De ombudsman Jean-Pierre Geelen

Klinkt in ‘IS-strijders’ en ‘jihadbruiden’ te veel romantiek door?

Zijn (veroordeelde) Syriëgangers ‘IS-strijders’ en ‘jihadbruiden’, of klinkt daarin te veel romantiek door? Over het effect van woordgebruik.

De lezersvraag stond op de brievenpagina: ‘Wanneer houdt de Volkskrant eindelijk op met terroristen/ moordenaars/verkrachters aan te duiden als ‘strijder’, als hadden zij een ­legitiem doel?’

Aanleiding was de berichtgeving over de veroordeelde Arnhemmer Yago R., tot voor kort ‘IS-strijder’ in Syrië, maar naar eigen zeggen nu spijtoptant.

‘IS-strijder’: die aanduiding klinkt sommige lezers te romantisch in de oren. Op de brievenpagina (en in de mailbox van de Ombudsman) werden vraagtekens geplaatst bij de terminologie voor wat je ook ‘terroristen’ zou kunnen noemen. Dezelfde vragen rijzen bij termen als ‘jihadbruid’ en ‘IS-bruid’.

Goede vragen. Nu het antwoord nog.

‘Framing’ – door woordgebruik een onderwerp of persoon in een bepaald kader positioneren – is een populair hedendaags begrip, maar het verschijnsel is van alle tijden. Waren de opstandelingen in Latijns-Amerika in de tweede helft van de vorige eeuw ‘guerrilla’s’, ‘linkse vrijheidsstrijders’, of misschien ‘terroristen’? Gaat het in de kwestie rond Israël en Palestina over ‘Hamas-strijders’ of ‘Hamas-terroristen’?

Wie de krant spelt, ziet soms de worsteling in de kolommen. Zo was het inderdaad opmerkelijk dat – zoals een briefschrijver opmerkte – in het ene artikel werd gesproken van ‘SS-collaborateurs’ en in een ander stuk over ‘IS-strijders’. Twee organisaties, elk vrijwel even misdadig, maar de terminologie verschilt. Nuanceverschillen wellicht, maar de lezer proefde dat verschil, vooral door dat ‘strijder’.

Allereerst het Stijlboek, de bijbel voor Volkskrantredacteuren. Dat stelt dat de krant zich niet op het gladde ijs moet begeven te bepalen of verzet al of niet gerechtvaardigd is. Daarom is de krant niet al te kwistig met de term ‘terrorist’. Dan liever ‘neutrale’ termen, zoals ‘rebellen’, ‘strijders’, ‘opstandelingen’ of ‘militanten’. Maar weer liever niet ‘vrijheidsstrijders’, want: ‘dat klinkt zo heldhaftig en positief’. In mindere mate geldt dit ook voor ‘verzetsstrijders’.

Het blijft een kwestie van smaak en taalgevoel, maar feit is dat sommige lezers de term ‘strijder’ dus niet zo neutraal vinden als de krant het bedoelt.

De chef van de buitenlandredactie vindt dat in het specifieke geval van Yago R. best het woord ‘terrorist’ gebruikt zou kunnen worden: de man is tenslotte veroordeeld wegens lidmaatschap van een terroristische organisatie. ‘Veroordeelde Syriëganger’ is feitelijk correct (en ook wel gebruikt), maar leent zich door de lengte niet snel voor een kop in de krant.

Toch zal ‘strijder’ de boventoon blijven voeren, zegt hij: ‘Omdat wij IS altijd hebben gezien als onderdeel van de Syrische burgeroorlog, in plaats van alleen de terreurorganisatie die het voor de rest van de wereld is. Wanneer je meerdere partijen moet beschrijven, zoeken wij naar een zo neutraal mogelijke benaming. De Syrische president Assad noemen we ook niet ‘oorlogsmisdadiger’, terwijl daar best iets voor te zeggen valt. En wat zouden we moeten met het Vrije Syrische Leger, dat mensen standrechtelijk executeerde? Om buiten die discussie te blijven, ­gebruiken wij dus een neutrale term.’

Met maar één nadeel: dat sommige lezers dat niet zo zien. Opdracht van de week: bedenk een neutraler alternatief (mailadres: zie hieronder).

Klachten in dit verband gingen ook over de vrouwen van Syriëgangers. Zijn zij ‘jihadbruiden’? ‘IS-bruiden’? Ook die termen zijn sommige lezers te vergoelijkend. Alsof ze állen willoos of gedwongen meereisden met hun man. De woorden duiken geregeld op in de media (‘kalifaatmeisje’ is voorbehouden aan de Nederlandse Laura H.), maar de waarheid is dat die in de Volkskrant vrijwel nooit worden gebruikt. ­‘Jihadbruid’ heeft welgeteld viermaal in de kolommen gestaan, ‘IS-bruid’ slechts eenmaal, in een ­bericht over de vrouw van Yago R.

Over haar gesproken: zij werd in de krant verschillend aangeduid. Op de opiniepagina ging het over ‘Shamima B., een 19-jarige Britse vrouw die is uitgereisd naar Syrië, en daar is getrouwd met de Nederlandse jihadist Yago R.’ In een ander stuk ging het over ‘R. en zijn Britse vrouw (…)’ – op de puntjes stonden haar voor- en achternaam voluit vermeld.

Dat de man met initiaal vermeld wordt, ook al is hij geen verdachte meer maar veroordeelde dader, is Volkskrantbeleid. Je kunt betogen dat de vrouw hier – anders dan haar veroordeelde man – geen verdachte is, noch veroordeeld (hoewel de Britse autoriteiten wel haar paspoort hebben afgenomen). Aangezien zij Brits is (of was), zou je kunnen betogen dat privacy voor een Nederlandse krant hier een minder grote rol speelt. Maar welke regel je hier ook hanteert, het verklaart niet waarom de vrouw in het ene artikel anders wordt behandeld dan in het andere. Gelijke monniken, ongelijke kappen – dat is meer iets voor het kalifaat dan voor de krant. 

Post van een lezer: ‘Ambulancebroeder’ is achterhaalde term

‘Wie een agent of ambulancebroeder een klap geeft of een schop verkoopt, belandt straks altijd in de cel.’ In het Stijlboek staat dat ‘verpleegkundige’ de voorkeur geniet; ‘ambulancebroeder’ (en ‘verpleegster’) zijn achterhaalde woorden. In deze tijd, waarin het beroep niet zo’n best imago heeft, helpt het niet dat media schrijven over verpleegsters en ambulancebroeders. Wij zijn verpleegkundige, dus ook ambulanceverpleegkundige.

Frans Leliveld, IC-verpleegkundige

Automatisme dreef de verslaggever, zegt hij. ‘Het leek me beter en beeldender dan de ‘functionarissen met een publieke taak’ waarover de minister het had. Dat een ambulancebroeder ook een vrouw kan zijn, lijkt me zo klaar als een klontje.’ Dat had duidelijker gekund. Het woord ‘verpleegster’ stond dit jaar tien keer elders in de krant. Te vaak. De ‘ambulanceverpleegkundige’ heeft de krant nog niet gehaald, de ‘verpleegkundige’ al wel dertig maal dit jaar. 

De Ombudsman behandelt vragen, klachten en opmerkingen over de inhoud van redactionele ­pagina’s en journalistieke aanpak. ombudsman@volkskrant.nlvolkskrant.nl/ombudsman

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.