Column Aleid Truijens

Klemgezette generatie? Tijd voor een jongerenpartij

Je zou het niet zeggen, als je op een zwoele zomeravond langs een terrasje fietst: de glazen tinkelen, ze hangen relaxed in de banken, hun lach klatert over het plein. Ze zien er onwaarschijnlijk mooi en gezond uit, met hun sportschoollijven, glanzend haar en rechte witte tanden. Het uitgewoonde, altijd brakke type jongere dat zich uitsluitend voedt met diepvriespizza lijkt uitgestorven. Toch zijn deze goed gelukte jonge mensen een klemgezette generatie.

Kijk je naar cijfers en statistieken, dan zie je de tegenstrijdigheid. Dit zijn geweldige kinderen, altijd geweest. Dat vonden pappie en mammie ook. Er is hun verteld dat ze álles konden bereiken, als ze hun best maar deden. En dat deden ze. Ze vormen gemiddeld de hoogstopgeleide generatie ooit. Ze staken zich in de schulden. Ze waren niet te beroerd voor bijbaantjes. Ze liepen meerdere stages of verkochten hun arbeid gratis op werkervaringsplaatsen. Ze ‘investeerden’ gehoorzaam in zichzelf.

Maar de werkelijkheid hield zich niet aan die afspraak. Veel millennials – vooral degenen die tijdens de crisis afstudeerden – bleven hangen in studentenbaantjes en deden geen ervaring op in echte banen. De arbeidsmarkt trok aan, maar een vast contract zit er zelden in. Dat vinden de meesten geen ramp – ze zijn flex van nature – maar de gevolgen zijn vervelend: ze kunnen geen hypotheek krijgen en voor een huurhuis in de vrije sector verdienen ze te weinig. Voor een sociale huurwoning zijn de wachttijden in de grote steden eindeloos.

Jongeren met een vaste baan komen er trouwens evenmin tussen. Wie, samen of alleen, meer verdient dan modaal – 2.120 euro netto – krijgt geen sociale huur­woning, maar met een inkomen van 2.200 euro kun je onmogelijk een vrijesectorwoning huren. Om een huurwoning van 1.500 euro te bemachtigen, moet je minimaal 4.500 euro netto verdienen. Welke jongere sleept dat binnen?

Dus kunnen ze nergens wonen. Ze moeten, net als in de jaren vijftig, ‘inwonen’ bij hun ouders of houden studentenkamers bezet. Ze wachten lang totdat hun volwassen leven begint, ze krijgen laat kinderen. Geen wonder dat die stralende jongeren hun leven een steeds lager rapportcijfer geven en dat velen lijden aan stress.

Dit is de eerste generatie die het slechter krijgt dan haar ouders. Er is een nare generatiekloof. Veel ouderen zijn, met dank aan de woningmarkt, schatrijk geworden. De economie groeit en bloeit vorstelijk, maar de weelde komt niet bij de werkenden terecht, en zeker niet bij de jongeren. Als ik mijn kinderen vertel over mijn leven als twin­tiger, valt hun mond open. Vrijwel gratis studeren en ­wonen! Een riante uitkering als je geen passend werk vond! Toen ik in 1978 mijn kraakhuisje uit moest, gaf de ­gemeente mij een goedkope huurwoning en 3.500 gulden verhuiskosten.

Dat gepamper was overdreven en leidde tot gemakzucht. Maar we zijn doorgeslagen met ‘eigen verantwoordelijkheid’. Een eerlijker woningmarkt is echt mogelijk: starters voorrang geven, de huur voor de middeninkomens beschermen, de woningvoorraad uit handen van beleggers houden.

Jongeren zullen dat beleid zelf moeten afdwingen. Waarom geen jongerenpartij opgericht? De traditionele politieke partijen zullen nooit helemaal tegen de belangen van de zittende generatie kiezen. Hoog tijd voor een dwingende tegenmacht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden