Column Peter Middendorp

Kijk eens wat vriendelijker naar je noodlot, probeer eens een lach

Het is een inzicht of een besef waarop ieder mens weleens wordt getrakteerd, zomaar op de fiets met een flits in de kruin of na enkele decennia van diepzinnige studie: er is geen God, de wereld is onkenbaar, het leven is nutteloos en we gaan ook nog dood.

In de eerste helft van de Mythe van Sisyphus laat Albert Camus zien dat veel van de grote filosofen, aangekomen op dit punt van hun studie naar de aard en de betekenis van het bestaan, naar het geloof beginnen te grijpen. Naar hun motieven laat hij ons raden, maar zou het uitputting kunnen zijn, wanhoop misschien? Of is de honger naar kennis gewoon kleiner dan die naar verlossing?

Het is in elk geval een mooie boel. De filosofen hebben van het probleem de oplossing gemaakt. Als ik niet alles kan verklaren, noem ik alles wat ik niet kan verklaren God. Geen troost is God is troost. Dat is de zwendel waarop het gebouw van onze zingeving staat te wankelen de hele tijd – geen wonder dat je er nooit wat aan hebt.

Net als Camus in 1942 was ik vorige week ook een beetje teleurgesteld in de filosofie. Want dit is niet alleen opgeven wat ze doen. Het is veel erger. Dit is de nederlaag heilig verklaren, er een kerk omheen bouwen en de rest van je leven in dankbaarheid aanbidden. God is zo een filosofisch Stockholmsyndroom.

Door te geloven of door er een einde aan te maken leggen we ons neer bij ‘het absurde leven’, schrijft hij, dat ontstaat uit ‘het roepen van de mens en het zwijgen van de wereld’. Iedereen zou een eigen reden moeten vinden om te willen blijven leven – dat is wat ik ervan maak. Hij schrijft: ‘Men moet niet vrijwillig maar opstandig sterven.’

Camus stelt vrijheid en opstand tegenover aanvaarding. Dat zijn onze wapens als we het absurde leven op een nieuwe manier tegemoet treden, de borst vooruit, de kin omhoog. Uitstralen: wat kan mij het schelen dat ik geen zin heb. Mij heb je er niet mee.

Ik doe hem vast tekort, zoals ik andere filosofen tekort heb gedaan, maar dan hadden ze het ook maar niet zo ingewikkeld moeten maken. Maar soms lijkt het alsof hij wil zeggen: als je niets kunt veranderen aan je positie in dit lege universum, verander dan de houding tegenover je positie. Kijk eens wat vriendelijker naar je noodlot, probeer eens een lach. Mindful sta je echt anders tegenover het vuurpeloton.

En tijdig een eind fietsen, die aansporing lees ik bij alle filosofen wel en sprong me bij Camus ook weer van de pagina’s. Uiteindelijk is dat ook een van de weinige antwoorden op de vragen die het leven ons stelt. Uur, anderhalf. Serieus doortrappen, totdat het zweet op je hoge voorhoofd staat. Het leven heeft geen zin, maar fietsen wel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden