Verslaggeverscolumn Margriet Oostveen in Leiden

Kinderrechten lijken een beetje een hobby, tegenwoordig

. Beeld .

Wordt er wel genoeg geluisterd naar Ton Liefaard, Unicef-hoogleraar kinderrechten aan de Universiteit Leiden? Een man die nog hardnekkig u blijft zeggen. Zeer precies is hij, op het saaie af. Het type deskundige zonder soundbites, dat niet meer uitvoerig wordt geïnterviewd. Ik vind dat onterecht.

Want anderen mogen onweersproken hapklare dingen blijven roepen, waarvan ze wéten dat die niet waar te maken zijn. Wie corrigeert hen nog buiten studeerkamers en rechtszalen? Zoals Dylan Yesilgoz, Kamerlid voor de VVD? Over de kinderen uit IS-gebieden zei zij: ‘Wij willen deze kinderen niet terug.’

Ton Liefaard offreert een chocolaatje in zijn werkkamer op de rechtenfaculteit en zegt: ‘Het waarborgen van de Nederlandse veiligheid is van evident belang, maar je móet de vraag stellen of de belangen en rechten van die kinderen voldoende aandacht krijgen. Daar hebben we onszelf als Nederlandse staat toe verplicht. En dat is duidelijk ondergesneeuwd.’

Ton Liefaard Beeld Jiri Buller

Morgen is Internationale Dag van het Kind. En bestaat het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind van de Verenigde Naties, kortweg het kinderrechtenverdrag, dertig jaar. Daarin is die verplichting dus vastgelegd. Voor alle kinderen. Heel mooi. En lastig dus. Maar wie in segregerend Nederland, behalve de deskundigen, neemt het kinderrechtenverdrag nog serieus?

Deze zomer schreef Liefaard het (twintig pagina’s vol juridische mitsen en maren lang) al in het Nederlands Tijdschrift voor de Mensenrechten. De uitspraak van de rechtbank in Den Haag vorige week, in het kort geding dat 23 vrouwen uit voormalig IS-gebied hadden aangespannen tegen de Nederlandse staat, volgt dezelfde lijn: Nederland heeft wel degelijk een ‘inspanningsverplichting’ om 56 kinderen terug te halen. Niettemin probeert het kabinet er in hoger beroep nogmaals onderuit te komen.

Het schenden van sommige kinderrechten dreigt in Nederland wat al te gewoon te worden. Op 6 november rapporteerde Unicef na onderzoek in Zweden, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Nederland dat Nederland het vaakst kinderen in de cel zet als ze niet de juiste migratiestatus hebben. In Nederland belandden vorig jaar 210 kinderen in vreemdelingendetentie, sommige zaten ruim 80 dagen vast.

En 8 november kwamen de Inspecties voor Gezondheidszorg en Jeugd en voor Justitie en Veiligheid met hun vernietigende oordeel: verwaarloosde en mishandelde kinderen worden door de Nederlandse overheid volkomen ontoereikend beschermd. Mishandelde kinderen moeten hier gemiddeld acht maanden wachten op hulp.

Mishandelde kinderen moeten gemiddeld acht maanden wachten op hulp. Beeld ANP XTRA

Niet dat dit een verrassing was, kinderrechtenorganisaties hebben er al vaak voor gewaarschuwd. Maar ja kinderrechten: toch een beetje een hobby, tegenwoordig.

Ton Liefaard wijt het ook aan onze consensuscultuur, die voor kinderen in nood een moeras is waarin je beter niet verzeild kunt raken. We zijn hier zo gewend de dingen ‘met elkaar’ op te lossen dat ‘de urgentie snel verdwijnt in het vele overleg rond een kind.’ Waarbij bestuurlijke verantwoordelijkheid voor kinderen handig te ontlopen is, omdat ‘met de decentralisatie van de jeugdzorg rond kinderen ook een decentralisatie van verantwoordelijkheden heeft plaatsgevonden.’

In nette woorden iets verschrikkelijks constateren, ja, dat kan Ton Liefaard goed.

Het kinderrechtenverdrag is door 196 landen geratificeerd en Nederland deed dat in 1995. Sindsdien zijn we verplicht ons eraan te houden. Naleving wordt gecontroleerd door het Kinderrechtencomité van de VN, Nederland moet iedere vijf jaar verantwoording afleggen. Komend jaar gebeurt dat voor het eerst op basis van een vooraf bepaalde ‘lijst van issues’. Alle relevante organisaties voor kinderen in Nederland, van ngo’s tot Kinderombudsman en de Nationaal Rapporteur Mensenhandel, hebben daarvoor zorgwekkende ontwikkelingen aangedragen. Op basis daarvan heeft het VN-comité Nederland in oktober opheldering gevraagd over onder meer de transformatie van de jeugdzorg, het terugdringen van armoede en het beschermen van vluchtelingenkinderen.

Wat mij het meest verontrust in die ‘lijst van issues’: dat kinderen die hulp nodig hebben, in Nederland botweg buiten beeld raken. Zélfs na een melding bij Veilig Thuis, toch juist bedoeld om kinderen ín beeld te krijgen, verdwijnen ze volkomen uit het zicht. De ernst is bijna niet te bevatten. ‘De Rijksoverheid noemt zich verantwoordelijk voor het hele stelsel, maar ik heb nooit begrepen wat dat sinds de decentralisatie precies betekent’, zegt Liefaard droogjes. ‘Dat vond ik echt een probleem, omdat Nederland als Rijksoverheid verantwoordelijk is voor het naleven van kinderrechten in Nederland.’

Nederland is volgens Unicef het land met de gelukkigste kinderen ter wereld, maar volgens Liefaard betekent dat voor kinderen met domme pech dus zo goed als niets: ‘Als je in Nederland zorg nodig hebt, of je bent hier niet geboren, of je kunt niet zomaar meedoen vanwege de sociale positie van je gezin, dan is Nederland helemaal niet zo mooi voor je. Dan is het erop of eronder.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden