Column

‘Klim jij even door het badkamerraampje’, zei de hoogbejaarde patiënt tegen de huisarts

null Beeld
Redactie

Een hoogbejaarde dame belt de huisartsenpraktijk. Ze is niet bedreven in het bellen met een mobiel en houdt de telefoon bij haar mond, in plaats van aan haar oor. Ze blijft herhalen dat de huisarts moet komen en snel. Het wordt de assistente niet duidelijk wat er aan de hand is, maar meestal belt deze dame niet voor niks.

De huisarts onderbreekt zijn bomvolle middagspreekuur en stapt in de auto. Hij treft de patiënte aan op het bankje voor haar huis. ‘Hè hè, ben je daar eindelijk’, zegt ze. ‘Het is koud en ik kom mijn huis niet meer in. Klim jij even door het badkamerraampje?’ De huisarts is verbluft maar klimt, zoals gevraagd, door het nauwe raampje. Na twee minuten heeft hij de voordeur van binnenuit geopend. In zijn trui zit een winkelhaak. ‘Bedankt jongen, en laat je trui maar even hier, die maak ik wel voor je.’

De huisarts vraagt haar nog waarom ze niet heeft gebeld met haar zoon (‘Te dik voor het badkamerraampje’) of de politie (‘Die ga ik hiervoor toch niet lastig vallen!?’). In zichzelf grinnikend rijdt hij, in zijn T-shirt, terug naar de praktijk om zijn uitgelopen middagspreekuur af te ­maken.

Veel collega’s zetten met liefde een ­extra stapje voor een patiënt. Ze smeren een boterham aan het eind van een visite, vervangen de batterijen van een gehoorapparaat, helpen bij het aanvragen van een DigiD-code, zamelen kleding in voor een arm gezin, schrijven een verweerschrift voor een analfabete patiënt, of verschonen een bed van een terminale patiënt als mantelzorg en thuiszorg niet beschikbaar zijn.

Het zijn stuk voor stuk voorbeelden die de betrokkenheid en bevlogenheid van de ­gemiddelde huisarts illustreren. Voorbeelden van medemenselijkheid en wederzijds vertrouwen die voor veel huisartsen de ­reden vormen om elke dag opnieuw voor het vak te kiezen. Die het vak een vleugje ­romantiek geven en het werk de moeite waard maken. Toch bestaat ook het risico dat je met het zetten van dat extra stapje in een valkuil stapt. Want je schept verwachtingen waarmee grenzen verschuiven en wensen veranderen.

Mijn schoonvader, een gepensioneerde dorpshuisarts met ruime ervaring in de verloskunde, vertelde hoe hij eens op een zaterdag met spoed door de zoon van de boer werd geroepen. ‘Dokter, kom snel! Het lam komt er niet uit!’ Met kunst en vliegwerk lukte het mijn schoonvader het in baringsnood verkerende schaap te helpen. Het lam kwam gezond en wel ter wereld. Toen de rust was wedergekeerd stelde mijn schoonvader vast dat de dierenarts nog steeds niet ter plaatse was. ‘O, maar die heb ik niet gebeld. De dierenarts is mie veuls te duur’, had de boer toen zonder blikken of blozen gezegd.

Mijn schoonvader vertelt het verhaal nog altijd met een glinstering in zijn ogen. Net als mijn collega die voor de buitengesloten dame door het badkamerraampje klom. ‘Op een dergelijke ervaring kan ik maanden teren’, had hij gezegd. En dat ís ook zo.

Maar het is ook dubbel. Want we klagen steen en been over de veeleisendheid en beperkte zelfredzaamheid van patiënten. Over de laagdrempeligheid waarmee patiënten, zorgverzekeraars of de overheid ons ­probleemeigenaar maken van zaken die we niet willen of kunnen oplossen. Vooral omdat ons bordje al zo vol is.

Maar er bestaat een groot verschil tussen het bord dat door anderen wordt opgeschept en een bord dat je zelf volschept. Met andere woorden: van sommige extra stapjes krijg je energie, van andere de rambam.

De vaccinatietoestand in de huisartsenpraktijk is een mooi voorbeeld van dat laatste. Dat heeft vooral te maken met een ­gevoel van zelfbeschikking en autonomie. Met waardering en erkenning. Ruimte om naar eigen inzicht een extra stapje te kunnen zetten vergroot het werkplezier, leidt tot duurzame inzetbaarheid van huisartsen en, daarmee, tot betere zorg.

We zullen moeten waken voor de steeds verder opgerekte grenzen van het vak en de druk die wordt uitgeoefend door diverse partijen. Het vak moeten afbakenen overdag en vooral in de dienst waarin we worden overspoeld met niet-urgente (zorg)vragen.

Want alleen dan blijft er tijd en ruimte over voor een extra stapje. In een richting die wij als zorgprofessional belangrijk en nodig achten. Niet om een vinkje te zetten of een lijstje af te strepen, maar in het belang van de patiënt en daarmee van onszelf.

Danka Stuijver is huisarts

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden