof tussen de islam en het niet-islamitische deel van de Nederlandse bevolking. Zij maken de integratie nog ingewikkelder. Ondersteuning met belastinggeld roept daarom - nog afgezien van alle kerk/staat issues - veel vragen op.

Bij koranlessen voor kinderen ligt het probleem weer anders. Sommige moskeeën bestempelen dat onderricht als 'lessen Arabische cultuur' of 'lessen Arabische taal' of zelfs als 'les in Nederlandse waarden en normen' (dat laatste kwam destijds uit de koker van de Diyanet-moskee in het Amsterdamse Moskeeverzamelgebouw). Dat is allemaal moeilijk verdedigbaar. In feite is koranles voor kinderen een, zoals dat op z'n Amerikaans heet, 'content-free'-gebeuren. Je leert er vrijwel niets. De leerlingen moeten er les na les Arabische letters aan elkaar rijgen zonder ook maar iets van de onderliggende tekst te begrijpen. Vanuit modern pedagogisch opzicht is het op het randje van wreed. Ook dat verdient dus geen subsidie.

Robbert van Lanschot is freelance journalist en auteur van het boek Café Mogadishu.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden