Opinie

Kan een robot mensen vervangen?

Het gebruik van robots zal beperkt blijven tot overzichtelijke deelgebieden.

Japanse meisjes vermaken zich met een robot in museum Miraikan in Tokio, november 2014. Beeld An-Sofie Kesteleyn

Vliegtuigen hebben nu eigenlijk al geen piloot meer nodig om van A naar B te vliegen. In de VS worden robots ingezet om allerlei ingewikkelde operaties uit te voeren, zelfs operaties waarvoor ervaren chirurgen terugdeinzen. Robots werden al uitbundig gebruikt in fabrieken, en nu gaan ze ook slimme taken van mensen overnemen. Bestaat uw baan over vijf jaar nog?

Automatisering omvat het machinaal afhandelen van administratieve zaken en productie, inclusief het huidige bestellen via internet. Bij de komende robotisering zullen ook slimme menselijke taken door computers worden vervangen - dat zal nog meer banen gaan kosten.

Computers/robots zijn fantastische apparaten, waarmee je grenzeloos kunt zoeken, rekenen en nog heel veel meer. Bovendien kun je hun werking direct veranderen door het laden van een ander programma. Ze kunnen routinetaken feilloos uitvoeren, zo vaak als je maar wilt. Allemaal zaken die mensen slecht afgaan. De vraag bij robotisering is daarom: Kan iedereen door een computer vervangen worden? Wat zijn de beperkende factoren hierbij?

Wie is verantwoordelijk?

Principieel gezien is hun programmeerbaarheid de grootste beperkende factor. Robots kunnen prima mensen vervangen maar alleen als álle acties en uitzonderingen geprotocolleerd kunnen worden. Dat kan lang niet altijd. Mensen blijven nodig voor taken met onvoorzienbare uitzonderingen.

Verantwoordelijkheid is ook een beperkende factor. Robots kunnen geen verantwoordelijkheid nemen, dat kan alleen hun ontwerper, leverancier of gebruiker. Wie verantwoordelijk is, wordt een steeds belangrijker vraag in onze huidige claimcultuur. Die vraag wordt echter steeds moeilijker te beantwoorden naarmate robots slimme taken gaan overnemen en hun werking complexer wordt. Wie begrijpt dat nog?

Er is ook een economische beperking voor kleine aantallen, waarbij robotisering niet kostenlonend is. Het ontwerpen, programmeren én testen van robots blijft mensenwerk, een kostbare zaak.

En er is een praktische beperking. Ons brein en lichaam bevatten een onvoorstelbare hoeveelheid aan zenuwcellen (circa 100 miljard, 17x het aantal mensen op aarde) die ook nog eens met elkaar gekoppeld zijn, waardoor hun complexiteit nog exponentieel toeneemt.

Die zenuwcellen bevatten de bewuste en onbewuste neerslag van alle ervaringen die we in ons leven gehad hebben. De complexiteit daarvan is veel te groot en bovendien ongrijpbaar om voor een robot te protocolleren - gebruik van robots zal daarom beperkt moeten blijven tot voor de mens overzichtelijke deelgebieden. Ook al zullen in de loop van jaren die deelgebieden wel steeds groter worden door de opgebouwde ervaring.

Denk meer mensgericht

Ten slotte zijn er nog de sociale beperkingen voor het gebruik van robots op het menselijk vlak. Accepteren we een antwoordrobot die maar steeds niet begrijpt wat je wilt? Accepteren we een robot die steeds dezelfde domme dingen doet?

Mensen leren van hun ervaringen, maar automatisch leren is ondoenlijk in een computer omdat ons leren stoelt op menselijke context en begrip - die niet te protocolleren zijn. (Dat is wel mogelijk voor het Go-spel (19x19 posities), zie de zelflerende spelcomputer DeepMind van Google.)

Computers en robots zullen daarom ondergeschikt aan mensen blijven, hoe geavanceerd ze ook worden. Ze passen in de evolutie van hulpmiddelen die is ingezet vanaf het stenen tijdperk. Robots perfectioneren de automatisering en vullen ons verder aan. Robotisering zal wel nog meer banen gaan kosten dan automatisering en nog sterker ingrijpen in onze levens - dat vereist nu onze aandacht.

We moeten ons goed voorbereiden op de aanstaande overgang naar robotisering. In de allereerste plaats zullen we meer mensgericht moeten leren denken, niet de technologie als alleenzaligmakend beschouwen. Verder moeten we erover nadenken hoe we robots kunnen benutten om op een duurzame manier ons bestaan te verbeteren. En ook hoe we mensen kunnen klaarstomen voor het robottijdperk: meer aandacht voor de techniek en het begrip van mensen. Goede voorlichting is essentieel omdat angst voor robotisering en de resulterende veranderingen, makkelijk aanleiding kunnen geven tot ongezonde stress en burnout - die ontstaan door een gevoel van machteloosheid.

Mensen zullen nodig blijven om de invoering en het gebruik van robots in goede banen te leiden. Aandacht voor en begrip van onze speciale menselijke kwaliteiten zijn daarbij nu meer nodig dan ooit tevoren. We moeten begrijpen dat robots een hulpmiddel zijn dat ons kan helpen, maar ons niet zal kunnen vervangen.

Hein van Steenis studeerde in Delft en Stanford University, en werkte 27 jaar bij IBM Nederland, o.a. als coördinator ergonomie. Na zijn pensionering was hij columnist, journalist en auteur van boeken. Zijn laatste boek is Veranderen is effe wennen, zie: www.vsteenis.nl.

Wat kan een robot niet?

Wij beschouwen menselijke eigenschappen en ervaring als heel gewoon en hebben vooral oog voor allerlei technische hoogstandjes. Dat is een onjuiste gedachtegang! Een ervaren chirurg doet veel meer dan alleen een operatie uitvoeren. Een robot kan het technische precisiewerk doen áls dat geprotocolleerd kan worden. Maar kan een robot ook patiënten geruststellen, de juiste diagnose stellen en een goede behandeling kiezen, een werkvolgorde vaststellen, optreden in onvoorziene gevallen of begrijpen dat opereren toch niet de juiste oplossing is?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.