The Big Picture Oorlogsdreiging Perzische Golf

Koersen Iran en Saoedi-Arabië af op oorlog? Ik geloof er niets van

Veel wapengekletter weer rond de Perzische Golf. Saoedi-Arabië en Iran staan op scherp. Saoedische olietankers en pijpleidingen werden aangevallen, waarschijnlijk door milities die de steun van Teheran genieten. ‘Als het moet’, zei de Saoedische minister van Buitenlandse Zaken Adel al-Jubeir, ‘zullen we ons met kracht verdedigen.’

Koersen Iran en Saoedi-Arabië af op oorlog?

Ik geloof er niets van. Beide landen hebben bij een serieus gewapend conflict alleen maar te verliezen, en dat beseffen ze donders goed.

Zo op het oog gedragen ze zich daar niet naar. ­Saoedi-Arabië met name heeft een adembenemende hoeveelheid militair materieel aangeschaft. Sinds 2014 is het land de grootste wapenimporteur ter wereld. In de VS worden tanks, gevechtsschepen, bommenwerpers en radarsystemen gekocht. Het kan niet op en het beste is niet goed genoeg.

Maar dat je daarmee eenvoudig een conflict in je voordeel kunt beslechten, daar gelooft ook in Riyad niemand meer in. Al ruim vier jaar worden de Houthi-rebellen in buurland Jemen met al dat imposante wapentuig bestookt, nota bene met steun van de Amerikanen, maar niets wijst erop dat de ­Saoedi’s de oorlog gaan winnen.

Voor een conflict met Iran zou dat des te sterker gelden. Ook als fabrieken en woonwijken worden platgebombardeerd, zullen de Iraniërs niet de witte vlag hijsen. Een Saoedische zege zou alleen mogelijk zijn met de massale inzet van grondtroepen, en ­precies dat is de achilleshiel van de Saoedi’s.

Hun leger omvat een schamele 75 duizend man. Die hebben geen enkele gevechtservaring en waarschijnlijk ook niet de bereidheid op een buitenlands slagveld hun leven te wagen. Saoedische mannen zijn gewend voor zwaar en onaangenaam werk ­arbeiders uit Zuid-Azië in te huren, maar een Pakistaans huurlingenleger aan het Iraanse front?

Soms wordt geopperd dat de Saoedi’s een beroep kunnen doen op de strijdkrachten van bondgenoot Egypte, dat met 1,3 miljoen man een van de grootste legers ter wereld heeft. President Sisi had naar verluidt echter al geen zin 35 duizend man beschikbaar te stellen voor de oorlog in Jemen.

Daarbij komt dat de Saoedische leiders voor hun land een heel andere toekomst voor ogen hebben. Onder kroonprins Mohammed bin Salman met zijn blauwdruk Vision 2030 moet het koninkrijk een dynamische economische grootmacht worden, die minder afhankelijk is van olie. Met een uitputtende oorlog kan hij die ambitie wel vergeten.

Ook Iran zit niet op oorlog te wachten. Het heeft een kolossaal leger, met 600 duizend actieve soldaten en volgens sommige schattingen maar liefst 11 miljoen oproepbare mannen, maar Teheran zit lang niet zo ruim in het materieel als Riyad. Van de oorlog tegen Irak (1980-1988) weten de Iraanse leiders bovendien dat zo’n strijd alleen maar verliezers kent. Wat dat betreft is het maar goed dat oorlogen zo vernietigend zijn: dan worden ze minder vaak gevoerd.

Ja, Iran voert in de regio allerlei proxy wars: lokale conflicten waarin een van beide kampen wordt voorzien van geld, wapens, training en instructeurs. Ook de Saoedi’s zijn er niet vies van met hun oliegeld elders vuurtjes op te stoken. Maar tot een directe confrontatie met Iran komt dat nooit. Als er al schoten worden afgevuurd, dan zijn het schoten voor de boeg.

Eén factor is nog niet genoemd: de VS. De Amerikanen spelen hun eigen deuntje mee. Maandag nog dreigde president Trump zo nodig een eind te zullen maken aan het bestaan van Iran. Komt het tot vechten, dan wordt Saoedi-Arabië daar zeker in mee getrokken. Mijn gut feeling zegt echter dat dit niet gaat gebeuren.

Gaat u dus, luisteraars, allen rustig slapen: er komt geen oorlog tussen Iran en Saoedi-Arabië. Mocht later blijken dat mijn voorspelling niet is uitgekomen, dan eet ik niet alleen deze column, maar de gehele zaterdageditie van de Volkskrant op. Uiteraard zonder het Volkskrant Magazine.

Rob Vreeken en Arie Elshout becommentariëren beurtelings het buitenlandse nieuws.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden