'Juist nu kan Boogerd de kopman zijn die hij op de fiets nooit werd'

Gisteren kwamen nieuwe feiten over structureel dopinggebruik bij de Rabobankploeg aan het licht. Columnist Jan Beuving kijkt met lede ogen naar dezelfde Michael Boogerd waar hij vroeger voor juichte.

Michael Boogerd wint de koninginnerit naar La Plagne in 2002Beeld ANP

Toen Michael Boogerd de koninginnerit in de Tour de France won, was ik op vakantie met mijn ouders in Frankrijk. Het was zo'n dag met drie Alpencols, en een televisie-uitzending die al vroeg begon. Ik zat vanaf het startsein voor de Franse televisie, en zag Boogerd meespringen. Om twee uur verruilde ik het Franse tv-commentaar voor de krakerige Wereldomroep. In de loop van de dag sloten zich steeds meer gezinsleden aan. Met de aanmoedigingen van Jan Douwe Kroeske en Tom van 't Hek, en op de klanken van de beroemde finishmuziek, zagen we Boogerd uit de klauwen van Armstrong blijven.

Voor mij, van de generatie die Erik Breukink alleen maar kent van meer dan één 'jour sans' per ronde, en Steven Rooks en Gert-Jan Theunisse slechts van hun nadagen, was Boogerd de man die voorop alle tourgidsen stond. Altijd gevaarlijk op het WK wielrennen, altijd goed in de Amstel Gold Race, en hoeveel Spaans en Frans dopingbloed er ook voor vloeien moest: hij werd vijfde in de Tour van 1998. Uit die klassering destilleerden wij de belofte van een grote ronderenner. Een belofte die nooit werd ingelost, maar die ene dag op La Plagne, aan tv en kortegolf gekluisterd, maakte alles goed.

Omdat Boogerd niet de kopman kon zijn die Rabobank wilde, werden er mannen van buitenaf ingevlogen. Een nietszeggende Amerikaan, een stille Rus en een maniakale Deen. Boogerd diende ze allemaal, en bleef tot hij stopte de voorman van het Nederlandse wielrennen. Nu juist de nietszeggende Amerikaan gepraat heeft, wordt het tijd dat ook de Nederlandse tongen loskomen. Altijd wordt er dan gekeken naar Michael Boogerd. Eerder zei hij al dat hij voor een commissie was, waar iedereen zou praten. Gisteren tekende Herbert Dijkstra, naar aanleiding van de onthullingen in NRC, uit Boogerds mond op dat eerst zijn ploeggenoten moesten praten, want Boogerd wil niet de kop-van-jut zijn. Boogerdje wil best hangen, maar dan minimaal met twee andere misdadigers aan zijn zijde.

Maar juist nu kan Boogerd de kopman zijn die hij op de fiets nooit werd. Juist hij moet als eerste praten, en dan zal de rest volgen. Je kunt beter lekrijden in de kopgroep dan achter in het peloton. De Wereldomroep bestaat niet meer, maar de herinnering van een juichende puber voor een klein Frans tv'tje nog wel. Ik hoop dat Michael Boogerd dat beeld niet in wil ruilen voor dat van een oud-renner die te bang was om op de blaren te zitten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden