Koning moet belasting betalen, maar welke?

De Tweede Kamer moet vragen stellen over het vermogen van de Oranjes. Dat schrijft Henk Vording, hoogleraar belastingrecht aan de universiteit Leiden.

Koning Willem-Alexander vorige week met de Amsterdamse burgemeester Eberhard van der Laan op werkbezoek aan Amsterdam Zuidoost.Beeld ANP

Rond 1970 werd de inkomenspositie van het Koninklijk Huis gemoderniseerd. Daarbij zou, zo rapporteerde RTL Nieuws onlangs, een geheime overeenkomst zijn gesloten. Dat lijkt mij denkbaar, maar geen reden voor opwinding. Interessanter is: over welk deel van zijn vermogen betaalt de koning belasting?

Terug naar de grondwetswijziging van 1972. Voortaan zou de koning (destijds koningin Juliana) een uitkering krijgen die voldoende was om de kosten van het koningschap te dragen met inbegrip van het voeren van een koninklijke staat. Tegelijk zou de koning gewoon belasting gaan betalen. Maar niet helemaal gewoon. Hij kreeg ook een aantal fiscale faciliteiten die geen enkele andere Nederlander heeft. Die blijven tot discussie leiden, zeker nu blijkt dat de uitkering aan de koning een compensatie bevatte voor het 'gewoon' belasting gaan betalen. Een deel van deze discussie is onzin; een ander deel volkomen terecht.

Helaas is de Tweede Kamer vooral geïnteresseerd in het onzinnige deel. Dat is de vraag of de uitkering aan de koning moet worden belast. De echte vraag betreft de fiscale faciliteiten die de Grondwet sinds 1972 biedt voor het koninklijk vermogen.

Destijds heeft de koninklijke familie inderdaad onderhandeld. Met succes hebben Juliana en Bernhard de positie ingenomen dat hun vermogen bescheiden was. Het resultaat: een grondwettelijke vrijstelling van successierecht voor de koning en zijn vermoedelijke opvolger, althans voor hetgeen zij verkrijgen van leden van het Koninklijk Huis. Ook de vrijstelling voor het vermogen van de koning, voor zover dienstbaar aan zijn functie, paste niet in het uitgangspunt van de grondwetswijziging: alle kosten van het koningschap werden immers al uit de schatkist betaald.

Wat duidelijk is geworden: de familie heeft destijds nog verder onderhandeld over het wél te belasten privévermogen en als compensatie een verhoging van de 'A-uitkering' aan de koning (zijn vrij besteedbaar 'inkomen') gekregen. Kennelijk met een bedrag van rond de 150 duizend gulden. Dat is weinig - bij de zware belasting destijds op vermogen en vermogensinkomsten is het onderliggende belastbare privévermogen niet meer geweest dan enkele miljoenen.

Rond de A-uitkering aan de koning heeft zich de laatste jaren een wezenloze discussie ontwikkeld. Natuurlijk, het is denkbaar om via een grondwetswijziging die uitkering te bruteren en vervolgens weer te belasten. Onder de streep is het resultaat nul, en de Belgen doen het inderdaad zo. Dat is iets anders dan de koning te onderwerpen aan de gewone regels van de inkomstenbelasting. Want dan moeten ook de vele verstrekkingen (paleizen, dienstauto's, diners, personeel, staatsbezoeken) en vergoedingen (kostendeclaraties bij diverse ministeries) worden beoordeeld op hun fiscale gevolgen. Het erfelijk koningschap is naar zijn aard niet altijd inpasbaar in onze 'gewone' regels en dat wordt hier duidelijk zichtbaar.

Henk Vording

Dat is anders voor de vermogenssfeer. We weten dat de Oranjes, hoewel kennelijk rond 1970 vrijwel onbemiddeld, dertig jaar later zeer welgesteld waren. Prins Bernhard wist immers in 2003 een vermogen van ruim 200 miljoen euro nauwkeurig te documenteren aan een journaliste van Forbes. Of hij daarbij doelde op het belaste privévermogen, het vrijgestelde functionele vermogen of het gehele vermogen is onbekend.

De huidige koning zal slechts een deel van dit bedrag hebben geërfd. Maar is het koninklijk vermogen nog immer zo bescheiden dat de koning en zijn vermoedelijke opvolger geen successierecht kunnen betalen? En hoe werkt in de praktijk de scheiding tussen vermogen aangewend voor de functie en overig vermogen? Voor elke andere fiscale faciliteit worden vragen naar nut, effect en kosten periodiek gesteld én beantwoord. Als de Tweede Kamer in dit bijzondere geval de vragen niet wil stellen, zou zij de vrijstellingen in de koninklijke vermogenssfeer moeten beëindigen.

Henk Vording, hoogleraar belastingrecht aan de universiteit Leiden

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden